De ondernemingHolthausen Clean Technology

Groot denken in waterstof: het Groningse familiebedrijf wil de Tesla van waterstoftrucks worden

In Hoogezand durven vader en zoon Holthausen te dromen van een toekomst op waterstof. Met het bouwen van waterstoftrucks moet de vraag worden gecreëerd. En dan volgt de rest vanzelf. ‘Zo breng je de markt op gang.’

Max Holthausen in de productiehal van het bedrijf.  Beeld Sabine van Wechem
Max Holthausen in de productiehal van het bedrijf.Beeld Sabine van Wechem

Wanneer duurzaam transport ter sprake komt, gaat het vroeg of laat over waterstof. En als het over waterstof gaat, wendt de discussie als vanzelf de steven richting het kip-ei-probleem. Dit probleem bestaat eruit dat door gebrek aan vraag (er zijn nauwelijks waterstofvoertuigen) er geen aanbod (tankstations) is, waardoor de vraag niet op gang komt, doordat je met je waterstofvoertuig bijna nergens kunt tanken. Pas als de kip er is, kan het ei volgen. Of andersom.

Bij waterstof betekent dit dat er vooralsnog weinig gebeurt, zeker in Nederland. Twintig publieke tankstations hadden er al moeten zijn, beloofde het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat in 2018 nog. Half december zijn het er vier. Dat schiet niet op.

Bedrijf: Holthausen Clean Technology
Waar: Hoogezand
Sinds: 1945
Aantal werknemers: 25

Familiebedrijf

Dan kun je twee dingen doen: of je wacht tot de ander beweegt, of je neemt zelf het heft in handen. Dit is wat Carl Holthausen en zijn zoon Max alweer zeven jaar geleden besloten te doen. Het Groningse familiebedrijf is direct na de oorlog opgericht als handelaar in olie en industriële gassen. Decennialang leverde dat een florerende business op. ‘Als je vooruitkijkt weet je dat in de komende tien tot dertig jaar de oliehandel minder wordt’, zegt zoon Max in het kantoor van Holthausen Clean Technology in Hoogezand. ‘Door de energietransitie zal het verdienmodel veranderen.’

Vader en zoon besloten de steven te wenden en zich te richten op groengas en waterstof. En daarbij stuitten ze een jaar of zeven geleden meteen op dat kip-ei-probleem. Want waterstoftankstations vergen hoge investeringen, terwijl er nauwelijks afzet is. Er moest dus vraag worden gecreëerd. Veel vraag. ‘Om een waterstoftankstation rendabel te maken, heb je grootverbruikers nodig’, zegt Holthausen. ‘Bij een investering in een dieselstation kun je het makkelijk rondrekenen. Bij waterstof niet.’

Met alleen personenauto’s kun je niet uit de voeten, zegt de jonge Groningse ondernemer. ‘Wij hebben daarom toen tegen elkaar gezegd: we gaan trucks in grotere aantallen produceren.’ Waterstoftrucks verbruiken meer waterstof en als er daar een flink aantal van rondrijden in de buurt, wordt het interessanter voor bedrijven om in een tankstation te investeren. ‘Dan los je het kip-eiprobleem op en breng je de markt op gang.’

De eerste klant hoefde niet eens te worden overtuigd, die meldde zichzelf. Toen enkele jaren geleden door de aardbevingen de winning van gas werd teruggedraaid, realiseerden provincie en gemeente Groningen zich dat er een probleem was ontstaan rond aardgas. ‘Er stonden ineens 20 duizend banen op het spel in de sector. Dus ze zochten iets nieuws’, aldus Holthausen.

De gemeente kwam met het verzoek een oude veegauto op diesel om te bouwen naar waterstof. Dat hadden ze bij Holthausen nog niet aan de hand gehad, dus vader en zoon maakten er een hobbyprojectje van in de avonduren, dat bijzonder goed afliep. ‘Sindsdien zijn we de vaste leverancier.’ Van veegauto’s, maar inmiddels ook van vrachtauto’s en bestelbusjes. ‘Het is een beetje uit de hand gelopen’, grijnst de jonge Holthausen. Het succes laat volgens hem zien waarom Groningen een logische plaats is voor het ontstaan van de Nederlandse waterstofeconomie.

Medewerkers sleutelen aan een van de waterstoftrucks. Beeld Sabine van Wechem
Medewerkers sleutelen aan een van de waterstoftrucks.Beeld Sabine van Wechem

Fusie

Vorig jaar fuseerde het bedrijf met Hyzon, een producent van brandstofcellen en waterstoftrucks. Hyzon werkt al twintig jaar aan de ontwikkeling en kan brandstofcellen bouwen met een vermogen van 300 kilowatt, bij een omvang die in de motorruimte past. Uniek, zegt Holthausen. Geen enkele andere leverancier kan zulke vermogens leveren bij deze geringe omvang. Het hoge vermogen betekent dat een truck alleen maar accu’s nodig heeft om remenergie in op te vangen. Die kunnen relatief klein zijn, waardoor het gewicht van de waterstoftrekker zelfs lager kan zijn dan die van een reguliere dieseltruck, zegt Holthausen. Dat betekent: meer laadvermogen.

Sinds de fusie levert Holthausen waterstoftrucks in drie formaten: vrachtauto’s tot 24 ton, een groter model tot 44 ton en nog zwaarder. In Nederland worden vooral vijftigtonners verkocht, zegt Holthausen. De trucks worden niet zelf geproduceerd, maar ingekocht bij Europese truckbouwers. Maar dan zonder dieselmotor. In Groningen worden ze omgebouwd naar waterstof.

Op sociale media wordt weleens laatdunkend gedaan over de inspanningen van vader en zoon, vooral door twitteraars die meer zien in accutechnologie. Holthausen vindt dat vreemd. ‘Er is helemaal geen sprake van een strijd’, zegt hij. ‘Wij zeggen ook: doe op accu’s wat op accu’s kan. Maar die zijn niet geschikt voor alle toepassingen.’ Personenauto’s en accu’s zijn meestal een ideale combinatie, denkt ook de jonge Holthausen. Maar een distributiecentrum met driehonderd trucks met accu’s van 400 kilowattuur, die ’s avonds allemaal aan de snellader moeten, dat trekt het stroomnet niet. Daarvoor is waterstof een betere oplossing, denkt hij.

De waterstof die Holthausen verkoopt, is duurzaam opgewekt. Het bedrijf gebruikt een groot zonnepark in de regio, dat rechtstreeks is aangesloten op een electrolyzer, die water met behulp van zonnestroom omzet in waterstof. Dat zonnepark van ruim 42 duizend panelen staat boven op de voormalige vuilnisbelt Woldjerspoor. ‘Onderaan staat onze electrolyzer en een tankstation. Korter kan het lijntje niet.’

Dat is mooi, want nu komt het toch al overbelaste noordelijke stroomnet niet verder in de verdrukking. De kleine waterstoffabriek kan er zelfs toe bijdragen dat overbelasting afneemt op het moment dat er veel zon en wind is. Het ‘overschot’ aan stroom hoeft dan niet het net in, maar wordt gebruikt voor de productie van waterstof, dat later ingezet kan worden. Honderd kilogram wordt er gemiddeld per dag geproduceerd. De vraag is inmiddels groter dan het aanbod, dus worden nieuwe zonneparken gebouwd in de regio, en ook bij Amsterdam. De toekomst? Holthausen wil samen met Hyzon een Europese bouwer van trucks en bussen op waterstof worden. Volgend jaar zal de productie rond de 800 trucks liggen. En over twee jaar tweeduizend. ‘Daarna zien we wel.’ En ja, zegt Holthausen, de ambitie is groot. ‘Uiteindelijk willen we de Tesla van waterstoftrucks worden.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden