‘Iedereen wist van bierkartel’

Bierbrouwers vormden jarenlang een kartel. Gisteren kregen ze een recordboete...

Van onze verslaggever Pieter Klok

Mark Schneider werkte van 1995 tot 2003 als vertegenwoordiger van Heineken in de regio Eindhoven. In 2003 richtte hij zijn eigen brouwerij op, Olm, waarmee hij een plekje tussen de grote brouwers probeert te veroveren.

Wist u dat directieleden van de brouwers eind jaren negentig samenkwamen om de markt te verdelen en prijsafspraken te maken?

‘Ja. Dat was algemeen bekend. Er was geen personeelslid dat het niet wist.’

Hoe merkte u dat?

‘Als ik voor Heineken een café had veroverd dat was toebedeeld aan een andere brouwer, dan deed Heineken ineens moeilijk over de financiering of de kortingen die ik wilde geven. Als het café wel tot ons doelgebied behoorde, gingen alle remmen los. Soms kreeg ik te horen dat we ergens rustiger moesten zijn. Als Grolsch Heineken niet lastig viel, dan viel Heineken Grolsch niet lastig.’

Hield men zich aan de afspraken?

‘Wie dat niet deed, werd hard aangepakt. Als Bavaria wat had geflikt, bijvoorbeeld door een A-locatie over te nemen, werd er massaal op cafés van Bavaria gejaagd. Heineken heeft zo veel vertegenwoordigers, we hadden een enorme slagkracht.’

Hoe zagen de prijsafspraken eruit?

‘De brouwerijen verhogen de prijzen jaarlijks met eenzelfde percentage. Cafés betalen daardoor ongeveer twee keer zoveel voor hun bier als consumenten in de supermarkt. Elk jaar verhoogde een andere brouwerij als eerste de prijzen, om net te doen of ze geen prijsafspraken maakten.’

Heb je de indruk dat het kartel nu tot het verleden behoort?

‘Nee. Misschien komen de brouwers niet meer bij elkaar om afspraken te maken, maar ze komen elkaar overal tegen. Ze drinken een biertje en besluiten elkaar niet aan te vallen.

‘Ook zonder die afspraken zijn er nog genoeg drempels voor concurrenten en nieuwkomers. Grote brouwers kopen of huren horecapanden of ze verstrekken zulke hoge leningen dat de caféhouder nooit meer naar een andere brouwer kan overstappen. Als een café van brouwer verandert, dan moet de nieuwe brouwer bovendien het oude tapmateriaal tegen nieuwprijs overnemen.’

Is het erg?

‘Niet altijd. Ik maakte ook afspraken met vertegenwoordigers van andere brouwers in mijn gebied. Het heeft geen zin om elkaar kapot te concurreren. Als de markt echt vrij wordt, blijft er maar één brouwer over: Heineken. Als die echt gas geeft, vegen ze iedereen van de markt. Nu zegt Heineken: we hebben 60 procent van de markt, dat vinden we genoeg.’

Om de concurrentie in stand te houden moet je de markt verdelen?

‘Absoluut. Nu worden de kleine brouwerijen extra hard aangepakt. De boete voor Grolsch is in verhouding met de omzet, veel hoger dan bij Heineken. En het geld verdwijnt in een zwart gat. Ze zouden de opbrengst aan kleine brouwerijen moeten geven om een positie op te bouwen.’

\N Beeld
\N
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden