REPORTAGEGrondbezit goede doelen

Goede doelen bezitten veel grond in Nederland – en verdienen er miljoenen mee

Tot de ‘oudste’ gronden van de Duitsche Orde behoren in ieder geval kavels in het Zuid-Hollandse Maasland. Beeld Harry Cock / de Volkskrant
Tot de ‘oudste’ gronden van de Duitsche Orde behoren in ieder geval kavels in het Zuid-Hollandse Maasland.Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Grote stukken Nederlandse grond zijn al eeuwenlang in het bezit van goede doelen, blijkt uit de top-300 grondbezit van de VolkskrantHet levert ze ieder jaar miljoenen op. De Ridderlijke Duitsche Orde heeft een aantal percelen al zo’n acht eeuwen in eigendom. ‘Zo blijf je trouw aan de schenking en aan de historie.’

Wat is het oudste grondbezit van de Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht? Daar wordt nog naar gezocht in het rijke archief van het ruim achthonderd jaar oude genootschap. Dat de percelen zich bevinden in Zuid-Holland of Utrecht, is wel zeker. Daarmee zouden zij ook weleens kunnen behoren tot de oudste grondeigendommen van Nederland in particuliere handen, zegt Jan Reint baron de Vos van Steenwijk, die zich als voorman van het stokoude instituut ‘landcommandeur’ mag noemen.

Hij leidt rond in het Duitsche Huis, het historische onderkomen van de Orde in het centrum van Utrecht. Aan de muren hangt een reeks portretten in olieverf. Zij tonen de tachtig landcommandeurs sinds de oprichting van de Orde. Portret nummer tachtig toont De Vos van Steenwijk zelf. Niet in harnas, zoals veel voorgangers, maar in rokkostuum en om de schouders een witte mantel met ordekruis. ‘Maar daar wijs ik liever niet op. Niet de eenling is hier belangrijk, maar het collectief. We zijn een professionele organisatie. Maar wel een met een bijzonder rijke historie.’

Landcommandeurs in harnas. Beeld Harry Cock / de Volkskrant
Landcommandeurs in harnas.Beeld Harry Cock / de Volkskrant

De christelijke ridderorde werd gesticht rond het jaar 1190. Het Heilige Roomse Rijk wilde Jeruzalem terugveroveren op de moslims. De Duitsche Orde beschouwde zo’n krijgstocht als een erezaak en bovendien als zegen voor het zieleheil. Wie niet meeging, kon ook helpen door een schenking van waardevolle grond. De opbrengsten konden worden gebruikt voor de strijd en de medische hulpverlening. Dat laatste was ook een taak die de Orde op zich nam.

Zorgverlening

Door zulke schenkingen kwam ook de Balije van Utrecht aan haar grondbezit. De ‘Nederlandse’ (en inmiddels afgesplitste) provincie van de Duitsche Orde is vandaag de dag eigenaar van 1.430 hectare landbouwgrond, blijkt uit de Volkskrant Top 300 grootgrondbezitters. Daarin staat het genootschap op nummer 60, net achter Schiphol Real Estate, maar vóór de gemeente Rotterdam.

Met de pachtopbrengsten trekt de Orde niet meer ten strijde, maar voldoet ze nog wel aan die andere taak: zorgverlening. Ieder jaar keert de Orde 1,2 miljoen euro uit aan onder meer een aantal stichtingen voor ‘urgente noden’ in Nederland, de Voedselbank en de opvang van vluchtelingen door Kerk in Actie in Syrië.

De oudste akte van een schenking aan de Ridderlijke Duitsche Orde. Beeld Harry Cock / de Volkskrant
De oudste akte van een schenking aan de Ridderlijke Duitsche Orde.Beeld Harry Cock / de Volkskrant

De landcommandeur buigt zich met historicus Renger de Bruin over oude documenten in een vitrine. Tot de ‘oudste’ gronden van de Duitsche Orde behoren in ieder geval eigendommen in het Utrechtse Schalkwijk, Werkhoven en Odijk en het Zuid-Hollandse Maasland. Als waarschijnlijke datum van verwerving komen jaartallen langs als 1218 en 1277. Mogelijk levert een lopend onderzoek van een promovendus aan de Universiteit Leiden naar de middeleeuwse bezittingen van de Orde een nog preciezer beeld op.

Gezamenlijk bezitten de bijna veertig goede doelen in de Volkskrant-lijst bijna 24 duizend hectare Nederlandse grond. Dat is voor een groot deel landbouwgrond, verpacht aan agrariërs. Met een gemiddelde pachtprijs van zo’n 800 euro per hectare – de hoogste van Europa – levert dat jaarlijks zo’n 19 miljoen euro op. Net als bij de Duitsche Orde is het bestuur van zo’n goed doel vaak vrijwilligerswerk en wordt voor het beheer een rentmeester aangesteld. 

Goede daad

Schenking van een stuk grond gold dus vaak als goede daad, zoals voor het Old Burger Weeshuis van Leeuwarden (dat nu nog 734 hectare bezit). Ook werd het vaak ingebracht als vermogen in een eigen fonds, als erfenis voor de maatschappij of ter nagedachtenis aan een geliefde. Zo doneerden bijvoorbeeld de ouders van freule Cornelia van Lynden grote stukken grond aan hun stichting voor kinderzorg, ter herinnering aan hun vroeg overleden dochter (890 hectare). Ook werd grond wel ingezet als middel tot verheffing van de minderbedeelden. De Amsterdamse handelaar in graan en tabak Peter Willem Janssen kocht veel grond in Friesland (553 hectare). De arbeiders die het land ontgonnen, mochten het vervolgens als pachter bewerken.

Veel van die oude goede doelen verloren hun oorspronkelijke taak door de opkomst van de verzorgingsstaat of nieuwe manieren van zorgverlening. Het Weeshuis van Bolsward bijvoorbeeld zag in 1954 zijn laatste ouderloze kind vertrekken. Het historische pand werd verkocht. Wel behield de stichting haar grondbezit (323 hectare). Met de opbrengst daarvan steunt de stichting nog steeds onder meer zorg voor kinderen in eenoudergezinnen.

Het ‘Duitsche Huis’ van de Orde bestond uit verschillende gebouwen en een kerk gewijd aan Maria. Beeld Harry Cock / de Volkskrant
Het ‘Duitsche Huis’ van de Orde bestond uit verschillende gebouwen en een kerk gewijd aan Maria.Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Gouden lepel

Landcommandeur De Vos van Steenwijk betreedt de kapittelzaal, de grote vergaderzaal van de Duitsche Orde. Rond een lange tafel staan veertien stoelen. Die worden twee keer per jaar bezet door de commandeurs van de oude gewesten van het genootschap in Nederland – naar voorschrift leden van de Nederlandse adel. Midden op het bordeauxrode tafelkleed ligt een gouden lepel. Het is een aanwijzing van een voormalig landcommandeur aan de leden: u bent geboren met een gouden lepel in de mond en dient u daarnaar te gedragen.

De lange geschiedenis van de Orde brengt verplichtingen met zich mee, vindt De Vos van Steenwijk. Bijvoorbeeld het vasthouden van het grondbezit. ‘Oud bezit, van voor de napoleontische tijd, behouden we altijd, is mijn stelling. Zo blijf je trouw aan de schenking en aan de historie. Tegelijkertijd wil je de samenleving dienen. Dat kan betekenen dat je een stuk grond toch laat gaan, bijvoorbeeld voor stadsontwikkeling.’

Dat de Orde zo gehecht is aan haar grond heeft nog twee redenen, denkt hij. Grondbezit is geen voorwaarde van lidmaatschap van de Orde, maar ‘zit bij veel leden wel verankerd in het denken. Daar ben je mee opgegroeid, vanuit familietraditie. Dus grondbezit omzetten in effecten, dat doe je niet zomaar.’

Een boek met de lijsten van kavels en gronden in bezit van de Duitsche Orde. Beeld Harry Cock
Een boek met de lijsten van kavels en gronden in bezit van de Duitsche Orde.Beeld Harry Cock

Cashflow

Dan is er nog een meer prozaïsche overweging. ‘Wat opbrengst betreft, komt grond er op de lange termijn echt niet slechter uit dan effecten. Het heeft een steady cashflow. En die voorspelbaarheid heeft waarde voor ons doel. Als betrouwbaar donateur wil je verzekerd zijn van stabiele inkomsten, niet van de grillen van de beurs.’

In de gang staat nog een harnas, geen historisch exemplaar, maar wel een verwijzing naar de krijgsgeschiedenis van de Orde. ‘De strijd die wij nog voeren is die tegen armoede en ziekte, gewapend met ons bezit’, zegt De Vos van Steenwijk. En dat is ongeacht geloof of achtergrond van de ontvanger, voegt hij daaraan toe. Ja, ook moslims worden geholpen, ook al werd de Orde opgericht om de muzelman te verdrijven uit de heilige stad. ‘Geen enkele discussie. De oude vijand is voor ons een nieuwe vriend.’

Vijf goede doelen met veel grond

De Maatschappij van Welstand, 2.743 hectare
De Maatschappij van Welstand, opgericht in 1822 door de Hilvarenbeekse predikant Jacob van Heusden, heeft veel grond in Noord-Brabant en het zuidelijk deel van Gelderland, van Zundert tot Appeltern. Met de pachtopbrengsten ondersteunt de maatschappij het protestantse geloof in Nederland. Dat deed ze bijvoorbeeld door vrijkomende boerderijen in het overwegend rooms-katholieke Noord-Brabant te verpachten aan protestantse boeren.

Het Old Burger Weeshuis, 734 hectare
Bij haar overlijden in 1538 liet de kinderloze Auck Peters, echtgenote van de burgemeester van Leeuwarden, haar huizen na voor de opvang van arme wezen. Het Old Burger Weeshuis deed dienst tot 1981. Het vermogen van de stichting groeide in de loop der eeuwen door schenkingen. De inkomsten bestaan vooral uit pacht voor haar gronden, huur en beleggingen. Het rendement wordt besteed aan vooral de jeugd- en ouderenzorg.

Dullertsstichting, 699 hectare
Het vermogen van advocaat en liberaal politicus Willem Hendrik Dullert, een ongetrouwde Arnhemmer, werd in 1882 ondergebracht in een stichting. Daartoe behoren ook landerijen en boerderijen, die pachtgelden opbrengen. De opbrengst van het vermogen wordt besteed aan giften aan behoeftige burgers van Arnhem en omstreken. Dat kan ook zomaar voor een nieuwe koelkast zijn.

Stichting Boschuysen, 517 hectare
Het rijke Haagse echtpaar Crispijn en Agnyese van Boschuysen liet in 1564 een vermogen na voor de ‘rechten Aermen’ van Den Haag. Dat leidde onder meer tot de stichting van het eerste Haagse weeshuis. Met de aankoop van grond en boerderijen in onder meer Westland, Midden-Delfland en Den Haag werd een constante inkomstenstroom gegenereerd. Het weeshuis is er niet meer, de steun aan jongerenprojecten nog wel.

Stichting Het Feithenhof, 457 hectare
Na het overlijden van burgemeestersvrouw Maria Catharina Feith in 1740 was het grootste deel van haar vermogen bestemd voor de oprichting van een ‘Oude Mannen en Vrouwen Godshuis’ in haar woonplaats Elburg. Het ‘oude Feithenhof’ in een rijksmonument in de oude binnenstad wordt gefinancierd met het verpachten van ruim 450 hectare grasland in de wijde omtrek van de vestingstad. De 75 pachters zijn voor een groot deel veehouders.

Deze grote eigenaren bezitten onze schaarse grond
Extra woningen, natuur, landbouw of toch duurzame energieopwekking? Grootgrondbezitters hebben een doorslaggevende stem bij het toekomstige gebruik van de schaarse ruimte in Nederland. Ontdek hier wie de grootste grondbezitters zijn en hoe groot hun land is, vergeleken met je eigen tuin of woonwijk.

De grootste particuliere grondbezitter is een dame die zich tot niets laat dwingen
Wie is deze Magreta Moret-Wessels Boer, een vrouw van 81 uit Drenthe die er alles aan doet haar 2.246 hectare grond in de vier noordelijke provincies intact te houden?

Wie de grond heeft, heeft de macht
De ruimte voor huizen, recreatie, windmolens of voedselteelt wordt schaarser. Dus rijst de vraag wie de grond in Nederland bezit en wie kan bepalen wat er met die grond gebeurt.

Gezocht: een minister van Ruimte (met macht en geld!)
Als Den Haag niet snel de regie pakt bij de ruimtelijke ontwikkeling van het landschap, dan wordt Nederland ‘één grote hagelslag’. Daarvoor waarschuwt rijksadviseur Berno Strootman. ‘Ik houd mijn hart vast.’

Het gevecht om de polder Rijnenburg
Als rond 2001 mannen in pakken de polder Rijnenburg inlopen, wordt de kiem gezaaid voor een taai gevecht. Wat gaat hier komen: huizen, de droom van de projectontwikkelaars, of windmolens en zonnevelden, wat de gemeente Utrecht wil?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden