Erfelijke ziekte kan verzekeren lastig maken

Ondervinden mensen met een erfelijke aandoening, problemen bij het afsluiten van een kapitaalverzekering? Dat is de vraag die opdoemt naarmate steeds meer ziekten met erfelijk onderzoek vroegtijdig kunnen worden opgespoord....

Van onze verslaggever Carlijne Vos

‘Het kan niet de bedoeling zijn dat dit probleem mensen ervan weerhoudt zich te laten screenen op erfelijke ziekten’, zegt Mattanja Triemstra, onderzoekster van het Nederlands Instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg (Nivel.)

Het Nivel bracht maandag de resultaten naar buiten van een onderzoek naar het opsporingsprogramma voor Familiaire hypercholesterolemie (FH) en concludeerde dat mensen die zich tussen 1994 en 2005 hebben laten testen op een erfelijk verhoogd cholesterolgehalte, wel degelijk problemen hebben gehad bij het aanvragen van een levens- of arbeidsongeschiktheidsverzekering.

40 procent van de betrokkenen die in die periode een verzekering aanvroegen, kreeg te maken met uitsluiting of hogere premies. Dit ondanks de Wet Medische Keuringen die in 1998 is ingevoerd om mensen te beschermen tegen misbruik van medische gegevens. Ook speciale afspraken met verzekeraars uit 2003 over de behandeling van FH-patiënten met verzekeraars zouden geen baat hebben gehad.

De maatregelen om personen te beschermen tegen de gevolgen van screeningsprogramma’s, zouden volgens het Nivel ‘weinig effectief’ zijn geweest. En dat is jammer, zo constateert het onderzoeksinstituut, omdat steeds meer wordt verwacht van opsporingsprogramma’s naar erfelijke aandoeningen. Zo zijn er onder meer programma’s voor erfelijke vormen van borstkanker en darmkanker die met vroegtijdige opsporing goed kunnen worden behandeld. Ook de hielprik voor zuigelingen bijvoorbeeld is met ingang van dit jaar uitgebreid tot de opsporing van zeventien zeldzame aandoeningen. Dat waren er drie.

Het Verbond van Verzekeraars reageert verbaasd op de conclusies van het Nivel. ‘Dit is eigenlijk een probleem uit het verleden’, reageert woordvoerder Hennie Zoontjes. ‘We hebben nu goede afspraken gemaakt.’ De verzekeraars hebben in 2003 met de Stichting Bloedlink, het patiëntennetwerk voor mensen met erfelijke hart- en vaatziekten, afgesproken dat mensen met FH niet langer a priori zouden worden beoordeeld op grond van hun erfelijke aandoening maar op basis van hun ‘objectieve medische toestand’. De patiënten behoren door de tijdige behandeling van hun ziekte en door hun gezonde levensstijl als gevolg van die ziekte, niet langer tot een risicogroep.

De Stichting Bloedlink heeft sindsdien geen klachten meer ontvangen. ‘Maar het onderwerp blijft uiterst actueel’, zegt directeur Hans van Laarhoven. ‘Bij verzekeraars zal steeds discussie blijven over de behandeling van mensen met een erfelijke aandoening, afhankelijk van de mate van behandelbaarheid van de ziekte.’

Volgens het Verbond van Verzekeraars is een erfelijke aandoening al lang geen reden meer voor verzekeraars om iemand af te wijzen. ‘HIV-patiënten bijvoorbeeld kunnen zich tegenwoordig ook gewoon verzekeren. Weliswaar voor een kortere looptijd en een hogere premie. Maar ze zijn niet langer onverzekerbaar’, aldus Zoontjes.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden