Het slakkentempo van de vrouw

Minder salaris..

Sinds jaar en dag verdienen vrouwen minder dan mannen. Verdient de Nederlandse man maandelijks zo’n 2.400 euro bruto, een vrouw ontvangt een loonstrookje met 2.000 euro erop.

Vrijdag publiceerde het Internationaal Verbond van Vakverenigingen (IVV) een overzicht van salariskloven wereldwijd. De uitkomst: Nederlandse vrouwen verdienen gemiddeld 18 procent minder dan mannen. Hoewel de salarisachterstand iets is afgenomen, scoort Nederland nog altijd slechter dan het wereldwijd gemiddelde van 16,5 procent. In de rest van Europa is het salarisverschil afgelopen jaren afgenomen tot gemiddeld 14,5 procent.

In het algemeen kan gezegd worden: de beste remedie tegen de loonkloof is de fulltimebaan. ‘Door deeltijdwerk komen vrouwen minder vlug in aanmerking voor bijscholing en missen ze de kans op doorgroei en promotie’, zegt onderzoeker Paulien Osse.

Maar er spelen meer factoren mee. Osse: ‘Vrouwen kiezen voor vrouwenberoepen in vrouwensectoren. Zelfs als ze daarin carrière maken, blijven hun lonen toch achter bij die van vergelijkbare managers in mannensectoren en-beroepen.’ Eigenschappen die als typisch vrouwelijk worden benoemd, bijvoorbeeld sociale vaardigheden, worden financieel doorgaans minder gewaardeerd dan mannelijke eigenschappen, aldus het onderzoek.

En hoewel vrouwen steeds beter zijn opgeleid – soms zelfs beter dan mannen – vertaalt ook dit zich niet in kleinere loonverschillen. Osse: ‘Veel vrouwen krijgen kinderen, waardoor de kans groot is dat ze er een paar jaar of langer tussenuit gaan. Treden ze weer in, dan worden ze vaak lager ingeschaald, omdat ze bijvoorbeeld ervaringsjaren missen.’

Toch blijft er een restje loonongelijkheid over dat niet te beredeneren is. Gecorrigeerd voor factoren zoals functieniveau en ervaring, blijkt 7 procent salarisverschil onverklaarbaar. Het wordt waarschijnlijk deels veroorzaakt doordat vrouwen slechtere salarisonderhandelaars zijn. Osse: ‘Maar het is waarschijnlijk ook cultureel bepaald, ofwel een ingesleten vanzelfsprekendheid bij mannen én bij vrouwen.’

Schaarste aan de top

De tweede Neelie Kroes laat op zich wachten. Het lukt Nederlandse vrouwen niet in de voetsporen van de eurocommissaris te treden. En als er al vrouwen in de top van het Nederlandse bedrijfsleven doordringen, zijn ze vaak van buitenlandse origine.

Dit werd deze week weer bevestigd door zowel Eurostat als het headhuntersbureau Woman Capital. Uit het onderzoek van het Europese statistiekbureau Eurostat blijkt dat een kwart van de Nederlandse managers een vrouw is, terwijl dat in de rest van Europa gemiddeld een derde is.

Woman Capital onderzocht hoeveel vrouwen doordringen tot de top van het Nederlandse bedrijfsleven. Aan het onderzoek deden 200 bedrijven mee. Bijna 5 procent van de posities in de raad van bestuur wordt bekleed door vrouwen, in de raad van commissarissen wordt 9 procent van de stoelen ingenomen door een vrouw.

Of er schot zit in het aantal topvrouwen, kan Woman Capital niet zeggen. Het is hun eerste onderzoek. ‘Maar het resultaat is in ieder geval teleurstellend’, zegt Bercan Günel van Woman Capital. ‘Vroeger verwachtte ik dat vrouwenemancipatie vanzelf zou gaan. Maar inmiddels ben ik ervan overtuigd dat dit niet zo is.’

Uit haar onderzoek blijkt dat de kweekvijver voor potentiële bestuursleden en commissarissen klein is. Bijna eenderde van de bedrijven heeft geen vrouwen in de laag onder de raad van bestuur. Het gaat dan om functies zoals hoofd marketing of personeelszaken. Gemiddeld bestaat 11 procent van dit zogenoemde ‘eerste echelon’ uit vrouwen.

In het tweede echelon – het niveau daaronder, dat uit onder anderen topmanagers bestaat – maken iets meer vrouwen de dienst uit. Ongeveer 22 procent.

Het lukt velen van hen niet om verder door te stromen. Uit een recent internationaal onderzoek van het adviesbureau McKinsey blijkt dat de eisen die aan een topfunctie worden gesteld, de grootste belemmering vormen voor vrouwen. Een topman of -vrouw moet op elk moment van de dag klaar staan voor het bedrijf. En een carrièreonderbreking op het cv vanwege moederschap vindt men een afknapper.

‘Bovendien blijkt dat bij de selectie van topbestuurders vooral gekeken wordt naar mannelijke eigenschappen, zoals dominantie en competitiedrang. Vrouwelijke eigenschappen worden minder gewaardeerd’, aldus Günel. ‘Vrouwen vinden bijvoorbeeld een langetermijnvisie belangrijker en hebben meer oog voor mensen in een organisatie.’

Bedrijven snijden zich met dit beleid in de vingers. Volgens McKinsey zijn er vooral voordelen te behalen met meer vrouwelijke toppers. Meer vrouwen in de top betekent: grotere motivatie onder het personeel, een beter imago van het bedrijf, tevredener klanten én betere financiële resultaten.

