Hou op met wegen bouwen, de files lossen toch nooit op

Mensen staan liever vast in de file dan dat ze ander vervoer kiezen of bij hun werk gaan wonen, constateert Willem de Bruin....

Wordt 2006 het jaar waarin Nederland definitief tot stilstand komt? Ditvoorjaar begint Rijkswaterstaat met de uitvoering van de meest omvangrijkewegwerkzaamheden ooit, wat gepaard zal gaan met een navenante toename vanhet aantal files. Op zo'n tweehonderd plaatsen wordt niet alleen het wegdekvervangen, maar worden ook extra rijstroken aangelegd en andere'knelpunten' weggenomen. Dit alles in de hoop het dreigendeverkeersinfarct, waarbij stilstaan de norm wordt en rijden de uitzondering,nog even voor te blijven.

Zal het helpen? Misschien. Even. Een beetje. Het wordt daarom tijd vooreen andere benadering: leren leven met de files.

Minister Peijs van Verkeer weet als geen ander dat het vechten tegen debierkaai is. Niets doen is echter geen optie, aldus de minister, want danstaat Nederland straks helemaal vast. 'Wie dan met de auto naar zijn werkmoet, kan om 12.00 uur weer omkeren en is dan voor het eten thuis', zeize vorig jaar tegen dagblad Trouw.

Maar waarom nog al die miljarden uitgeven als het uiteindelijk niet meerdan uitstel van executie betekent? Er is genoeg ruimte en natuur opgeofferdin een land dat reeds de hoogste wegendichtheid van Europa kent. Laat losdie illusie dat als de wegen maar breed genoeg worden en die eneontbrekende snelweg (langs bijvoorbeeld het Naardermeer) wordt aangelegdwe weer kunnen doorrijden.

Stel, er is een probleem dat dagelijks honderdduizenden mensen ongemaken overlast bezorgt en de economie voor miljarden euro's schade berokkent.De oorzaken zijn bekend uit ontelbare rapporten en beleidsnota's. We wetenprecies wat er zou moeten gebeuren om de ongewenste ontwikkeling te keren.Toch gebeurt het niet, of in zo'n afgezwakte vorm dat de effectennauwelijks meetbaar zijn en het probleem voornamelijk wordt verplaatst,fysiek en in de tijd. Geplaatst voor de keuze is de oplossing ons de offersniet waard. De lusten wegen kennelijk altijd nog op tegen de lasten. Is erdan eigenlijk wel een probleem?

Passen we deze redenering toe op de files, dan opent dat een geheelnieuw perspectief. Niks geen nieuwe wegen en extra rijstroken. De enigezekerheid die het beleid van de afgelopen halve eeuw heeft opgeleverd isdat nieuwe en bredere wegen nieuw verkeer generen.

Begin januari stelde de Verkeersinformatiedienst ten overvloede vast datbestrijding van de files steeds moeilijker wordt omdat de opstoppingen zichgaandeweg verder over het land verspreiden. Los je het ene knelpunt op, danstaat er binnen de kortste keer een paar kilometer verderop een nieuwefile.

'Blij dat ik rij'. Bondiger is het nooit samengevat. Ook al staan westeeds vaker stil, zolang we het stuur in handen hebben, koesteren we deillusie van de bewegingsvrijheid. Een illusie die de autofabrikanten graagin stand houden in reclamespotjes waarin de bestuurders van de nieuwstemodellen steevast de schilderachtige weg door het idyllische landschap voorzich alleen hebben. En al weten we dat de werkelijkheid op de A2 'sochtends om acht uur een andere is, zonder dromen wordt het levenondraaglijk. Bovendien, dankzij mobiele telefoon, laptop en autoradio wetenwe de tijd in de file steeds beter te benutten. Files? Je went er aan, allerituele klaagzangen ten spijt.

Filosofen, sociologen, economen - wie hebben zich inmiddels niet overde auto gebogen? Wie had gedacht dat de statusfunctie geen rol meer zouspelen op het moment dat iedereen een auto heeft, en het simpele bezitervan niemand meer onderscheidt, is bedrogen uitgekomen. De SUV's en andereasobak-varianten die de Nederlandse wegen in snel tempo onveiliger maken,laten zien dat de wedloop doorgaat.

Hoe 'gewoon' een auto ook is geworden, het behalen van het rijbewijs isnog altijd een soort rite de passage, het bewijs van volwassenheid dat deweg opent naar vrijheid en onafhankelijkheid. Paradise by thedashboardlight, zong Meatloaf al.

Geen product van de industriële revolutie heeft zo'n stempel gedruktop onze manier van leven, op de inrichting van onze steden, het landschapen de economie. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de auto behalvebegeerte ook haat en verzet oproept. Want in iedere autobezitter huizentwee zielen. We prijzen ons gelukkig als we bij Ikea onze aankoop directin de kofferbak kunnen laden, maar we hebben spijt als we na twee uur inde file voor Zandvoort meteen rechtsomkeert kunnen maken omdat nergens meereen parkeerplaats is, we genieten als we in de vakantie over de geleweggetjes van de Michelinkaart rijden, maar vervloeken de auto als wewandelend in het bos in plaats van stilte slechts het lawaai van de snelweghoren. De auto is er, ook als we zouden willen dat hij er niet was.

'Het mag sommigen wat radicaal klinken, maar ik geloof dat we hetautomobilisme, of liever gezegd, het weergaloze, wereldwijde succes en devernietigende kracht van het automobilisme alleen kunnen begrijpen als wehet vergelijken met het fascisme, als we het niets ontziende,molochistische en totalitaire karakter van het automobilisme herkennen alseen informeel fascisme van alle dag. Vulgair straatfascisme.' Deze krassetaal van H.J.A. Hofland in het Zaterdags Bijvoegsel van NRC Handelsbladging menig lezer destijds - juli 1989 - te ver, getuige de bozeingezonden brieven. Nochtans maakte zijn verbale uitbarsting duidelijk datde dominantie van de auto zich niet in louter rationele termen laatbeschrijven.

Wie het positiever wil zien, kan de auto beschouwen als het symbool vanwelvaart en vooruitgang, als de triomf van het op individuele vrijheidgebaseerde kapitalisme. Zo bekeken is de opmars van de auto mondiaal gezieneen gunstig teken, als we het broeikaseffect even negeren.Verkeersopstoppingen zijn inmiddels inherent aan het leven in vrijwel allegrote steden van de wereld. Een toename van het gemiddeld besteedbareinkomen in een land met 1 procent, betekent een groei van het aantal auto'smet 2 procent. Wie wil weten wat hiervan het effect is, hoeft slechts naar China te kijken.

In veel rijke landen, Nederland niet uitgezonderd, groeit de bevolkingnog maar langzaam of helemaal niet meer. Wie daaruit de hoop put dat ookde files niet meer zullen groeien, kan wel eens bedrogen uitkomen.Voorlopig neemt het aantal huishoudens nog toe en daarmee het aantalverplaatsingen. Want het maakt een verschil of een gezin van vier personeneen auto bezit of vier alleenstaanden ieder een eigen auto hebben.Bovendien beschikt nu reeds 20 procent van alle huishoudens over meer daneen auto.

De Duitse socioloog Ulrich Beck introduceerde ooit het begripSpagatfamilie, waarbij woon- en werkplaats dankzij de auto definitief zijngescheiden. Vader en moeder wonen in zo'n geval in bijvoorbeeld LeidscheRijn, maar vader werkt in Amersfoort en moeder in Nieuwegein. Het openbaarvervoer, ja dat was er nog niet toen ze daar als een van de eerste gezinnenkwamen wonen en voor je het weet ben je gewend aan de auto. Bovendien wonenbijna alle vrienden en kennissen ook weer ergens anders en dan hebben wehet nog niet over het tennispark en de golfbaan - uitsluitend per autobereikbaar - en de school van de kinderen. Ze zouden best met de fietskunnen, maar toch brengen we ze liever omdat de weg te gevaarlijk wordtgevonden vanwege al die auto's van al die andere ouders die hun kinderennaar school brengen.

Het bizarre gevolg van de ontstuitbare verstedelijking in een landzonder een echte grote stad - en een daarbij behorend hoogwaardig openbaarvervoer - is dat alleen in de Verenigde Staten nog meer autokilometersworden gemaakt.

Vijf jaar geleden baarde de VROM-raad (de belangrijkste adviesraad vande overheid inzake verkeer, ruimtelijke ordening en milieu) opzien toen zijhet kabinet adviseerde de strijd tegen de auto op te geven, omdat deze nietwas te winnen. Was die strijd dan ooit gevoerd? Op papier zeker, maar inde praktijk?

Het moet de autolobby worden nagegeven dat zij erin is geslaagd hetbeeld te vestigen van een overheid die de hardwerkende burger zijn autootjemisgunt. In werkelijkheid was sprake van een vrijwel autonome groei van hetsnelwegennet en het autopark, ongeacht de kleur van de zittende regeringen de hoogte van de benzineaccijns. Pas begin jaren negentig stokte deaanleg van nieuwe snelwegen, niet omdat de overheid op de rem ging staan,maar omdat inmiddels bijna alle denkbare wegen waren aangelegd. Het aantalauto's groeide ondertussen van 139 duizend in 1950 tot ruim 6,8 miljoen nu.

De VROM-raad heeft gelijk dat het geen zin meer heeft de auto uit hetdagelijks leven te willen terugdringen. Maar volgt daaruit de conclusie datwe de auto dan maar ruim baan moeten geven? Als files de prijs zijn die demiddenklasse bereid is te betalen voor een huis met tuin in suburbia, danmoet zij die maar betalen. De economische schade voor de werkgevers valt kennelijk erg mee zolang bedrijven elkaar blijven verdringen voor eenlocatie langs de snelweg. Veelzeggend is ook het recente advies van hetRuimtelijk Planbureau om ons neer te leggen bij de komst van megawinkelsaan de rand van de stad, zodat we straks ook op zaterdag gezellig in defile staan.

Onderzoek naar het verplaatsingsgedrag heeft een interessantewetmatigheid aan het licht gebracht, bekend geworden als de Wet van Behoudvan Reistijd. We blijken bereid dagelijks ongeveer een uur aan de reis vanhuis naar werk te besteden, een cijfer dat al honderd jaar niet isveranderd. Een snellere verbinding betekent vooral dat we verder gaanwonen. Het betekent ook dat als de files bij knelpunt A worden opgelost defile zich verplaatst naar knelpunt B.

Juist deze wet kan wel eens het meest probate middel tegen de fileszijn. Immers, hoe langer de files, hoe sneller het omslagpunt wordt bereikten de automobilist zal worden gedwongen zich af te vragen wat de vrijheidhem echt waard is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden