Grundig, of het verdriet van Duitsland

Philips trekt zijn handen af van het eens zo trotse Grundig, dat al jaren verlies lijdt. Stinksauer zijn de werknemers op die Holländer....

NOG niet zo lang geleden bruiste het bij Grundig van de bedrijvigheid. Veertigduizend werknemers telde de onderneming die synoniem was met het Wirtschaftswunder, de wederopbouw van naoorlogs Duitsland. Grundig maakte de nieuwe welvaart tastbaar met de eerste betaalbare televisie. Maar het bedrijf is zijn technologische voorsprong kwijt en wordt tot op het bot afgeslankt. Resterende banen verdwijnen naar het buitenland en het industriecomplex in Neurenberg wordt verlaten. Einde van het wonder.

Met een brede armzwaai worden twee kantoorkolossen en enkele fabriekshallen denkbeeldig weggevaagd door de portier. 'Dat is allemaal al verkocht', zegt hij. Bedompt en afgedankt staan de gebouwen er bij. Architectuur uit de jaren vijftig en zestig, Grundigs hoogtijdagen. De lompe blokletters van het televisie- en hifi-concern prijken nog op de gevels, maar het uitgestrekte parkachtige terrein ligt er doods bij.

Zelfs rond de gebouwen waar Grundig nog wel produceert is het muisstil. Het is half drie 's middags en de meeste arbeiders zijn al naar huis. 'De dagelijkse werktijden zijn sinds 1 januari twee uur korter. We moeten minder produceren want we kunnen de televisies niet meer verkopen', zegt Robert Schmidt die al 37 jaar bij het concern werkt. Nog een jaar en dan staat hij op de keien, net als de 34 duizend mensen die hem voorgingen. Neurenberg, de bakermat van het elektronicabedrijf, gaat bijna helemaal dicht. Aan het einde van 1997 telt Grundig in totaal nog maar 6.100 werknemers.

Het is Philips die ons dit heeft aangedaan, briest vakbondsbestuurder Gert Lobodda van IG Metall. Het slechte bestuur van het Nederlandse bedrijf heeft Grundig naar de afgrond gedreven, zegt hij. En nu hulp het hardste nodig is, trekt Philips zijn handen van het bedrijf af.

In Eindhoven ondergaat men de kritiek gelaten. Grundig moet maar een ander slachtoffer vinden om voor zijn torenhoge verliezen op te draaien, zeggen ze bij Philips. Het Nederlandse bedrijf heeft sinds de overname in 1984 meer dan drie miljard gulden verloren aan Grundig. Vorige week kondigde het aan zich terug te trekken uit zijn Duitse dochterbedrijf.

De werknemers van Grundig ogen minder strijdbaar dan hun vakbondsvertegenwoordiger. Lef en pit, dat zijn woorden van vroeger. Jarenlange reorganisaties hebben hun trots uitgehold. 'Bedroefd, zeer bedroefd', is men, zegt employee Dieder Dornberger. Hij ondergaat zijn lot gelaten. De teloorgang is toch niet te stuiten. Elk jaar weer worden er duizend banen geschrapt. Dit jaar is de zijne er bij.

De vergelijking met Fokker dringt zich op. Net als de Nederlandse vliegtuigfabriek met de Duitse moeder zoekt de Duitse elektronicaproducent met de Nederandse moeder verbeten naar een nieuwe partner. Die moet dit jaar worden gevonden. Pieter van der Wal, door Philips aangesteld als bestuursvoorzitter van Grundig, is optimistisch. 'Wij hebben wat te bieden', zegt hij. 'Technologie en marktaandeel.' En Grundig is financieel gezond, want Philips heeft tot en met 1996 de verliezen aangevuld.

De kans dat zich een concurrent-opkoper aandient is echter klein. Het Finse bedrijf Nokia had vorig jaar de grootste moeite een koper te vinden voor zijn televisiefabrieken. Uiteindelijk moest het grootste deel worden gesloten.

Hoe Grundig het ook wendt of keert, het is vooral een televisiefabriek. Van de drie miljard mark omzet wordt driekwart behaald door de divisie beeld: tv's en videospelers. De resterende verkopen worden verdeeld tussen autoradio's en andere audio-apparatuur.

In televisies en video-apparatuur is al jaren geen droog brood meer te verdienen. Alleen de hele grote spelers kunnen hun kosten laag genoeg houden. Elke productiviteitsverbetering in een fabriek wordt doorgegeven aan de consument in de vorm van een lagere prijs. Verkoopprijzen van videospelers dalen elk jaar rond de 10 procent en van tv's met 5 procent.

Die prijserosie is het gevolg van de enorme overcapaciteit in de wereld. De technologie om een televisie te maken is voor iedereen toegankelijk, ook voor Aziatische producenten met lagere kosten dan Europeanen en Amerikanen.

Ooit was het Grundig zelf die de prijzenoorlog aanvoerde. In 1952 lanceerde het bedrijf de Zauberspiegel, de eerste televisie voor minder dan duizend mark. Daarmee luidde oprichter Max Grundig het televisietijdperk in voor Duitsland.

Het concern had meer primeurs, zoals een kleine radio in 1947, en zelfs een draagbare radio twee jaar later. Ook lanceerde het een dicteerapparaat in 1954 en een bandrecorder in 1955. Al deze producten zijn de afgelopen jaren uitontwikkeld. Er kan geen vette winstmarge meer op worden gemaakt en de groei is eruit. Iedereen heeft er een.

Uit alle macht proberen tv-makers hun verkopen op te peppen met nieuwe technologie, bijvoorbeeld met de duurdere breedbeeldtelevisie, maar de consument trapt er niet in. Een breedbeeld-televisie is niet bijzonder genoeg om de oude buis vroegtijdig te vervangen. Dat is pech voor Grundig dat nooit heeft uitgebreid in nieuwe groeimarkten zoals computers of mobiele telefonie.

Het Duitse bedrijf kan niet meer concurreren op de wereldmarkt omdat het technologisch laagwaardige producten maakt, op een dure locatie, en in te kleine hoeveelheden.

Wat bij Grundig gebeurt, is typerend voor de Duitse verwerkende industrie. Het aandeel van die sector in het bruto nationaal product is teruggelopen tot 24,5 procent in 1994, tegenover 32,2 procent in 1986. Die teruggang is veel scherper dan in bijvoorbeeld Nederland en valt samen met de enorme stijging van de lonen in Duitsland en de vrijwel stabiel gebleven salarissen in Nederland. Produceren in Duitsland is te duur geworden, vinden veel bedrijven, en dus vertrekken zij naar het buitenland.

Dat buitenland hoeft niet ver weg te zijn. Zelfs Nederland vinden ondernemers veel goedkoper dan Duitsland. Dat is ook een opvatting die leeft bij Nederlandse managers, zoals Fons Driessen van het kunststofverwerkende bedrijf Wavin. 'Duitsland heeft 30 procent hogere loonkosten dan Nederland, terwijl de productiviteit gelijk is', zegt Driessen. Hij overweegt de productie van zijn vestiging in Duitsland te verminderen en meer naar dat land te exporteren vanuit Nederland.

Duitse ondernemers denken er net zo over. Uit een enquête van de Duitse kamers van koophandel blijkt dat bedrijven daar 300 duizend banen naar het buitenland willen verplaatsen in de komende drie jaar. De hoge Duitse loonkosten zijn de voornaamste reden voor de verhuizing.

De naoorlogse recordwerkloosheid waar Duitsland momenteel mee kampt heeft nog niet zijn hoogste punt bereikt, zegt Grimbert Rost van Tonningen, bedrijvenconsultant bij Adstrat. 'De huidige werkloosheid van 4,15 miljoen (10,8 procent van de beroepsbevolking) is nog maar het topje van de ijsberg. Als Duitsland de banenvlucht tot staan wil brengen is een drastische loonreductie nodig', zegt hij.

Grundig zou niet het eerste Duitse Traditionsunternehmen zijn dat ten ondergaat aan hoge kosten. Andere roemruchte namen zijn de afgelopen jaren al voorgegaan. De Allgemeine Elektrizitäts-Gesellschaft bijvoorbeeld, beter bekend als AEG, die nog stamt uit de vorige eeuw. Het moederbedrijf Daimler-Benz, dat ook Fokker de das omdeed, had vorig jaar genoeg van de verliezen van zijn dochter, producent van elektronica.

De vakbonden bij Grundig zien de bui al hangen. Als het bedrijf geen nieuwe partner vindt met wie het fabrieken en technologie kan delen, dan valt het doek. Het geld verdwijnt met bakken tegelijk uit de onderneming en het eigen vermogen van 800 miljoen mark kan binnen twee jaar zijn weggesmolten.

Net als bij Fokker doen de bonden een beroep op de Beierse overheid om bij te springen. De christen-democratische minister van Economische Zaken Otto Wiesheu ziet dat niet zitten. 'De toekomst van Grundig kan alleen door de onderneming zelf worden veiliggesteld, en met een sterke partner', zegt hij, als een echo van Hans Wijers.

De socialistische oppositie is het niet met hem eens. De SPD vindt dat de staat wél een leidende rol moet spelen door bijdragen los te peuteren van banken en bedrijven die gedeeltelijk in handen zijn van de deelstaat.

Daarmee speelt de partij in op de angst voor banenverlies in de regio Neurenberg waar een miljoen mensen wonen. Het gebied kampt met een relatief hoge werkloosheid van bijna 12 procent. Siemens heeft al aangekondigd dat het drieduizend banen schrapt in de regio.

De Grundig-medewerkers geloven er niet meer in. Er is een legertje bedrijvendokters langsgeweest en zij komen allemaal tot dezelfde conclusie: Grundig kan als merk misschien overleven, maar niet als Duits productiebedrijf.

Verloren in de sneeuw op het bedrijfsterrein staat een rode crucifix. 'Philips drijft 586 mensen de sociale dood in', staat erop. Het getal slaat op de arbeiders van Werk 16 waar nu nog tv's worden gemaakt. De productie komt straks uit Wenen. Rond het kruis is geen kip te zien. Geen opstootjes, geen demonstraties, geen acties, geen werkbezetting. 'Het heeft toch allemaal geen zin', zegt Ak Ali die al vijftien jaar bij het bedrijf werkt.

De laatste grote ontlading van emoties vond een jaar geleden plaats toen Philips aankondigde de verliezen van Grundig niet meer aan te zuiveren. Rond het Grundig hoofdkantoor in Fürth stond het zwart van de mensen. Zij voelden op hun klompen aan dat dit de eerste stap was op weg naar een volledig afscheid.

Nu het zover is, zijn ze aan het idee gewend. Ali: 'Als de boel hier sluit, ga ik lekker terug naar Turkije met mijn spaarcentjes. Maar die arme Duitsers zijn de klos. Die kunnen geen kant op.'

Max Grundig, de overleden oprichter die heerste als een keizer totdat hij zijn bedrijf in 1984 verkocht aan Philips, maakt de ontruiming van zijn droomcomplex niet meer mee. Hij zal ook niet meer zien hoe twee desolate symbolen van een vergane tijd straks gebroederlijk naast elkaar liggen. Het ene is het Grundig-complex, symbool van de Duitse wederopstanding. Op een steenworp afstand ligt het megalomane stadion dat Nazi-architect Albert Speer bouwde voor de partijdag van de NSDAP - al wat langer onderdeel van de geschiedenis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.