Deeltijd als verworven recht

Nederland scoort in Europa hoog als het gaat om het aantal werkende vrouwen. 66 procent van de vrouwen heeft een baan. Maar: Nederlandse vrouwen werken maar weinig uren per week, waardoor de feitelijke arbeidsparticipatie bijna het laagst is van heel Europa. Gemiddeld werkt de Nederlandse vrouw 26 uur per week. Alleen in Malta, Italië en Luxemburg werken vrouwen nog minder.

Het kabinet wil dat het aantal werkende vrouwen in 2016 is toegenomen tot 80 procent. Maar nog liever wil de regering dat vrouwen meer uren gaan werken. In de eerste plaats om de vergrijzing op te vangen en in de tweede plaats om de financiële zelfstandigheid van vrouwen te bevorderen.

Slechts een op de drie vrouwen is economisch zelfstandig. Dat wil zeggen dat ze 70 procent van het bruto minimumloon (16 duizend euro per jaar) verdienen. De doelstelling van het vorige kabinet dit percentage te verhogen naar 60 procent is door minister Plasterk van Emancipatie als ‘onhaalbaar’ van tafel geveegd. Parttime werkende vrouwen moeten nu vooral geprikkeld worden om meer uren te gaan werken.

Volgens het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) is deeltijdwerk lang niet meer het domein van werkende moeders. Steeds meer vrouwen zonder kinderen starten hun carrière al met een deeltijdbaan, terwijl moeders de laatste jaren juist meer uren zijn gaan werken. Deeltijdwerk wordt beschouwd als een verworven recht.

Weinig zelfstandige vrouwen

Als ondernemer scoren vrouwen op veel vlakken nog steeds minder goed dan mannen. Het aandeel van vrouwen onder ondernemers is nog steeds relatief laag, zo blijkt uit cijfers van de Kamer van Koophandel.

Slechts 276 duizend van de bijna één miljoen ondernemers en zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) in Nederland is vrouw. En dat terwijl het opzetten van een eigen bedrijf veel voordelen heeft, zeker voor vrouwen. Zo verdienen zzp’ers gemiddeld meer en hebben ze vaak de vrijheid om zelf hun opdrachten te kiezen en hun tijd in te delen.

Uit onderzoek blijkt overigens dat vrouwen het meestal prima doen als ondernemer, vaak beter dan mannen. Zo gaan vrouwelijke zzp’ers veel minder vaak failliet en ontvangen ze gemiddeld een hoger uurtarief dan mannen. Daarnaast lenen ze gemiddeld minder geld als ze voor zichzelf beginnen (39 duizend euro, 8 duizend minder dan mannen), en zijn ze realistischer over de toekomstperspectieven en hun kansen als ondernemer.

Er zijn echter een aantal struikelblokken die het ondernemen voor vrouwen lastig maken. Zo willen veel vrouwen het zzp-schap combineren met het krijgen van kinderen. Dat was voor veel van hen lange tijd bijna ondoenlijk, omdat ze geen zwangerschapsuitkering kregen. Nu die uitkering er per 1 juli 2008 toch komt is dat probleem goeddeels opgelost.

Een ander probleem is dat veel vrouwen geen fulltime-ondernemer zijn. Parttime als zzp’er werken is lastig. Om in aanmerking te komen voor een ondernemerskorting, moeten zzp’ers minimaal 1.225 uur per jaar werken.

Mogelijk worden de eisen voor ondernemers op termijn versoepeld, maar het zal nog wel even duren voordat het zover is. Ondertussen neemt het aantal vrouwelijke ondernemers maar mondjesmaat toe. Nog altijd zijn twee van de drie startende ondernemers man.

Wat wil de vrouw eigenlijk?

Was will das Weib? Over deze vraag piekerde Sigmund Freud zich in 1925 al suf. Na dertig jaar de ziel van onder meer de vrouw te hebben bestudeerd, kon de psychologiegoeroe hier nog steeds geen goed antwoord op geven. Hij hield het bij: ‘de vrouw is de dienares van de man’.

Die tijd ligt inmiddels ver achter ons, al houdt het idee dat een ‘goede’ moeder hooguit drie dagen werkt in Nederland hardnekkig stand. Deeltijdwerk is lange tijd door de overheid gestimuleerd en gefaciliteerd. Het resultaat is dat deeltijdwerk alom als verworven recht wordt beschouwd. Aan de huidige maatschappelijke noodzaak – vanwege de vergrijzing – om meer vrouwen aan het werk te krijgen, heeft de Nederlandse vrouw geen boodschap.

Nederlandse vrouwen zijn gewoon heel tevreden over het werken in deeltijd, zo valt te concluderen uit tal van onderzoeken. Het ontbreken van de financiële noodzaak en de gebrekkige aansluiting van schooltijden en kinderopvang op werktijden zullen vrouwen niet snel op andere gedachten brengen.

Ook blijken (hoogopgeleide) vrouwen niet gevoelig voor het argument dat stoppen met werken een kwestie van kapitaalvernietiging is. Evenmin zijn ze ervan onder de indruk dat zij zichzelf zo financieel afhankelijk maken van hun partner.

Het meest valt daarom op korte termijn te verwachten van het streven om vrouwen in deeltijdbanen meer uren te laten werken. Volgens econoom Janneke Plantenga van de Universiteit Utrecht is er al heel wat bereikt ‘als alle vrouwen drie dagen zouden werken’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden