Goede doelen profiteren van economie en erfenis

Goede doelen profiteren flink van het gunstig economisch tij. De opbrengsten uit donaties en vooral nalatenschappen zijn in 2016 met 13 procent gegroeid. In totaal haalden de 25 grootste filantropische instellingen vorig jaar 822 miljoen euro binnen uit eigen fondsenwerving.

Kinderen collecteren voor Haïti. Foto anp

Dit blijkt uit het jaarlijkse onderzoek van de Volkskrant naar de opbrengsten van de grootste 25 goede doelen. Kankerfonds KWF blijft met ruim 119 miljoen euro veruit het grootste goede doel in Nederland.

Het Oranjefonds, de Hartstichting en reddingsorganisatie KNRM zagen hun inkomsten fors toenemen dankzij giften uit grote erfenissen. Het Oranjefonds, op de derde plek, profiteerde enorm door de donatie van 51 miljoen van familiefonds Stichting Neyenburgh, opgericht door de eigenaar van het bedrijf waar de Silvo Gehaktkruidenmix werd bedacht.

De donaties aan goede doelen volgen meestal met enige vertraging de neergang en opmars van de economie. Na de economische crisis van 2008 beleefden goede doelen magere jaren. Ophef onder donateurs over onduidelijke bestedingen door goede doelen versterkte dit effect.

De laatste twee jaar laten de inkomsten weer een duidelijk stijgende lijn zien. Twintig van de grootste doelen haalden vorig jaar meer geld op.

Vertrouwen

'De steun vanuit de samenleving aan goede doelen is robuust, en is diep geworteld in de Nederlandse cultuur', reageert directeur Gosse Bosma van brancheorganisatie Goede Doelen Nederland. Het verheugt hem vooral dat goede doelen er beter in slagen om aan donateurs te verduidelijken wat hun prestaties zijn.

Het vertrouwen dat donateurs hebben in goede doelen is de laatste jaren weer op hetzelfde niveau gekomen als voor de crisis van 2008.

Goede doelen opereren voor het grote publiek vaak onder de radar, terwijl er veel geld in omgaat en de instellingen een reeks aan maatschappelijke taken op zich nemen. Om het vertrouwen van donateurs te behouden doen de doelen hun uiterste best om de besteding van geld goed te verantwoorden en niet verzeild te raken in een affaire. Bosma wijst er op dat vorig jaar het geld effectiever is ingezet. Van elke opgehaalde euro ging na aftrek van overhead en reclame 86 cent naar het goede doel.

De inkomsten van individuele goede doelen kennen door erfenissen soms flinke schommelingen. Zo zag de Hartstichting haar inkomsten met 25 procent stijgen naar 53 miljoen, waarmee het op de tweede plek eindigt.

Andersom zien goede doelen hun inkomsten teruglopen als er in een jaar juist minder erfenissen worden ontvangen. De duikeling van het Wereld Natuur Fonds en het Longfonds komt geheel op het conto van lagere inkomsten uit nalatenschappen. De inkomsten door donateurs blijven bij deze goede doelen wel gestaag groeien.

Werving

De filantropische instellingen proberen de schommelingen wel op te vangen. Zo heeft het Prins Bernhard Cultuurfonds een systeem opgetuigd waarbij rijkere families na een schenking een eigen fonds op naam kunnen krijgen. Voor 50 duizend euro of meer kunnen donateurs zo'n fonds kopen.

Het Prins Bernhard Cultuurfonds heeft vorig jaar met negentien families zo'n afspraak gemaakt. Door al deze privéfondsen, die vaak jaren achtereen een bedrag schenken, wint de inkomstenstroom aan stabiliteit.

Andere goede doelen stappen gestaag af van het agressief werven van donateurs en proberen met hen meer een band te kweken. KNRM, de Stichting Aap en de geleidehondenorganisatie KNGF nodigen bijvoorbeeld donateurs uit bij evenementen.

Een dagje mee met de KNRM: een goed verhaal trekt meer donateurs dan de collectebus

De goede doelen profiteren van het gunstige economische tij. Maar het werven van geldschieters vraagt nieuwe strategieën. De KNRM biedt nu 'ervaringen'. (+)