Duizenden verwarmingsinstallateurs zullen moeten worden omgeschoold.
Duizenden verwarmingsinstallateurs zullen moeten worden omgeschoold. © ANP

Het einde van de ouderwetse cv-ketel op gas komt in zicht

Minister Wiebes kondigt een verkennend onderzoek aan

Nederland moet, op termijn, van het aardgas af. En dat betekent dat ook onze huizen anders moeten worden verwarmd.

In 90 procent van de woningen zit een cv-ketel gestookt op gas. Maar die monocultuur in verwarming nadert zijn einde. Afgelopen week heeft minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat de Tweede Kamer toegezegd te onderzoeken hoe de cv-ketel kan worden afgeschaft. Niet op staande voet, maar er moet gewerkt worden aan een 'geleidelijke uitfasering'.

Sinds het klimaatakkoord van Parijs is duidelijk dat het stoken van fossiele brandstoffen moet stoppen, en daarom moet nu ook de vertrouwde cv-ketel eraan geloven. Er wordt al wel veel gepraat over 'Nederland van het gas af', maar tot grote veranderingen in de markt heeft dat nog niet geleid, zegt Marco Bijkerk van Remeha. Remeha is in Nederland marktleider in verwarmingstoestellen. Het bedrijf verkoopt warmtepompen, hybride systemen en zonlichtsystemen, 'maar nog steeds is het overgrote deel van wat we verkopen een cv-ketel op gas', zegt Bijkerk.

Ook de brancheorganisatie van installatiebedrijven, Uneto-VNI, ziet nog geen grote verandering in de markt. Nog steeds worden vooral klassieke cv's geïnstalleerd, maar 'vorig jaar was toch al 10 procent van de nieuwe installaties een warmtepomp', zegt Remco van der Linden van Uneto-VNI.

Alternatieven

De keuze aan alternatieven is groot. Behalve warmtepompen (die warmte uit de lucht of uit het grondwater halen) zijn er hybride systemen (cv-ketel en warmtepomp gecombineerd), pelletketels (gestookt op houtkorrels) en installaties die zelf stroom opwekken terwijl de restwarmte wordt gebruikt voor verwarming (warmtekrachtkoppeling, oftewel wkk).

Zulke systemen hebben vaak grote voordelen voor het klimaat. Bijkerk van Remeha schetst de voordelen van een elektrische warmtepomp in combinatie met zonnepanelen. 'De CO2-uitstoot gaat omlaag van jaarlijks 5.000 kilo per woning naar 500 kilo.'

Maar er zitten tal van haken en ogen aan. Zo werkt de warmtepomp niet goed met gewone radiatoren, maar om in een bestaande woning vloer- of wandverwarming aan te leggen, is een ingrijpende operatie. De aanschaf van de nieuwe systemen is duur. Een cv-installatie kost zelden meer dan 2.000 euro, maar een energiezuinig systeem kost vaak een veelvoud. Het gasverbruik zal aanzienlijk dalen, maar daarmee valt de extra investering niet binnen tien jaar terug te verdienen.

Het zou natuurlijk helpen, zegt Bijkerk, als de uitstoot van CO2 een prijs zou krijgen. 'Hoe dan ook: als we van de CO2 af willen, dan zal het geld kosten. Als de transitie niets mag kosten, komt hij er niet.'

Bijkerk wijst erop dat het niet veel nut heeft van verwarming op gas over te stappen naar elektrische verwarmingen met bijvoorbeeld warmtepompen zolang een groot deel van de stroom nog wordt opgewekt met steenkool. Steenkool stoot immers veel meer CO2 uit. En misschien kan gas ook op de lange duur gewoon een rol blijven spelen, bijvoorbeeld als het gaat om biogas of waterstof. 'Gas is niet altijd fossiel, en stroom niet altijd schoon', vat hij samen.

Warmteplannen

Warmtepomp

10 procent van de nieuwe installaties was vorig jaar een warmtepomp. Zo'n pomp haalt warmte uit de lucht of uit het grondwater

Wat de regering moet doen om het einde van de cv-installatie te versnellen, is nog niet zo simpel. In de Tweede Kamer probeerde Wiebes zich ervan af te maken door al zijn vertrouwen te leggen in de zogenaamde warmteplannen die gemeenten en regio's de komende jaren moeten opstellen. Maar de Kamer wil concretere actie van de minister zelf. Zowel Remeha als de installatiebranche suggereert het meest voor de hand liggende: subsidieer de alternatieven.

Daar komt bij dat een snelle overstap van gas op stroom een enorme druk legt op de infrastructuur. 'Als we allemaal overstappen op elektrische oplossingen, moeten we het stroomnet enorm verzwaren.'

De installateurs wacht nog een groot probleem, potentieel een dat 'ons veel hoofdpijn gaat bezorgen', zegt Van der Linden van de Uneto-VNI: personeel. Er zijn zo'n 30 duizend verwarmingsinstallateurs, en daarvan denkt de branche er per jaar duizend te kunnen bijscholen in zes regionale bijscholingscentra. Als de overgang wordt versneld, moet die bijscholing ook versnellen. 'Maar als de nood aan de man komt, dan kunnen we het', zegt hij fier.