De onderneming Avion Group

Honderden uren oefenen in een robotinsect op stelten

Ceo Erik Varwijk van Avion Group bij een simulator die de vliegtuigsimulator van zijn bedrijf nabootst, zodat techneuten op afstand kunnen meekijken. Beeld Rebecca Fertinel

Voor piloten achter de stuurknuppel van een Airbus 320 kruipen, brengen ze honderden uren door in een vluchtsimulator. Zoals de Phantom 320 van Avion Group, een pilotentrainer van Hollandse bodem. ‘Een simulator wordt vrijwel net zo streng beoordeeld als een echt vliegtuig.’

‘Een vliegtuigsimulator is in wezen een mindfuck’, zegt directeur Erik Varwijk van Avion Group. Dit bedrijf in Nieuw-Vennep maakt bijzondere versies van de Airbus 320, het op een na meestverkochte passagiersvliegtuig ter wereld, waarmee luchtvaartbedrijven piloten trainen. ‘Wat we doen is de neus van een vliegtuig afsnijden. Alles achter de cockpit – de vleugels, de motoren, het staartstuk, de brandstoftanks – bootsen we na met een computer en een bewegingssysteem. De wereld waardoor je vliegt, projecteren we op grote beeldschermen rondom de cabine.’

Hersenspinsel? Niet volgens het Amsterdamse investeringsfonds Kempen. Dat liet in juli weten samen met de eerdere geldschieter 5square uit Laren 10 miljoen euro te steken in de vier jaar oude start-up. Met dat geld kan de Avion Group zijn tweede Phantom 320-simulator bouwen. Die wordt in november opgeleverd bij Gatwick, na Heathrow de drukste luchthaven van Groot-Brittannië.

Bedrijf

Avion Group

Waar

Nieuw-Vennep

Sinds

2015

Aantal werknemers

25

Omzet

1,5 miljoen euro

Robotinsect op stelten

Op het eerste gezicht lijkt de Phantom 320 niet zo veel te verschillen van andere vluchtsimulatoren. Hij ziet er uit als een robotinsect op stelten. Zes inschuifbare poten kunnen de namaakcockpit alle kanten op kantelen. Zo bootsen ze een keurig landing na of een take-off volgens het boekje, maar ook een vlucht op maar één motor door onweer met zware turbulentie.

Uniek is dat de Phantom 320 maar beperkte ruimte nodig heeft, legt Varwijk uit. ‘Voor de meeste simulatoren van grote passagiersvliegtuigen worden grote gebouwen neergezet, waar je via loopbruggen de cockpit instapt.’ Niet bij de Phantom 320. Piloten en instructeurs betreden de simulator via een kleine uitklapbare trap. Het grootste deel van de computerapparatuur is in de simulator verwerkt, net als de airco, in plaats van buiten de cockpit. Ook dat scheelt ruimte en maakt het geheel makkelijker verplaatsbaar.

De tien meter hoge constructie heeft genoeg aan een dak boven zijn hoofd en een betonnen fundering. Dat is een plak beton van twaalf bij twaalf meter groot en een meter dik die moet voorkomen dat het gevaarte van 7,5 ton bij een woeste simulatie omvalt. De Phantom 320 is voor het grootste deel van Nederlandse makelij. Hofleverancier is de Almelose tak van VDL, toch voornamelijk bekend als bouwer van bussen en het moederbedrijf achter Nedcar. VDL is ook een investeerder van het eerste uur.

Geen namaak

Binnen in de cockpit ziet zelfs een ervaren piloot amper het verschil met een echte A320. ‘Het grootste deel van de apparatuur is origineel. Dat is goedkoper dan alles namaken’, zegt Varwijk. Er is een levendige internationale handel in cockpit-apparatuur. Niet alleen om simulatoren mee uit te rusten, maar ook om defecte onderdelen in echte vliegtuigen te vervangen.

Een voordeel is dat Airbus weinig aan de cockpit van zijn succesnummer heeft vertimmerd in de loop van de jaren. Op die manier leren piloten die een A320 uit 1988 kunnen bedienen, zonder al te veel moeite hoe ze een A320neo uit 2016 in de lucht moeten houden. Dat scheelt luchtvaartmaatschappijen in de kosten voor herscholing. Het is een van de verklaringen voor het succes van de A320-serie.

Vluchtsimulator van Avion Group in Nieuw-Vennep. Beeld Avion Group

Avion schroeft zijn simulator op locatie in een week in elkaar, na een productietijd in Almelo van 4 maanden. Meer tijd gaat daarna zitten in het testen en de certificering door de EASA, de Europese dienst voor de veiligheid van de luchtvaart. Dat kost een week of zes. Varwijk: ‘Een simulator wordt vrijwel net zo streng beoordeeld als een echt vliegtuig.’ De inspecteurs van EASA komen elk jaar terug, om te checken of de simulator nog aan de strenge eisen voldoet.

In economisch opzicht is het Nieuw-Vennepse bedrijf nog een dreumes. Op de internationale markt domineert het Canadese CAE, goed voor de helft van de wereldwijde omzet van 5,7 miljard dollar. Eenderde van de orders gaat naar twee Amerikaanse firma’s, L3 Link uit Texas (26 procent) en FlightSafety International (10 procent) uit Utah. Avion Group behoort tot de kleintjes die de rest van de taart verdelen – een taart die volgens marktonderzoekers in 2026 verdubbelt in omvang.

Varwijk denkt over vijf jaar meer dan 40 miljoen euro aan omzet te boeken, goed voor de bouw van vier tot vijf Phantom 320’s. ‘Naast de twee huidige simulatoren hebben we er al drie onder voorbehoud verkocht.’ Hij houdt nog even onder de pet wie de gegadigden zijn. Avion Group mikt op kleinere luchtvaartmaatschappijen die nog geen eigen centraal opleidings- en trainingscentrum hebben. Die bedrijven sturen hun piloten nu de halve wereld over om ze aan het aantal verplichte lesuren te laten voldoen.

Eerste klant

Zo kwam het bedrijf ook uit bij zijn eerste klant. Air Malta nam vorig jaar de eerste Phantom 320 in gebruik. De piloten hoeven niet meer naar het Verenigd Koninkrijk voor hun training, met alle kosten die dat met zich meebracht. De Maltese luchtvaartmaatschappij huurt de helft van de capaciteit van de simulator, voor de overige 3 duizend uur per jaar lonkt Avion vooral naar klanten in het gebied rond de Middellandse Zee, voor wie Malta toch weer dichterbij ligt dan de vliegscholen in West-Europa.

Voor zijn tweede simulator op Gatwick hanteert Avion Group dezelfde opzet. De Londense vliegschool Iago, die onder meer piloten opleidt voor Thomas Cook en Virgin Atlantic, neemt de komende acht jaar de helft van de capaciteit van de simulator voor zijn rekening.

De luchtvaart is gefundenes Fressen voor ceo Varwijk. Hij werkte twee jaar voor Virgin Atlantic, na een carrière van 26 jaar bij KLM en Air France-KLM.  

Varwijk is de derde ceo van Avion Group in vier jaar. Hoe komt dat? ‘In de eerste fase van de onderneming lag de focus vooral op de ontwikkeling het product, nu moeten we ons meer richten op de internationale luchtvaartmarkt en groeien.’ Voorlopig moet Varwijk vijf maanden na zijn aantreden nog zelf thee zetten voor zijn bezoek. ‘We willen de kosten natuurlijk laag houden. Bovendien is het weinig moeite.’

Interieur van vluchtsimulator voor een Airbus A320, ontwikkeld door Avion Group in Nieuw-Vennep. Beeld Avion Group
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden