Geldvraag Belastingaangifte

Ga ik niet te snel met mijn belastingaangifte?

Vanaf 1 maart heeft de Belastingdienst mijn belastingaangifte vooraf ingevuld, zodat ik er snel mee klaar ben. Hoe voorkom ik dat ik de aangifte afraffel en mezelf benadeel?

Beeld ANP XTRA

Er is niets mis mee om de aangifte al direct begin maart in te vullen. Wie hem snel invult, heeft ook meer tijd om erover na te denken en de gegevens aan te passen. Het maakt ook niet uit of u hem al heeft ingestuurd of niet. U kunt de aangifte altijd aanpassen en opnieuw insturen.

De Belastingdienst gaat uit van de laatst ingestuurde versie die vóór 1 mei is ingediend. Aangiften die vóór 1 april zijn ingestuurd, worden soms al eerder in behandeling genomen. Wie dus in april een eerder ingediende aangifte aanpast, moet even checken of de aanslag wel op de juiste gegevens is gebaseerd. Opslaan en pas versturen als u het helemaal zeker weet, is ook een goede optie.

De fiscus legt meestal in de maand juni een aanslag op. Ook dan kunt u nog binnen zes weken na de dagtekening van de aanslag iets veranderen, door de digitale aangifte te openen, aan te passen en opnieuw in te sturen. Officieel heet dat bezwaar maken, maar u hoeft niets toe te lichten.

Zorg er wel voor dat u geen inkomen of vermogen vergeet in de aangifte die u voor 1 mei indient. Anders kan de fiscus dit zien als verzwijgen en een boete opleggen.

Controleer de vooraf ingevulde gegevens. Kloppen alle cijfers? Het vermogen boven de vrijstelling van 30 duizend euro (voor partners het dubbele) wordt belast. Let op: afboekingen in het laatste weekend van 2017 zijn door veel banken niet verwerkt in de jaaroverzichten van 2018. U moet de tegoeden zelf verlagen.

Bekijk in het overzicht op de website van de Consumentenbond of u geen aftrekposten vergeet. Partners kunnen schuiven met aftrekposten en vermogen en daardoor belasting besparen. De aftrekpost kan het beste worden toebedeeld aan de meestverdienende partner, maar er zijn uitzonderingen. Dat is bijvoorbeeld het geval als de meestverdienende partner met AOW is en de andere nog niet. De belastingtarieven voor AOW’ers zijn vaak lager.

Let bij het verdelen op de aanslagdrempel. Als een van de partners minder dan 47 euro moet betalen, vervalt die heffing. De fiscus heft immers geen belasting als het bedrag 46 euro of minder is.

Als een partner in 2018 langdurig in het verzorgingshuis is opgenomen, kunnen beiden de alleenstaande-ouderenkorting van 423 euro claimen. U beantwoordt in de aangifte dan de vraag of u recht had op een alleenstaande-AOW met ‘ja’. Recht hebben is voldoende, maar u kunt juist beter geen alleenstaande-AOW aanvragen. Anders wordt de eigen bijdrage voor het verzorgingshuis veel hoger.

Vorig jaar weigerde de belastinginspecteur regelmatig de alleenstaande-ouderenkorting toe te kennen als er geen alleenstaande-AOW was toegekend. Ten onrechte. Maak bezwaar onder verwijzing naar de uitspraak AU2476 van gerechtshof Den Bosch uit 21 juli 2005.

Dat is de keerzijde van de vooraf ingevulde aangifte. De deskundige inspecteur verdwijnt en de Belastingdienst is steeds meer een automatiseringsbedrijf aan het worden. Daar kunt u niet blind op vertrouwen.

Reinout van der Heijden is hoofdredacteur van de Geldgids

Ook een vraag aan Reinout? Geldvraag@volkskrant.nl

In een eerdere versie van dit artikel stond: ‘Let bij het verdelen op de aanslagdrempel. Als een van de partners minder dan 46 euro moet betalen, vervalt die heffing. De fiscus heft immers geen belasting als het bedrag 45 euro of minder is.’ De juiste bedragen zijn respectievelijk 47 euro en 46 euro.   

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.