Hoe komt Philips van zijn lampen af?

Binnen enkele maanden zal duidelijk worden hoe Philips zich zal ontdoen van zijn eigen bakermat: lampendivisie Philips Lighting. De rest van het bedrijf gaat daarna verder als Philips Healthcare, een conglomeraat dat medische apparatuur maakt, maar ook scheerapparaten, pastamachines en elektrische tandenborstels.

Beeld ap

Philips Lighting houdt zich louter en alleen bezig met licht. Met een omzet van 7 miljard euro en een winst van circa 600 miljoen is het in deze branche 's werelds grootste. Een zo groot bedrijf kan op drie manieren worden afgestoten.

Het aandeel splitsen

Alle aandeelhouders van Philips krijgen in dit geval gewoon twee aandelen in plaats van één: een aandeel Philips Healthcare en een aandeel Philips Lighting. Beleggers die niet in licht willen beleggen, verkopen hun aandeel Lighting, wie niets ziet in Healthcare, verkoopt dat aandeel.

Deze methode werd ondermeer toegepast toen het Amerikaanse concern Sara Lee zich in tweeën splitste: de Amerikaanse vleeswarenfabrieken werden samengebracht in Hillshire Brands, de koffie- en thee-activiteiten werden ondergebracht in D.E. Masterblenders 1753 (in de wandeling Douwe Egberts genoemd).

Opsplitsen heeft één groot voordeel: het kent de minste onzekerheden. Je knipt het aandeel in tweeën en klaar is kees. De aandeelhouders moeten er wel mee instemmen.

In 2013 gebruikte Siemens precies deze methode om zich te ontdoen van lampendivisie Osram. Het werd een erg succesvolle beursgang voor Osram: het aandeel deed het veel beter dan dat van de oude moedermaatschappij Siemens.

Totdat het management van Osram eind vorig jaar zijn beleggers overviel met een groot investeringsplan, gericht op uitbreiding van de massafabricage van componenten voor ledlampen. De waarde van het aandeel zakte 25 procent, maar presteerde nog altijd beter dan Siemens zelf.

Maar er kleeft ook een groot nadeel aan deze methode: het levert geen extra geld op. En Philips wel juist wel geld. Om te kunnen investeren in healthcarebedrijven. En om de tekorten in de pensioenvoorzieningen te kunnen opvangen.

Helemaal uitgesloten is de afsplitsingsmethode niet, zegt Philips. 'Maar we bereiden dit scenario niet voor als de twee andere scenario's.'

Een beursgang

Deze methode is veel ingewikkelder en onzekerder. Ingewikkeld omdat de hele bestuursstructuur moet worden opgezet die hoort bij een beursgenoteerd bedrijf. Er zijn zware rapportageverplichtingen. Philips Lighting is uitstekend in staat daaraan te voldoen, maar het kost wel geld. Bovendien kost de beursgang zelf geld aan banken en juristen. Philips heeft voor de afsplitsing 400- tot 600 miljoen euro begroot, maar er niet bij gezegd wat de kosten van de diverse scenario's zijn.

Onzeker is het ook. Een groot bedrijf als Philips Lighting, dat met een geschatte waarde van 4/ tot 6 miljard euro meer waard is dan AEX-bedrijven als Aalberts, TNT Express of Vopak, zal vrijwel zeker niet in één klap naar de beurs gaan. Er zou een eerste tranche komen van hooguit 30 procent van de aandelen en in de volgende paar jaar zou in enkele tranches de rest naar de beurs worden gebracht. In die periode kan van alles gebeuren, mooi of lelijk. Als de beurzen verslechteren, wordt de opbrengst uiteindelijk lager dan het bedrag waarop Philips nu rekent.

Maar een beursgang heeft ook grote voordelen. Analisten gaan ervan uit dat deze methode het meeste geld in het laatje brengt. Het is de riskantste, maar waarschijnlijk ook de lucratiefste methode. ING gebruikte deze aanpak toen het (onder druk van de Europese Commissie) verzekeringsbedrijf NN Group naar de beurs bracht. Philips zelf gebruikte de methode al meermalen, onder meer door de beurslancering van chipfabrikant NXP en chipmachinebouwer ASML.

Afgesplitste bedrijven doen het trouwens vaak veel beter dan de oude moedermaatschappijen. Daar is een goede reden voor. De afsplitsingen zijn sterk gefocust, en daarmee vaak sterk in hun eigen markt. Dat maakt ze aantrekkelijk voor beleggers. Philips weet dat uit eigen ervaring. Zijn afsplitsingen NXP (chipfabricage) en ASML (chipmachines) presteerden op de beurs veel beter dan Philips zelf. Osram doet het beter dan Siemens. En Philips Lighting heeft als wereldmarktleider buitengewoon goede papieren.

Deze methode levert Philips daarom waarschijnlijk het meeste geld op. En voor de ontwikkeling van de beurskoers van Lighting hoeft het niet verkeerd te zijn. ASML bijvoorbeeld, dat in 1995 van Philips werd afgesplitst via een beursgang, heeft vele malen beter gepresteerd dan het oude moederbedrijf.

Verkopen aan een investeringsmaatschappij

Simpel en zeker, maar de opbrengst is uiteindelijk waarschijnlijk minder. Naar verluidt - maar Philips maakt geen enkel detail over het proces officieel bekend - moeten geïnteresseerde kopers al deze of volgende maand een bod doen. Dat wil nog niet zeggen dat deze methode wordt gehanteerd; als de biedingen niet tevreden stellen, kan het altijd nog een beursgang worden. Naar verluidt zijn private-equitybedrijven als KKR, CVC en Bain Capital al hard aan het rekenen. Analisten denken dat Philips Lighting wel tot 6 miljard kan opbrengen. En dat is dan zonder de divisie Lumileds, die Philips probeerde apart te verkopen. Die verkoop (voor maar liefst 3 miljard dollar) werd vorige week geblokkeerd door een Amerikaanse toezichthouder, maar Philips is van plan een nieuwe koper te zoeken.

Verkoop aan een investeringsmaatschappij betekent voor Philips (dat voortaan Philips Healthcare zal heten) de minste onzekerheid, maar voor Philips Lighting zelf juist de meeste onzekerheid. Investeringsmaatschappijen hebben tamelijk ruwe omgangsvormen. Ze kunnen het bedrijf vol schulden hangen, kunnen het in brokstukken knippen en doorverkopen. En in elk geval zullen ze er na vijf tot tien jaar weer vanaf willen. En wie koopt het bedrijf dan? Een andere investeringsmaatschappij? Wordt het een beursgang?

In dit geval is er nog een forse complicatie. Osram, de grote concurrent, is ook bezig een deel van zijn activiteiten te verkopen aan investeringsmaatschappijen. Het gaat vooral om de productie van lampen. Dezelfde investeringsmaatschappijen waarmee Philips spreekt, zijn ook benaderd door Osram. Dat kan een voordeel zijn: misschien zien sommige partijen wel mogelijkheden de twee bedrijven te herverkavelen. Maar waarschijnlijker is dat de investeringsmaatschappijen de twee tegen elkaar zullen uitspelen en dus de prijs zullen laten dalen.

Philips' eigen ervaringen met de verkoop aan investeringsmaatschappijen zijn erg goed. In 2006 verkocht het concern zijn divisie voor halfgeleiderproductie (destijds onder leiding van Philips' huidige topman Frans van Houten) aan een groep investeringsmaatschappijen: KKR, Bain Capital, Silver Lake, Apax en AlpInvest. Die waardeerden het bedrijf toen op 8,3 miljard dollar. Toen de investeringsmaatschappijen vier jaar later NXP naar de beurs brachten, bleek de waarde gedaald tot 2,6 miljard dollar.

Het maakt duidelijk dat dagkoersen volstrekt onbetrouwbaar zijn: op dit moment is NXP alweer 25 miljard dollar waard.


Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden