Financieel conservatisme sleept Frankrijk door de kredietcrisis

Dankzij staatsbemoeienis is geen enkele grote Franse bank failliet gegaan, en de economie groeit alweer...

Parijs Dat Frankrijk een voorhoederol zou krijgen in de bestrijding van de economische crisis – een jaar geleden nog zou er in financiële kringen smakelijk om gelachen zijn. De Franse financiële wereld stond bekend als conservatief – een schoolvoorbeeld van het Oude Europa dat niet meer werkte; internetbankieren is er bijvoorbeeld een onbekend fenomeen. En het Franse bedrijfsleven was niet bepaald de beste leerling van dat Europa: moeilijke verhoudingen tussen werkgevers en werknemers, weinig innovatief, onnodig veel staatsbemoeienis.

Een jaar later lijken die beperkingen juist gunstig uit te pakken. Het conservatisme van de financiële instellingen heeft ertoe geleid dat Frankrijk minder besmet is door sterk risicodragend kapitaal.

De grote Franse banken zijn het afgelopen jaar niet omgevallen. Bovendien: na het tweede kwartaal van dit jaar kon Frankrijk als een van de weinige Europese landen een bescheiden economische groei bekendmaken.

Dat alles – naar het lijkt – door een politiek die in tijden van economische voorspoed verfoeid wordt: die van het staatsingrijpen. De Franse regering heeft van meet af aan ingezet op investeringen en niet op consumentenuitgaven. Het overheidsgeld dat in veel andere landen direct aan de burgers werd uitgekeerd, wordt in Frankrijk via projecten – bruggen, wegen, spoorlijnen, renovaties – in de economie gepompt. Frankrijk was ook het eerste Europese land dat een premie uitloofde voor wie zijn oude auto naar de sloop bracht.

De Franse regering zit daarmee direct aan de knoppen van het economisch herstel. In praktische zin, door de economische injecties die zijn gegeven. Maar ook in de regelgeving zijn vanaf het begin van de crisis initiatieven genomen.

Een nieuwe economische orde – dat was de strijdkreet van de Franse president Sarkozy. Op zijn aandrang kwamen de Europese economische grootmachten bij elkaar, en later de G20. Herhaaldelijk heeft hij aangedrongen op een nieuw moreel besef bij de financiële instellingen.

In dat kader moet zijn oproep aan de Franse banken worden begrepen om de bonussen aan hun handelaren te beperken. De redenering is simpel: de Franse banken danken hun overleven aan de overheidssteun die ze de afgelopen maanden ontvingen; steun die uit de portemonnee van de belastingbetaler komt. Die steun mag nu niet worden aangewend om handelaren aan te zetten tot het gedrag dat heeft bijgedragen tot het ontstaan van de crisis.

Terwijl de bonussen weer stijgen, hebben bedrijven die door de crisis in financiële nood verkeren de grootste moeite een bank te vinden die hen krediet wil verschaffen.

Ook op dat punt wil de Franse regering verplichtingen opleggen. ‘De staat is tussenbeide gekomen om de banken in staat te stellen het bedrijfsleven te helpen. En niet om hen te laten speculeren’, hield Sarkozy dinsdag de top van het Franse bankwezen voor.

Die aandacht voor de morele herbewapening sluit aan bij een Franse ethiek van ondernemen. De Franse economie is aanzienlijk minder liberaal dan die van de Angelsaksische landen. Veel grote nutsbedrijven zijn in staatshanden en het percentage ambtenaren is hoog. Daarbij hoort een andere bedrijfsvoering: minder gericht op direct geldelijk gewin, en meer op maatschappelijk verantwoord ondernemen. Die houding moet zich tot aan de banken uitstrekken.

Het is een mentaliteit die in tijden van crisis de diepste dalen afvlakt. Of er later ook de hoogste bergen mee kunnen worden beklommen, zal moeten blijken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden