Hoe de klompenmaker werd gered door de toerist

Er worden meer klompen gemaakt dan ooit. Althans, die indruk heeft Paul Nijhuis. Zijn klompenfabriek in het Gelderse Beltrum overleefde als een van de weinige, dankzij automatisering en toeristenhandel.

Beeld Marcel van den Bergh

Tussen bergen zaagsel werken twaalf klompenmakers van Klompenfabriek Nijhuis. Ze boren en frezen blokken populierenhout met veel lawaai tot ruwe klompen. 'Afgelopen jaar maakten we hier ruim 200 duizend draagklompen', roept directeur Paul Nijhuis (64) boven het geluid uit.

Een onmenselijk aantal voor wie weet dat Nijhuis' vader slechts vier klompen per dag maakte. Letterlijk onmenselijk in dit geval: de twaalf klompenmakers tussen het zaagsel zijn machines die hun werkzaamheden volautomatisch uitvoeren. 'Ik ben begonnen met automatiseren toen ik het bedrijf in 1977 van mijn vader overnam', vertelt Nijhuis. 'Ik werkte daarvoor als elektrotechneut en vond het productieproces ouderwets. Ik heb met een techneut uit Brabant een soort computer ontwikkeld die de bestaande machines commando's geeft.'

Beeld Marcel van den Bergh

De nieuwe klompenmakers wierpen hun vruchten af. In 1982 deed Nijhuis met zijn machines voor het eerst mee aan het nationaal kampioenschap klompenmaken. Hij won. 'Dat was iets waarvan mijn vader alleen kon dromen. Er waren toen nog honderden klompenfabrieken in Nederland.' Dat aantal nam snel af. Tegenwoordig bestaan er nog minder dan tien fabrieken. Nijhuis is verreweg de grootste met een marktaandeel van 85 procent. Toch is dat niet genoeg om van te leven.

Als de Achterhoekse fabriek alleen draaide voor de verkoop van houten klompen aan vissers, stratenmakers en boeren was de fabriek waarschijnlijk failliet gegaan. 'Tot 1998 bleven we groeien, terwijl iedereen kromp. In het piekjaar maakten we zelfs 659 duizend paar klompen. Daarna nam het ook bij ons af. Oude boertjes sterven uit en de jongere generatie wil geen houten klompen meer.'

Bedrijf
Klompenfabriek Nijhuis
Waar
Beltrum
Sinds
1938
Aantal werknemers
25
Jaaromzet
5,9 miljoen euro in 2016

De redding kwam niet van de aloude afzetmarkt, het platteland, maar vanuit de stad. Amsterdam trok steeds meer toeristen en die bleken gek van de klomp. 'Tegenwoordig zijn draagklompen nog goed voor 27 procent van de omzet. De rest komt van de toeristenhandel', zegt Nijhuis in de receptie van de fabriek die is ingericht als toeristenwinkel. De rekken hangen vol Delfts blauwe klompen, klompjes van sleutelhangerformaat en bloempotklompen. 'Ik denk dat er meer klompen dan ooit gemaakt worden. Alleen wij al produceren jaarlijks 2,5 miljoen souvenirklompen.'

Met zaagsel op zijn pak loopt de directeur naar de loods waar de souvenirs worden gemaakt. Het lawaai is hier net zo hard als in de draagklompenhal. Het grote verschil is dat hier helemaal geen mens te zien is. In de andere hal lopen vijf mannen rond die de machines in de gaten houden en de stukken hout van machine naar machine begeleiden tot het hout een klomp is. 'De machines die de souvenirs maken, werken dag en nacht. Als ze eenmaal zijn bijgevuld kunnen ze weer 24 uur zonder hulp van mensen verder.'

China

Door zonder mensen te werken, kan Nijhuis concurreren met China. 'De souvenirgroothandels laten het allemaal daar maken. Daarvoor gaan Nederlandse populieren in containers naar China. Ik dacht: het is mijn uitdaging om het tegen dezelfde prijs hier te produceren.' Het kostte vijftien jaar om dat voor elkaar te krijgen. 'We hebben alle machines zelf moeten ontwikkelen.'

Intussen is mevrouw Atjang met twee vrienden uit China aangesloten. 'Atjang heeft een Chinees restaurant in Groenlo en gaat af en toe met ons mee naar China als tolk', vertelt Nijhuis over haar. Want hoewel Nijhuis de houten klompen koste wat kost vanuit Beltrum wil blijven maken, is de klompenmaker ook actief in de buurt van Shanghai. Vijftien jaar geleden vertrok Nijhuis met een plan naar China. Hij wilde pluche klompen maken voor de toeristenindustrie. 'Ik heb daar een week gezeten met vijf Chinese vrouwen in een naaiatelier. We verstonden elkaar niet, maar begrepen allemaal de maten op de tekeningen. Dus ik schetste iets en dan renden die vrouwen naar de naaimachine om een proef te maken. Halverwege de week dacht ik: waar ben ik mee bezig. Het resultaat leek totaal niet op een klomp. Maar ik ben gebleven tot het lukte.'

Dus hangen ook deze zachte klompen tegenwoordig in alle kleuren langs de wand van de receptie annex toeristenwinkel. Het Chinese avontuur werkte aanstekelijk. Al snel verplaatste Nijhuis ook de verfafdeling naar China. 'Voorheen kwam de schoolgaande jeugd hier op zaterdagochtend voor een paar euro per uur klompen schilderen. Maar we kwamen erachter dat China zelfs goedkoper was dan het jeugdloon, ondanks het transport naar China en weer terug.'

In de ruimte waar ooit middelbare schoolliefdes opbloeiden, ruikt het nog steeds naar verf. 'Alleen in noodgevallen schilderen we nog hier', legt Nijhuis aan zijn Chinese gasten uit. Een van de mannen wijst op een rood geschilderde houten bloem en vraagt in het Engels: 'Is dat het nieuwste product?' Het moet een roos worden. Nijhuis: 'Maar deze is nog verre van perfect.'

Toch ziet het bedrijf toekomst in houten bloemen. 'We zijn drie jaar geleden begonnen met houten tulpen voor toeristen. Dat is een geweldig succes. Vorig jaar verkochten we er 1,8 miljoen; dit jaar verwachten we naar 2,5 miljoen te gaan. Daarmee is de afzet net zo groot als onze souvenirklompen. En het voordeel is dat we ze in de toekomst ook buiten de toeristenindustrie kunnen verkopen. Een roos is niet iets typisch Nederlands, die kunnen we ook gewoon als sierproduct naar Brazilië of Australië exporteren.'

Pluche klompen, houten bloemen, het adagium 'schoenmaker blijf bij je leest' lijkt niet te gelden voor de klompenmaker. Juist de vernieuwingen redden het bedrijf. Toch zijn niet alle innovaties een succes. Nijhuis is de rommelzolder opgeklommen. 'Dit was echt een megaflop', zegt hij terwijl hij een doos met plastic schoenen openmaakt. 'Ze heten Skys en moesten de tegenhanger van Crocs worden. Uiteindelijk heb ik ze voor een prikkie moeten verkopen. Het totale verlies was zo'n 300 duizend euro.'

Aan het einde van de ronde door het bedrijf mompelt Nijhuis: 'Het is toch echt een levenswerk.' Nijhuis nadert de pensioengerechtigde leeftijd, maar aan stoppen denkt hij niet. 'Ik wil mijn dochters niet pushen en weet nog niet of ze het willen overnemen.' Het bedrijf verkopen dan? 'Het is een uniek bedrijf geworden. Maar juist dat maakt het moeilijk te verkopen.' Dus denkt Nijhuis dat hij nog zeker twintig jaar tussen de mechanische klompenmakers en het zaagsel blijft werken. 'Zo niet, dan gaan mijn gepassioneerde jonge werknemers door. Want de klomp mag niet verloren gaan. Het is nationaal erfgoed.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden