Europa mag staken; in China breidt GM uit

Terwijl de werknemers van General Motors in Europa staken tegen de ontslaggolf die hen te wachten staan, is het concern in China met hele andere zaken bezig....

Hoewel de autoconsumptie in China dit jaar wat tegenvalt vergeleken met de explosieve groei van vorig jaar, mag de groei naar Europese begrippen nog steeds gezond worden genoemd. De afgelopen maand stegen de verkopen weer met 6 procent. Dat is geen wonder: het land met de grootste bevolking ter wereld (bijna 1,3 miljard zielen) heeft pas een slordige tien miljoen blijde rijders, en met zo'n laag uitgangspunt ogen groeipercentages al snel goed.

De internationale auto-industrie heeft China inmiddels omarmd als meest belovende markt. De grote merken uit Europa, de VS en Japan kondigden het afgelopen jaar uitbreidingsplannen voor hun lokale fabrieken aan ter waarde van ruim tien miljard euro, met als doel tegen 2010 een produktiecapaciteit in China paraat te hebben die zes miljoen auto's per jaar kan afleveren.

Tegen die tijd, zo hopen de autofabrieken, zal de Chinese middenklasse een dusdanige omvang en koopkracht hebben bereikt dat de natie met de grootste welvaartskloof ter wereld ook de tweede automarkt ter wereld is geworden. Alleen in de VS rijden meer auto's.

Mocht de Chinese autodroom niet helemaal uitkomen, dan hebben de grote merken in ieder geval een aanzienlijke produktiebasis in een land waar de lonen laag zijn en de staatsvakbonden keurig aangelijnd. En hoewel de tijd nog lang niet is aangebroken dat in China vervaardigde automobielen serieuze concurrentie vormen op de globale exportmarkt, hoef je maar naar het voorbeeld van Japan en Zuid-Korea te kijken om te bedenken dat het op een dag toch zal gebeuren.

Twintig jaar geleden had ook niemand van Daewoo, Kia en Hyuandai gehoord. En wie nam veertig jaar geleden Toyota, Honda of Nissan serieus?

Hou er dus maar rekening mee dat in 2020 zomaar een dealer van Chery, Geely of Great Wall bij u om de hoek kan zitten die scherp geprijsde wagens aan de man brengt, van behoorlijke kwaliteit en vlot gelijnd.

In China bestaan die garages al. Je kunt bij Great Wall bijvoorbeeld de Safe kopen, een heel aardige Sports Utility Vehicle. Achtduizend euro, inclusief van Toyota en BMW afgekeken vormen, airco, elektrische ramen, cd-speler en laserpieper in de bumper tegen parkeerschade.

Chery maakt wat dikkige gezinsauto's die hun vorm van Seat en de neus weer van BMW hebben nageaapt en Geely boodschappenwagentjes met een soort Mercedesneus - en sinds kort ook China's eerste sportcoupe. Deze Meirenbao (Chinees voor Prachtluipaard) wil echter nog niet zo hard lopen, ondanks een vriendelijke instapprijs van tienduizend euro.

De Chinese fabrieken zijn ook al voorzichtig aan het exporteren geslagen. Trucks, busjes en personenauto's gaan naar Afrika, het Midden-Oosten en Zuid-Amerika. De lokale merken moeten nog veel leren als het gaat om de kwaliteit van distributienetwerken. Maar Volkswagen en Honda zijn intussen wel met de eerste kleine leveranties uit hun Chinese fabrieken naar de volwassen markten begonnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden