Hoe lang sparen voor wereldreis?

Hoewel nog weinig werknemers de levenloopregeling kennen, zien banken, verzekeraars en pensioenfondsen een miljardenmarkt opdoemen. Duizenden kantinebijeenkomsten moeten het enthousiasme bij de werknemers aanwakkeren....

Morgen begint het ministerie van Sociale Zaken enWerkgelegenheid een campagne met folders, advertenties enradiospotjes om de bekendheid van de levensloopregeling tevergroten. Ook komt er een speciale website(www.levensloopregeling.szw.nl) waarop werknemers kunnenuitrekenen hoe lang ze moeten sparen voor een wereldreis van eenpaar maanden.

De levensloopregeling die over drie maanden ingaat, is inwezen vrij simpel. Alle Nederlandse werknemers hebben vanaf1 januari het recht een deel - maximaal 12 procent - van hunbrutosalaris opzij te zetten. Op een later moment kunnen ze datgeld na aftrek van belasting als nettoloon laten uitkeren.Bijvoorbeeld als ze drie maanden verlof willen nemen of als zewat eerder met pensioen willen.

Ondanks de relatieve simpelheid is de levensloopregeling nogerg onbekend. De helft van de Nederlanders heeft geen idee watde regeling inhoudt. Een kwart heeft er zelfs nog nooit vangehoord, blijkt uit een onderzoek van TNS Nipo.

De onbekendheid van de regeling is niet verwonderlijk.Overheid noch werkgevers hebben veel ruchtbaarheid gegeven aande regeling. De meeste aandacht ging uit naar het aanpassen vanbestaande VUT- en prepensioenregelingen aan het nieuwe fiscaleregime. Bovendien besloot het kabinet pas vorige maand definitiefdat de regeling 1 januari volgend jaar in werking zou treden.

De komende maanden zullen behalve het ministerie van SocialeZaken ook werkgevers, banken, verzekeraars en dochters vanpensioenfondsen hun best doen de levensloopregeling tot leven tewekken.

Werkgevers zullen veel van die inspanningen overlaten aanbanken, verzekeraars en een aantal dochters van pensioenfondsenzoals ABP en PGGM. Die nemen dat werk fluitend uit handen vanwerkgevers omdat ze hun levensloopproducten graag in deschijnwerpers zetten. Alleen ING Bank verwacht de komende maanden3500 voorlichtingsbijeenkomsten in bedrijfskantines teorganiseren.

Op die bijeenkomsten zullen de voordelen van de zogehetenING-Bankregeling uitgebreid aan bod komen.

Een belangrijk verschil met de veel bekenderespaarloonregeling zal daar niet veel aandacht krijgen. Bij dieregeling, die ook wel als de voorloper van de levensloopregelingwordt gezien, kan de de werknemer alleen sparen bij de bankwaarmee de werkgever een overeenkomst heeft. Bij delevensloopregeling heeft de werknemer het voor het zeggen. Hijkan zijn geld wegzetten bij ING Bank waarmee zijn baas eenafspraak heeft, maar hij kan ook kiezen voor SNS Bank, deRabobank of Reaal.

Werknemers die nu deelnemen aan een spaarloonregeling, maarmeer heil verwachten van de levensloopregeling, moeten eind ditjaar overigens een knoop doorhakken. Een werknemer mag immersmaar aan een van beide regelingen deelnemen. Minister Aart deGeus van Sociale Zaken verwacht dat de levensloopregeling optermijn de spaarloonregeling zal overvleugelen. De helft van dewerknemers doet nu mee aan de spaarloonregeling waarbij zemaximaal 613 euro per jaar op een geblokkeerde spaarrekeningmogen zetten.

Banken, verzekeraars en dochters van pensioenfondsenverwachten dan ook veel van de levensloopregeling. 'Het eerstejaar verwachten we dat ongeveer een kwart van de werknemers zaldeelnemen', zegt Carel Hooghiemstra van ABN Amro PensionServices. Loyalis, de verzekeringsdochter van pensioenfonds ABP,denkt dat volgend jaar zo'n 75 duizend ambtenaren enonderwijzers zullen deelnemen aan hun levensloopregeling. Optermijn verwacht Loyalis tweehonderdduizend klanten; 40 procentvan de werknemers in de overheids- en onderwijssector. Inpotentie gaat het om een enorme markt als alle werknemers diktwee jaarsalarissen opzij zetten.

'Wij komen met een product voor individuele werknemers en eenproduct voor werkgevers', zegt Hooghiemstra. 'Voor een werkgeverheeft het administratieve voordelen om met een partij te werken.Wij houden bijvoorbeeld bij of werknemers niet boven hettoegestane maximum komen.' Vrijwel alle banken en verzekeraarsredeneren op deze wijze en bieden zowel een individueel als eneen collectief product aan.

Werkgevers kunnen hun personeel niet dwingen te kiezen voorde bank of verzekeraar waar zij een overeenkomst mee hebben. 'Welwordt op een collectief product een iets hogere rente gegeven',aldus Hooghiemstra.

Levenloopproducten kennen twee varianten: een spaarvariantvoor de korte termijn en een beleggingsvariant voor de langeretermijn. Bij ABN Amro ligt de grens bij vijf jaar. Wie zijn geldbinnen vijf jaar wil kunnen opnemen, kiest voor de spaarvariant.Wie zijn verlof pas over tien jaar opneemt, neemt bijvoorbeeldmeer aandelenfondsen.

Verzekeraars plakken aan hun producten eenverzekeringscomponent. Daarbij is er een relatie tussen hetrendement en de uitkering bij overlijden. Hoe lager de uitkeringbij overlijden, des te hoger het extra rendement.

Veel aanbieders komen met zogeheten 'lifecycle-fondsen'. Datzijn beleggingsfondsen die naarmate ze dichter bij de einddatumkomen de mix aandelen en obligaties aanpassen. Ze beginnen metveel aandelen en weinig obligaties, zoals staatsleningen, en zeeindigen met veel obligaties en weinig aandelen. De kans dat debeleggers zijn geld kwijtraakt als gevolg van een flinkekoersdaling, wordt zo verkleind.

Aanbieders verwachten dat de werknemer zijn spaartegoed viainternet in de gaten houdt. Anderzijds zien ze ook wel dat eennieuw financieel product het leven ingewikkelder maakt. 'Zo'nproduct vraagt om een cultuuromslag', zegt Hooghiemstra. 'Veelmensen vinden het nu al moeilijk het overzicht te bewaren overpensioen en hun lijfrentes.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.