Een tikkeltje irritant rekenwonder

De voorman van de beleggersvereniging VEB stapt na twaalf jaar op. Onder zijn bewind kregen beleggers meer macht...

Zijn eerste aandelen kocht hij toen hij 17 was: Akzo’s, voor 89,60 gulden per stuk. Een jaar later bezocht hij voor het eerst een aandeelhoudersvergadering. Het kleine beursfonds Samas was de gelukkige. De 18-jarige De Vries reisde per trein uit zijn geboortedorp Putten naar Maarssenbroek, waar de verkoper van kantoormeubelen was gevestigd. In een kantoorpand op een verlaten industrieterrein werd hij samen met twee andere aandeelhouders ontvangen door twee bestuurders en drie commissarissen. Het decor: een ronde tafel in een kleine kamer.

Een jaar eerder had de onderneming zijn aandelen gesplitst, zodat een belegger voor elk aandeel van 1.250 gulden, twintig aandelen van 62,50 gulden in handen kreeg. Op de pesterige vraag van De Vries waarom het aandeel Samas zo ondermaats presteerde, bleven de bestuurders het antwoord schuldig. Zij waren domweg vergeten dat de ‘koersval’ (naar 65 gulden) louter een papieren kwestie was, veroorzaakt door de splitsing.

De Vries’ aandeelhoudersvergaderingen in de jaren daarna, als directeur van de Vereniging van Effectenbezitters (VEB), hadden een ander decor, maar zijn bijdrage bleef herkenbaar: onverschrokken, met kennis van zaken en een tikkeltje irritant. Op aandeelhoudersvergaderingen voelde hij zich thuis achter de interruptiemicrofoon. Daar leunde hij altijd sterk op zijn eigen rekenwerk. Dat was hem wel toevertrouwd, gebiologeerd door cijfers, als hij was.

De anekdotes zijn talrijk. Als economiestudent aan de Rotterdamse Erasmusuniversiteit staat hij geregeld een half uur bij de Amrobank in de buurt te kijken naar de tickertape die daar te zien is, een weergave van de beurskoersen van bedrijven. Favoriet spelletje op vakantie met zijn vriendin (met wie hij twee jonge kinderen heeft): beurskoersen raden. Hij blijkt er honderden uit zijn hoofd te kennen. In 1998 zegt hij in de Volkskrant: ‘Sommige mensen vinden het vreemd dat ik geen boek meeneem op vakantie, maar een emissieprospectus.’ En op de vraag hoe oud zijn kinderen zijn antwoordde Peter Paul de Vries gisteren met een lach: ‘4,4 en 1,7 jaar. Ik druk me graag exact uit.’

De Vries (13 mei 1967) is het symbool geworden van de toegenomen macht van aandeelhouders in het bedrijfsleven. Hij was de wegbereider voor de mondige belegger die inspraak eist in het beleid en niet alleen naar de aandeelhoudersvergadering kwam voor het kopje koffie met gebak.

Pensioenfondsen als ABP en PGGM en institutionele beleggers als Robeco en ING durfden in de jaren negentig nog niet hun ongenoegen te uiten op vergaderingen; ze lieten de kleine VEB de kastanjes uit het vuur halen.

Mede namens dit soort grote beleggers daagde De Vries het bouwbedrijf HBG voor de Amsterdamse Ondernemingskamer. Dat wilde het roer radicaal omgooien en fuseren met de baggerdivisie van Ballast Nedam om zo voor andere gegadigden de deur te sluiten. Namens 75 procent van de aandeelhouders betoogde De Vries dat voor zo’n radicale koerswijziging de toestemming van aandeelhouders nodig is.

Op 21 januari 2002 – ‘mijn belangrijkste overwinning’, zei hij gisteren – kreeg hij gelijk van rechtbankpresident Huub Willems: ‘wanbeleid’.

Hoewel later door de Hoge Raad teruggedraaid, markeert deze uitspraak de toegenomen macht van aandeelhouders. Een jaar later zou die invloed worden verankerd door de gedragscode voor goed ondernemingsbestuur van de commissie-Tabaksblat, waarvan De Vries een prominent lid was. Vooral de passages over de certificering van aandelen – die de commissie wilde afschaffen om aandeelhouders meer stemrecht te geven – tonen zijn invloed.

Karakteristiek zijn De Vries’ rechtszaken voor de Ondernemingskamer. ‘Ik geloof dat ik op een gegeven moment een marktaandeel had van 70 procent van alle zaken.’ Het bleken vaak opstapjes naar betere regelingen voor alle aandeelhouders. Bij Ahold en Unilever sleepte hij zo schikkingen van honderden miljoenen euro’s uit het vuur.

Zijn tactiek om de confrontatie te zoeken, was vooral een succes tijdens het uiteenspatten van de internetzeepbel, toen bedrijven als KPNQwest en World Online ten onder gingen. De kleine lettertjes in het prospectus van World Online, waarin Nina Brink bijvoorbeeld schreef dat ze aandelen had verkocht, waren een kolfje naar zijn hand.

De laatste jaren wordt De Vries als beleggersactivist rechts ingehaald door hedge funds. In het conflict bij Stork, waar twee aandeelhouders het industriële bedrijf willen opknippen, koos hij de zijde van de bestuurders.

Over een ander onderwerp is De Vries niet milder geworden, maar juist feller: topbeloningen. De afgelopen jaren fulmineerde hij steeds heftiger over hoge beloningen, gratis aandelen en onduidelijke prestatiecriteria. Vooral de beloningsbureaus kregen er keer op keer van langs. Tevergeefs, want de salarissen blijven stijgen.

Een keer lukte het hem wel om een topsalaris te verlagen, en weer was het zijn rekenvaardigheid waarmee hij zich onderscheidde. Op de rumoerige aandeelhoudersvergadering van Ahold in het Haagse Circustheater op 4 september 2003 – ‘mijn tweede belangrijke overwinning’ – rekende De Vries staand voor de interruptiemicrofoon uit wat de nieuwe topman Anders Moberg zou verdienen: bijna 10 miljoen euro. Een golf van verbijstering trok door de zaal. Twee weken en vele protesten later werd het salaris van Moberg verlaagd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden