Column

IJsberen zijn gered dankzij ordinair economisme

Column Sheila Sitalsing

Of misschien werd men aan de top toch een tikje zenuwachtig van de aan de poorten rammelende demonstranten.

Scheveningen, mei 2015: Greenpeace voert actie met een levensgrote ijsbeer voorafgaand aan de algemene aandeelhoudersvergadering van Shell bij het Circustheater in Scheveningen. Beeld anp

Minuten nadat Shell maandag had aangekondigd de queeste naar poolijsolie in Alaska te staken, stonden allerhande partijen klaar om zich de overwinning toe te eigenen.

Zo was er Greenpeace, verklaard tegenstander omdat Shell voornemens was bij het boren naar olie het poolijs te smelten, het milieu te vernietigen en de ijsbeer uit te roeien. Met Emma Thomson, zwaaiende ijsbeertjes - bye! bye! - en spandoeken met WE DID IT! werd gisteren derhalve ongeremd feest gevierd. Dit is waar consequent protesteren, schepen tegenhouden, ronddobberen in kajaks tussen de boorplatformen, en mensen mobiliseren toe kunnen leiden: een van 's werelds grootste bedrijven op de knieën krijgen. Slik dat maar, klimaathaters.

Zo waren er grote aandeelhouders zoals het pensioenfonds ABP, verklaard tegenstander omdat de opbrengsten te ongewis en de financiële risico's te groot waren, om maar te zwijgen van de potentiële milieuramp die olielekkages in onherbergzaam gebied zouden kunnen veroorzaken. Zoiets zou aandeelhouders grote sommen geld kunnen kosten. Het ABP vierde gisteren een iets ingetogener feestje, maar het geloof in eigen kunnen was er niet minder om. In het Financieele Dagblad legde een woordvoerder één en ander uit als het bewijs voor groeiende aandeelhoudersmacht: 'Dit laat zien dat aandeelhouders echt invloed hebben op de bedrijven waarbij ze betrokken zijn, en op die manier ook veranderingen teweeg kunnen brengen.' Slik dat maar, iedereen die probeert vol te houden dat aandeelhouders sukkels zijn die zich met een kleurenfolder continu het bos in laten sturen door het overbetaalde bedrijfsbestuur.

Zelf zegt Shell dat het gewoon te duur en te ingewikkeld werd. Shell is gewend om te werken onder extreme omstandigheden: in bizarre klimaatzones bij min 20 of plus 40 graden, ver verwijderd van de beschaafde wereld, in gebieden waar de begrippen eigendomsrechten en wetgeving enkel grappenderwijs worden gebruikt, en in landen met regeringen die geen been zien in het langdurig opbergen van tegenstanders, dan wel in het afhakken van hoofden indien de situatie daarom vraagt.

Toch sneuvelde een van 's werelds invloedrijkste ondernemingen op het poolijs. Het werken is er duur wegens extreme kou en ijs, de eerste verkenningen leverden teleurstellend weinig olie op en de Amerikanen lopen te klooien met wetten en voorschriften - door Shell 'uitdagende en onvoorspelbare regelgeving' genoemd.

Over de krachten van buiten die zichzelf als doorslaggevende factor op de kaart trachten te zetten, rept het bedrijf met geen woord. Dat is vermoedelijk nuffigheid, want intern zullen er wel degelijk zorgelijke vergaderingen zijn belegd over al die anti-reclame en de steeds weer opduikende foto's van die klote-ijsberen - alsof dat zulke lieverdjes zijn. Reputatiemanagement is al sinds de Brent Spar een serieus aandachtspunt bij grote ondernemingen. En hoewel niemand een kilometer minder reed vanwege de ijsbeertjes, werd men aan de top misschien toch een tikje zenuwachtig van de aan de poorten rammelende demonstranten.

Misschien.

Want marktkenners noemden meteen een prozaïscher reden: de instortende olieprijs - niet rond de misschien wel 100 dollar per vat in de komende jaren, zoals aanvankelijk was gehoopt, maar krap de helft. Dat ondermijnt de rentabiliteit van het riskante poolijsproject.

Als dat waar is, zijn de ijsberen gered dankzij ordinair economisme.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.