ANALYSE

Energieprijs is bepalend, het beleid is dat niet

Bedrijven zijn kritisch over de huidige Europese energiepolitiek. Maar het is vooral de lage prijs van energie die ze naar Amerika drijft.

null Beeld anp
Beeld anp

De knuppel in het hoenderhok komt van de Duitser Kurt Bock, directeur van chemiebedrijf BASF en oud-lobbyist van de Europese chemiefederatie Cefic, de grootste industriële lobbyist in Europa. Zijn bedrijfstak heeft het moeilijk vanwege de recessie en lage energieprijzen, zegt hij. Maar óók doordat gesubsidieerde, duurzame energieopwekking belangrijker wordt gevonden dan goedkope grondstof voor de industrie.

Terwijl duurzame energiebedrijven met subsidies in de watten worden gelegd , moeten chemiebedrijven zien te overleven op de echte markt. 'Hernieuwbare energie moet eindelijk eens worden vrijgelaten uit de kinderboerderij van risicovrije winst', brieste hij onlangs.

Voor BASF zelf was de conclusie al getrokken: het bedrijf zal de komende vijf jaar nog maar een kwart van zijn investeringen doen in eigen land, in plaats van eenderde in de afgelopen vijf jaar. In de VS is het schaliegas goedkoop en zijn nieuwe fabrieken sneller rendabel. Ook Dow Chemical verlegde onlangs investeringen van Europa naar de VS. In de aanloop naar nieuwe Europese klimaatafspraken, scoren de chemielobbyisten daarmee een punt.

Duitsland is 'dubbel geïsoleerd', zegt Bock, omdat het niet alleen deelneemt in de Europese emissiehandel in de uitstoot van broeikasgassen, maar ook probeert om te schakelen op duurzame energiebronnen en ook nog eisen stelt op het gebied van energiebesparing. Terwijl het volgens hem of het één, of het ander zou moeten zijn.

Kurt Block, directeur van chemiebedrijf BASF Beeld anp
Kurt Block, directeur van chemiebedrijf BASFBeeld anp

Geen gesloten front meer

Klagende bedrijven over een te ambitieus klimaatprogramma, zoals BASF, laten luid van zich horen. Maar een gesloten front vormt het Europese bedrijfsleven al lang niet meer. Ook lobbygroep EU-ASE meldde zich deze week bij de Europese Commissie, juist om te pleiten voor strengere eisen op het gebied van CO2-reductie en vooral energiebesparing. Leden van EU-ASE zijn onder andere Unilever, Philips en Siemens; multinationals die pionieren in duurzaamheid of geld verdienen met energiebesparende techniek.

Toch pleiten ook de Nederlandse chemische industrie en de werkgeversorganisatie VNO-NCW tegen het gewraakte 'dubbele' Europees energiebeleid, waarin ze te veel plichten zien. Alleen een einddoel (40 procent minder broeikasuitstoot in 2030 ten opzichte van 1990) is genoeg, zegt Willem de Goede, secretaris Energie en Klimaat van werkgeversorganisatie VNO-NCW. En dat alleen 'als de concurrentiepositie van internationaal concurrerende industrie geborgd wordt en de reductie op de meest kosteneffectieve wijze wordt gerealiseerd'.

Volgens de werkgevers kan alles goed worden geregeld via het systeem voor handel in emissierechten, ETS. Maar daarmee staan de bedrijven lijnrecht tegenover een massa critici die stellen dat die emissiehandel niet werkt.

Dat bedrijven zoals Unilever en Philips wel pleiten voor extra maatregelen, komt volgens de werkgevers doordat zij een 'andere positie innemen in de markt'. Of de voor- en nadelen elkaar misschien in evenwicht houden, vindt De Goede moeilijk te bepalen. 'Bedrijven zijn vaak onderdeel van een keten van afnemers en toeleveranciers waardoor de effecten niet enkelvoudig zijn. Voor de Europese industrie is het belangrijk om zo'n hele keten te kunnen behouden.'

Chemie

De ogen gaan daarbij weer naar de chemie. Soms gaat extra energiegebruik vooraf aan energiebesparing, zoals bij de productie van lichte materialen waardoor auto's zuiniger kunnen rijden, betogen de lobbyisten. Maar wordt dit belemmerd en komen er al Nederlandse bedrijven door het Europese energiebeleid in problemen?

Colette Alma, algemeen directeur van de vereniging van chemische bedrijven VNCI, kan zulke bedrijven niet noemen. Het effect van de energieprijzen zelf is vele malen groter dan van het beleid, zegt ze. Dat in Amerika de marktprijs voor gas eenderde is van hier, komt door het schaliegas - niet door Europese maatregelen. 'Maar het komt er natuurlijk wel bovenop.'

Niet hernieuwbare energie, maar vooral de wereldmarktprijs van ouderwetse, fossiele energie bepaalt de koers van Europese multinationals, erkent ook de werkgeversorganisatie. Politieke keuzen spelen echter wel degelijk een rol, beklemtoont De Goede. 'We hebben bijvoorbeeld nog geen handelsverdrag met de VS, waardoor we meer van hun schaliegas zouden kunnen profiteren. En schaliegas in Europa staat nog maar in de kinderschoenen, deels omdat we dat niet willen. Ook functioneert de interne markt voor energie nog onvoldoende en kiezen we niet voor het meest kostenefficiënte manieren om CO2 te reduceren. Dat zijn wel beleidszakenz.'

En er moeten meer Europese subsidies komen voor innovatie binnen de chemische industrie, zegt Colette Alma van de VNCI.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden