Hooi moet rammelen

Wie: Corrie en Arie BaltusFunctie: Directeuren en eigenaren van kaasboerderij ZeilzichtErvaring: Bij de pinken in de ligbox..

‘Boter, Kaas, Eieren’ staat op een bordje aan de weg bij boerderij en kaasmakerij Zeilzicht in Zuid-Schermer. Je stapt hier zo in een oude schoolplaat: zwaluwen vliegen de stal uit, paarden draven in de wei.

1. Waar kennen we ‘wei’ nog meer van?

a. Wei is vocht dat vrijkomt bij kaasmaken.

b. Welnee, dat heet ‘wij’, met een lange ij.

De wekker hoeven de Baltusjes niet te zetten. Om half vijf zijn ze wakker, óók in de vakantie. Corrie is blij dat het ze elk jaar nog gelukt is om een week weg te gaan. Als 19-jarige tuindersdochter is ze met Arie getrouwd, en wie met een boer trouwt, trouwt ook z’n koeien, wist ze.

2. Wanneer boer Arie Baltus bij de pinken is, wat of waar is hij dan?

a. Hij is bij de één tot 1,5 jaar jonge koetjes.

b. Hij is zuinig.

c. Hij is vroeg opgestaan.

Corrie vertelt dat je aan de koeien kunt zien hoe de boer is. Zijn de koeien druistig en druk, dan is de boer dat ook. Is de boer rustig, dan zijn de koeien dat ook.

3. Arie heeft een paar droge koeien lopen. Een droge koe is:

a. een vleeskoe.

b. een koe met zwangerschapsverlof.

c. een oude koe (die net uit de sloot is gehaald).

4. Als een koe ‘het niet doet’, wat doet ze dan precies niet?

a. Copuleren.

b. Melk geven.

c. Kalven.

Arie weet een heleboel over koeien. Bijvoorbeeld dat een koe gemiddeld 6,5 jaar wordt, nooit slaapt, per dag 60 à 70 kilo eet en tussen de 90 en 100 liter drinkt, en 600 tot 700 kilo zwaar is. Tachtig koeien hebben de Baltussen nu; om het hoofd boven water te houden, moeten ze vermoedelijk naar tweehonderd stuks.

5. Over koeiennamen: wat kun je afleiden uit de aanduiding ‘Blauw 154’?

a. Uit het geslacht Blauw zijn 154 vrouwelijke runderen geboren.

b. Boer Blauw heeft minstens 154 koeien.

c. Koe nummer 154 geeft melk van de hoogste kwaliteit (‘blauwe melk’).

6. Kent u een ander woord voor ligbox?

a. Loopstal

b. Kooi

c. Kist

d. Krat

Toen de melkmachine aangezet werd, gingen alle koeienoren omhoog; nu ze allemaal gemolken zijn, gaan de koeien als groep de wei weer in. Een kleine 800 liter melk hebben ze samen gegeven. Tijd voor ontbijt: ‘n broodje met boerenboter en dito kaas, en een glas boerenmelk.

7. Wat is het kenmerk van boerenmelk?

a. Het is rauw.

b. Het is melk van scharrelkoeien.

Het is druk vandaag. Loonwerkers rijden af en aan. Corrie: ‘Het gras komt binnen.’

8. Hoe noemt ze gras, dat door melkzuurgisting wordt geconserveerd?

a. Kuilgras.

b. Hooi.

c. Wintergras.

d. Bultgras.

9. En hoe een maaimachine waarmee ook het droogproces wordt versneld?

a. Kneuzenmaaier.

b. Maaienkneuzer.

Het oogsten lag lang stil door de regen. ‘De machine zakte weg in het land’, aldus de Baltussen. De koeien ook trouwens.

10. Zoals Arie zegt:

a. ‘De koe heeft korte poten.’

b. ‘De koe eet met vijf bekken.’

Het gras heeft op het veld een dag gedroogd, het is geschud, daarna op regels geharkt en wordt nu met een opraapwagen van het land gehaald, ge... en onder folie bewaard. De kalfjes krijgen nu hooi te eten. Dat moet zeker een week drogen.

11. ‘Hooi,’ zegt Corrie, ‘moet

a. rammelen.’

b. rieken.’

c. branden.’

12. En wat hoorde er op puntjes? Ge...

a. hakt.

b. hakst.

c. hakselt.

Deels gaat de melk naar de coöperatie, een ander deel blijft hier. Corrie maakt er kaas van, maar ook karnemelk, boter en yoghurt, die ze verkoopt in haar winkel.

Ze verwarmt de melk tot 29°C, daarna voegt ze zuursel en stremsel (een soort bruin water) toe. Na een half uurtje is een dikke massa ontstaan. Corrie (‘Kijken met je handen, voelen met je ogen, dat is kaas maken’) snijdt de massa in stukjes.

13. Stukjes gestremde melk

a. noemt men: wringel.

b. noemt men: wrangel.

c. noemt men: wrongel.

De vrijgekomen wei is drank voor jonge koeien – ook is het de grondstof voor bijvoorbeeld Rivella. Wrongel is de grondstof voor kaas.

Nu volgt het zouten in een in de grond verzonken pekelbad van 11°C, de grondtemperatuur. ‘Goede kaaspekel’, is Corries ervaring, ‘is sterk als een borrel, koel als bier en helder als kristal.’ Eenmaal in het magazijn wordt de kaas twee keer daags gekeerd, en gepoetst.

14. En hé, wat is dat? Zwarte kaas!

a. Kaas van zwarte koeien.

b. Kaas die buiten de boeken wordt gehouden.

c. Truffelkaas.

‘Dat is het leuke, je hebt hier de koe en ook het eindproduct’, vindt Corrie. Net als Arie vertelt ze graag over haar werk. Aan groepjes geven ze zelfs workshops kaas- en botermaken en rondleidingen op de boerderij. Extra attractie: je gaat met een eigengemaakt kaasje terug naar huis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden