EDDIE S.Het zondagskind van de beursfraude

Nooit aangehouden, toch een hoofdverdachte in de beursfraude: vier recente arrestaties drijven Eddie S. opnieuw in het nauw. Twaalf jaar lang al duikt S....

LIEFST zou Rob Heezius, directeur van het effectenhuis Eduard de Graaff, de naam van Eddie S. voorgoed uit zijn geheugen wissen. S., de enige hoofdverdachte in de beursfraude-zaak die nog niet werd gearresteerd, bezorgde hem al in 1986 de zwartste bladzijde uit zijn loopbaan. 'Ik was nog maar net binnen als nieuwe directeur bij Eduard de Graaff toen Eddie S. veel rottigheid veroorzaakte. Ik had me een aangenamere start in mijn nieuwe baan voorgesteld', aldus Heezius.

De toen 26-jarige effectenhandelaar S. leek in eerste instantie een goede klant van De Graaff. Hij plaatste als directeur van de Panamese trustmaatschappij Parley Commodities vanuit Londen grote orders. Ook Heezius had goede verhalen gehoord van zijn partners over de jonge ambitieuze handelaar. 'Ik vond het aanvankelijk een aardige vent.'

Maar toen S. een paar grote tegenvallers moest incasseren en voor miljoenen rood kwam te staan, sloeg de stemming om. Vooral nadat bleek dat hij de rekening niet betaalde en er bij Parley Commodities geen geld was. De affaire met S. bracht Eduard de Graaff aan de rand van de afgrond. Het beursbestuur verweet het bedrijf te grote risico's te hebben genomen.

'Achteraf was het allemaal niet zo slim van ons. We waren te goed van vertrouwen. Dom, dom, dom', recapituleert Heezius. De Graaff werd op de valreep door een nieuwe aandeelhouder gered en doorverkocht aan Staal Bankiers. Heezius schat dat Eddie S. Eduard de Graaff met een schadepost van meer dan vijf miljoen gulden heeft laten zitten.

Van dat geld heeft het bedrijf geen gulden terug gezien. Volgens Heezius had S. een ondoordringbare schemerzone van rechtspersonen om zich heen gebouwd. Uiteindelijk heeft Eduard de Graaff zijn verlies genomen en kon S. goed wegkomen.

Heezius' wens om niet meer aan S. herinnerd te worden, blijkt onuitvoerbaar. De omstreden effectenhandelaar is sinds zijn opmerkelijke debuut in 1986 actief gebleven op de Amsterdamse beurs. Zijn reputatie is allerminst verbeterd. In beurskringen variëren de kwalificaties aan het adres van S. van 'een slimme handelaar' tot 'een oplichter'.

S. duikt bij onderzoeken naar onregelmatigheden in de internationale effecten- en obligatiehandel herhaaldelijk op als de man op de achtergrond, die vanuit Londen grote bedragen over de halve wereld schuift. Daarbij bedient hij zich veelal van rekeningen waarvan de houders anoniem willen blijven. Hij maakt gebruik van onder meer Panamese maatschappijtjes, die buiten bereik liggen van de Nederlandse justitie. En er gaan grote bedragen cash in om.

Dat maakte hem voor officier van justitie Henk de Graaff, leider van het Clickfonds-onderzoek, van meet af aan tot een belangrijke verdachte. Justitie hoopt nog altijd via de beursfraude belangrijke witwassers op te sporen, bij voorkeur van crimineel geld. De werkwijze van S. vertoont alle kenmerken van een programma om zwart geld wit te wassen.

Op 24 oktober vorig jaar, de dag van de inval op de beurs, deden rechercheurs ook huiszoeking in het appartement van S. in de Amsterdamse P.C. Hooftstraat en in het kantoor van Financial Trading Consultancy (FTC) in Londen, waar S. toen nog directeur was.

In zijn woning werden tienduizenden guldens cash gevonden, afkomstig van de Bank Bangert Pontier (BBP). De contacten met S. werden BBP fataal. BBP werd overgenomen door de Friesland Bank, nadat onderzoek had uitgewezen dat S. voor miljoenen aan contanten had opgenomen en BBP die transacties niet had gemeld bij het meldpunt voor ongebruikelijke transacties.

Dat S. in oktober niet werd gearresteerd, is waarschijnlijk te verklaren uit de gebrekkige bewijzen waarover justitie toen beschikte. Het onderzoek concentreerde zich vooral op de Amsterdamse effectenhandelaars Han Vermeulen en Adri S., en op de vermogensbeheerder Dirk de Groot. Zij hebben alle drie met Eddie S. samengewerkt. De Londense handelaar trad in november vorig jaar af als directeur van FTC, maar volgens zijn raadsman Hendrik-Jan Biemond is hij nog altijd druk in zaken.

Intussen is Eddie S. bij justitie terug in het volle licht van de schijnwerpers. Hij wordt steeds nadrukkelijker gezien als de ongrijpbare hoofdpersoon op de achtergrond, die vanuit Londen een verdacht ingewikkeld conglomeraat bestuurt.

Nederland is slechts een zijtak van zijn 'imperium'. S. manipuleert vanuit Londen kapitalen over en tussen continenten. Hij woont afwisselend in Londen, Amsterdam en Zwitserland.

Eddie S. is van jongs af aan vertrouwd met grote bedragen. Hij groeide op in Amsterdam als telg van een vermogende familie, die rijk werd met een parfum-merk. Hij voetbalde bij AFC, vertrok naar Londen en werkte onder meer bij een van de Rothschild-banken.

Na maanden intensieve voorbereiding trok officier van justitie De Graaff vorige maand het net rond S. strakker aan. Er werden vier arrestaties verricht: medewerkers van SNS Securities, Oudhof Effecten, het pensioenfonds voor de metaalnijverheid MN Services en Credit Suisse First Boston.

In alle gevallen gaat het justitie om hun connecties met de FTC van S. Hun namen of initialen zijn gevonden in de agenda van S. die bij de huiszoekingen in beslag werd genomen. Justitie vermoedt dat verdachten persoonlijk voordeel hebben gehaald uit de transacties voor hun baas met FTC.

Ze kunnen onder de prijs gehandeld hebben met Eddie S. om vervolgens een deel van de 'winst' op te strijken, ze kunnen S. hebben getipt over komende transacties of zelf hebben 'meegelopen' met lucratieve aan- of verkopen van aandelen.

Volgens de advocaat van een van de verdachten is de arrestatie van het viertal een zwaktebod. 'Zij moeten bloeden omdat justitie Eddie S. niet te pakken kan krijgen.' Drie van de vier verdachten zijn weer op vrije voeten.

Het dossier van justitie moet uitpuilen van herkenbare informatie. In 1990 stuitte het controlebureau van de Amsterdamse beurs al op het Britse bedrijf Grancourt, dat via het Amsterdamse effectenhuis Van Meer James Capel (VMJC) handelde voor onbekende klanten. Het bureau stelde vast dat er volgens een verdacht patroon met grote bedragen werd gegoocheld. Volgens de onderzoekers werd Grancourt bestuurd door S.

De waakhonden van de beurs hadden onvoldoende houvast om actie te ondernemen. Maar de nieuwe eigenaar van Van Meer James Capel (de Hong Kong en Shanghai Bank) verbood de anonieme transacties. Daarop werd Grancourt omgezet in ESC en ging het spel gewoon door, aldus een ingewijde. Bij VMJC dealde vooral de vorig jaar aangehouden handelaar Han Vermeulen met ESC.

Vermeulen werd in 1993 bij VMJC ontslagen en stapte over naar concurrent Leemhuis en Van Loon. Daar deed justitie in oktober 1997 een inval. Alle aandacht richtte zich op de ESC-connecties, die nu via Leemhuis en Van Loon bleken te lopen. Vermeulen zat wekenlang vast. Het aandeel van Eddie S. bleef onderbelicht.

In een gedetailleerde brief aan de Volkskrant legt een anonieme tipgever uit hoe S. in de jaren tachtig met beheerders van pensioenfondsen samenspande. Beheerder van pensioenfonds A verkoopt effecten aan een collega van fonds B. Dat gebeurt niet direct, maar via een bevriende commissionair en een Panamese vennootschap, waarin zowel S. als de beide beheerders deelnemen.

De Panamees koopt eerst van A en verkoopt vervolgens aan B. Omdat de koper en verkoper in het complot zitten, kan bij het Panamese bedrijf de kunstmatig gecreëerde 'winst' blijven hangen. Dit gaat ten koste van de werkgevers van de beheerders, de pensioenfondsen. De winsten van de Panamees worden weer belegd in aandelen. Koerswinsten krijgen de deelnemers cash uitbetaald.

De Volkskrant beschikt over stukken waaruit blijkt dat FTC van Swaab op 3 februari 1992 voor vijftien miljoen Nederlandse staatsobligaties verkocht via Van Meer James Capel aan ESC. Nog dezelfde dag verkocht ESC de stukken voor drie ton meer aan Rogge Global Investments in Londen. Rogge is op hetzelfde adres gevestigd als FTC en heeft nauwe banden met Swaab. Het verschil van drie ton is niet verklaarbaar op basis van de koersontwikkelingen in die periode. 'Duidelijk is dat een van de partijen is gedupeerd', zegt een nauw betrokkene.

Hij vermoedt een deal waarin de kunstmatig gecreëerde winst op de rekening van de samenspanners terecht is gekomen, en het verlies werd afgeschreven van een nietsvermoedende rekeninghouder van FTC of Rogge Investments.

Dergelijke afspraken zijn moeilijk aan te tonen. Bij het pensioenfonds voor de metaalnijverheid (MN) proberen specialisten er al wekenlang achter te komen of hun ontslagen directeur Europese beleggingen Harrie van de K. soortgelijke afspraken maakte met FTC. 'Dat is veel moeilijker dan het lijkt', zegt een woordvoerder van het fonds.

'Je bent er niet door zijn aan- en verkoopprijzen te vergelijken met de koersen van die dag. Er zijn ook legitieme redenen om onder de prijs te gaan zitten - als je bijvoorbeeld per se die dag van je stukken af wilt. Een opvallend lage prijs duidt dus niet per definitie op een kwalijke deal.' Voor de leiding van MN was er niettemin al voldoende aanleiding om Van de K. vorige week de laan uit te sturen.

FTC speelt een centrale rol in het onderzoek van justitie naar de praktijken van Eddie S. Hij richtte het effectenkantoor in 1985 op met een beginkapitaal van 250 duizend pond. Het bedrijf liep als een trein. FTC deed onder meer zaken voor KIO, de investeringsmaatschappij van de koninklijke familie van Koeweit, en grote Amerikaanse en Japanse banken.

Op voorspraak van Lou van Nieuwkerk, oud-directeur van Robeco Effectenbank (REB), nam de bank in 1991 een belang van 20 procent in FTC. De REB wilde internationaler gaan werken en dat zou uitstekend via FTC kunnen. Robeco, aldus een zegsman, wist toen niet dat Van Nieuwkerk en Eddie S. al jaren nauw bevriend waren. 'Ik ken hem al sinds hij in Leiden studeerde, ik ben bevriend met zijn ouders. Ik heb hem de liefde voor het effectenvak bijgebracht', zei Van Nieuwkerk in november tegen Het Financieele Dagblad.

Nu weigert hij commentaar. 'Het komt toch verkeerd in de krant.' Van Nieuwkerk was commissaris bij FTC en is dat nog steeds. In 1994 deed het controlebureau van de beurs onderzoek bij REB naar opvallende obligatietransacties met FTC. Bij Robeco voelde men zich ongemakkelijk over het feit dat rekeninghouders bij FTC niet altijd zichtbaar waren.

'Robeco heeft toen geëist: er worden namen bekend gemaakt of we stoppen. Dat werd dus stoppen', aldus een nauw betrokkene. REB is inmiddels overgegaan naar Rabobank. Maar het aandeel in FTC is als een hete aardappel bij Robeco achtergebleven. Het beleggingsfonds wil sinds 1994 graag van FTC af, maar slaagt er niet in kopers te vinden.

Tot voor kort had Van Nieuwkerk de opdracht het Robeco-aandeel aan de man te brengen. Die klus is hem nu afgenomen. Men heeft bij Robeco niet de indruk dat Van Nieuwkerk zich erg ingespannen heeft om het fonds van de deelname in FTC te verlossen.

De overige aandeelhouders weigerden de 20 procent over te nemen. 'Kennelijk stellen zij er prijs op een gerenommeerd instituut als Robeco aan zich gebonden te houden', aldus een ingewijde. Er is nu kans dat het management de aandelen FTC van Robeco overneemt, bevestigt Van Nieuwkerk.

Intussen werkt met name de FIOD uit alle macht aan de ontrafeling van het imperium van Eddie S. Ronald P., een van de vier verdachten die vorige maand werden aangehouden, blijkt een oude bekende van S. Ze brachten beiden hun jeugd door in Amsterdam, voetbalden samen en gingen in de effectenhandel. P. is net als Eddie S. zoon van steenrijke ouders.

P. verhuisde met zijn ouders naar de Verenigde Staten, waar hij volgens de Amerikaanse schrijfster Sue Horton bevriend raakte met Ben Dosti en Dean Karny. Dosti en Karny speelden in het begin van de jaren tachtig hoofdrollen in een schandaal dat Amerika schokte. Het duo runde met hun kameraad Joe Hunt The Billionaire Boys Club (BBC). Via dit genootschap wilden de jonge mannen hun gefortuneerde ouders bewijzen dat ook zij veel geld konden maken met handel in effecten.

Toen de club zware verliezen leed, liep de zaak uit de hand. De jongens vermoordden een debiteur, en joegen de vader van een van hen de dood in. De drie hoofdrolspelers werden veroordeeld tot levenslange gevangenschap. Over het drama werden meerdere boeken geschreven en een film gemaakt.

In haar boek The Billionaire Boys Club voert Sue Horton Ronald P. op als vierde deelnemer aan een weekend in New York, waar Dosti, Karny en Hunt in de winter van 1981 hun plannen smeedden. Welke rol P. in BBC speelde, is niet duidelijk. Hij behoorde niet tot de verdachten die in een later stadium van de club een misdadige organisatie maakten.

Na zijn vertrek uit de VS werkte P. tot 1994 een tijdje voor FTC van Eddie S. Hij staat nu op de loonlijst van Credit Suisse First Boston. Het Openbaar Ministerie vermoedt dat de innige contacten tussen het duo zijn blijven bestaan en dat P. daar persoonlijk voordeel uit heeft gehaald.

Het team van officier van justitie De Graaff verzet bergen werk om bewijs tegen S. bijeen te sprokkelen. Het kan nog maanden duren voor men genoeg aanwijzingen heeft om de verdachte handelaar in voorarrest te kunnen nemen. Intussen zit de ambitieuze zakenman niet stil. Volgens zijn raadsman reist hij nog altijd de wereld rond voor zaken.

Toen S. vorig jaar nog antwoord gaf op vragen, ontkende hij alle beschuldigingen. Sindsdien houdt hij zich stil. 'Dat ligt niet aan hem', zegt zijn advocaat. 'Hij komt liever vandaag dan morgen met zijn eigen verhaal in de publiciteit. Maar zolang wij van de officier van justitie zijn dossier niet in mogen zien, raad ik hem dat sterk af.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden