EasyJet-baas Stelios

Hij is jong en schatrijk, en hij heeft een voornaam om als een one name celebrity de geschiedenis in te gaan....

tekst Nell Westerlaken fotografie Steve Pyke

Wil je ons kantoor zien? Je kunt het eigenlijk nauwelijks kantoor noemen.' Trap op, gangetje door, nog een trap, een deur. In een raamloze ruimte zit een twaalftal werknemers achter hun computerscherm, gezichten naar de muur, ruggen naar elkaar. De ovale tafel in het midden is leeg. De stafmedewerkers van EasyEverything aan Tottenham Court Road, Londen, zijn even diep verzonken in hun digitale werkzaamheden als de tweehonderd klanten van de immense internetshop een verdieping lager, waar de gewijde stilte hangt van een collegezaal in examentijd.

Niemand kijkt op als de baas het kantoor binnenstormt, achter het eerste het beste vrije computerscherm plaatsneemt en zijn mailtjes gaat checken, een klus waarvoor elke aankomend tycoon zich een secretaresse zou veroorloven. Zo niet de baas van de Easy-bedrijven; iedereen moet op elke plek kunnen werken, zo luidt zijn filosofie. Zelfs het kader heeft geen eigen bureau. Maar de schuchtere employé die binnenkomt trekt toch even de wenkbrauwen op wanneer hij de omvangrijke gestalte van de directeur aantreft op de plek die hij juist heeft eerlaten. 'Zit ik op je plek? Sorry hoor, ben zo weg.'

'Geeft niet Stelios, ik wacht wel even.'

Noem hem Stelios. Niet alleen breekt iedereen zijn tong over 'meneer Haji-Ioannou', de jonge ondernemer (33) moet weinig hebben van zakelijke conventies en heeft informeel gedrag tot wet verheven in zijn imperium. Geen driedelige kostuums, geen ge-meneer, geen privileges voor hoger geplaatsten, en terwijl het Londense kantoorvolk zich vrijdagnamiddag in de pub voorzichtig losmaakt uit de greep van de grijze stropdas, verzamelen de werknemers van de EasyGroup zich in een partytent op Luton Airport voor de wekelijkse bedrijfsbarbecue. Ook de baas laat zich daar graag zien als hij in de buurt is.

Stelios dus, zijn voornaam. Een naam die niet alleen zijn Griekse afkomst onthult, maar die ook perfect is als handelsmerk, en die hem - zoals hij er zelf in alle bescheidenheid aan toevoegt - de potentie biedt om uit te groeien tot een one name celebrity. Zelfs Bill (Gates, de genius van Microsoft) en Richard (Branson, de hippie-ondernemer die het Virgin-imperium opbouwde) zijn nobody's zonder hun achternaam. Passagiers die arriveren op Luton Airport, een kaboutervliegveld nabij Londen, kunnen niet om Stelios heen. Boven de balies van zijn low budget airline EasyJet hangt de kreet: Stelios did it again. Dat slaat dit keer niet op de luchtvaartmaatschappij, maar op een jonger lid van de Easy-familie: EasyRentacar.

Wat EasyJet in de luchtvaart doet, doet het nieuwe autoverhuurbedrijf op de weg: de concurrentie aan de kant zetten door flink onder hun prijsniveau te duiken. Boekingen geschieden voor het grootste deel via internet, waardoor kan worden bezuinigd op tussenpersonen, reisbureaus en overheadkosten. Het hoofdkantoor van EasyJet is niet gevestigd in de dure Londense city, maar in een oranje geschilderde loods op Luton. Het vorig jaar opgezette autoverhuurbedrijf opereert nu vanuit zes Europese locaties; aan het einde van dit jaar zijn dat er waarschijnlijk veertien, waaronder Amsterdam. Tegen die tijd zal het Europese wegennet zijn verrijkt met 25 duizend baby-Benzen en een handvol Smart-cars; door een megadeal met Mercedes kon stevig worden bezuinigd op het startkapitaal.

Dezelfde strategie paste Stelios toe bij het opzetten van zijn keten internetshops: computerfabrikant Hewlett Packard nam een aandeel in EasyEverything. Negen vestigingen met elk honderden computers zijn er al, zes staan op stapel in bij elkaar zes Europese landen. Dat Stelios met zijn aanpak een prijzenoorlog ontketent, waarin de concurrenten waaronder British Airways en de klm, geen middel uit de weg gaan om hem klein te krijgen, ziet hij als de ultieme fun van zijn vak.

Straatvechter? 'Je moet jezelf uitdagen', zegt Stelios, 'je moet je intellect prikkelen. Iets met je leven doen, jezelf een doel stellen zodat je iets hebt om te veroveren.' De multimiljonair-bij-geboorte had zich een EasyLife kunnen permitteren temidden van de internationale jetset, zoals - om maar iemand te noemen - ooit de Egyptische miljardairszoon Dodi al-Fayed. Oké, de vrijgezel Stelios bezit het noodzakelijke jacht, maar 'heb je weleens dagenlang aan het strand gelegen? Je verveelt je binnen de kortste keren te pletter, denk ik.'

Geen mens, geen bedrijf vermoedde enig gevaar toen de goedlachse rederszoon uit Griekenland vijf jaar geleden neerstreek op Luton met een dikke twintig miljoen gulden van pa op zak. Stelios had ervaring opgedaan in het concern van zijn vader, was diens gedoodverfde opvolger, en had inmiddels een eigen rederij opgezet, Stelmar. Maar de redersbusiness was sloom, het was hem hem niet flitsend genoeg. Hij wilde iets voor zichzelf. Jammer, vindt hij nu, die steun van zijn vader, maar het kon niet anders. Geen bank legt zo'n bedrag aan risicodragend kapitaal op tafel voor een 28-jarige avonturier die eventjes een luchtvaartmaatschappij wil opzetten. Jammer, 'want ik kan nooit meer een selfmade-ondernemer worden. Het is een van de redenen dat ik mensen die alles uit het niets hebben opgebouwd zo enorm bewonder. Ik ben altijd begonnen met hulp. Van mijn vader om mijn eigen rederij en de luchtvaartmaatschappij op te zetten, van EasyJet om de andere bedrijven op te zetten. Ik begon altijd wel met iets.'

Omdat het kantoor aan Tottenham Court Road de kwalificatie kantoor inderdaad nauwelijks verdient, heeft het gesprek zich verplaatst naar de enige computerloze tafel in het immense internetcafé, waar Stelios in het geheel niet wordt gehinderd door aanschuivende klanten. Af en toe staat hij op om een personeelslid de hand te schudden. Met het postuur van een sumo-worstelaar, het lobbige gezicht van Hitchcock in diens nadagen, en zijn snelle maar enigszins waggelende tred, is hij niet over het hoofd te zien. Griekse charme in een colbert van onbestemde snit. Losjes en vrolijk.

Zijn vader runde diens bedrijf compleet anders. 'Het hoofdkantoor van de rederij was net buiten Athene. Een lang smal gebouw met zeven verdiepingen. Mijn vader zat op de zevende. Toen ik het bedrijf zelf een paar jaar leidde, zat ik ook op de zevende. Hoe hoger je positie, hoe hoger je zat in het gebouw. In de kelder was het restaurant en de ruimte voor de schoonmakers. Hiernaast had elke verdieping nog z'n eigen hiërarchie. De floormanager zat vooraan, het dichtst bij het raam. Hoe lager in rang, hoe verder naar achteren je zat. Dat was de manier waarop bedrijven werden geleid in de jaren zeventig. Erg inefficiënt, als je het mij vraagt. Mijn broer runt het bedrijf nu, die doet het anders. Het bedrijf is ook verhuisd, trouwens.

'Mijn aanpak is, hoe zal ik het zeggen, bijna een reactie op die hiërarchie en die formele managementstijl. Toen ik daar de leiding had, raakte ik ervan overtuigd dat het anders moest. Een van de dingen die ik heb gedaan, is het weghalen van een aantal muren en scheidingswandjes in dat gebouw. En wat denk je? De werknemers gingen zich beklagen bij m'n vader. "Die maffe zoon van jou is onze muren aan het slopen. Nu hebben we geen kantoor meer. Hoe kunnen we hier dan werken?"

'Niet alleen mijn vader zag weinig in mijn aanpak, ook de mensen in het bedrijf wilden niet veranderen. Toen heb ik de conclusie getrokken dat het beter was om voor mezelf te beginnen. Ik moet m'n vader dankbaar zijn dat hij me heeft laten gaan. De meeste vaders zouden dat niet hebben geaccepteerd. Hij was open en intelligent genoeg om te zeggen: "Jij bent goed in andere dingen, ik moet je laten gaan zodat jij het op jouw manier kunt doen".'

Had Stelios iets te bewijzen tegenover zijn succesvolle vader? Absoluut, geeft hij ruiterlijk toe, hoewel hij hem op één punt nooit zal kunnen evenaren: Loucas Haji-Ioannou was namelijk wel self-made. 'Hij werd geboren in een klein bergdorp op Cyprus, oudste in een nest van twaalf, boerenfamilie. In 1950 vertrok hij naar Saoedi-Arabië waar hij werk vond als scheepsagent. Cyprus was klein en arm moet je weten, je kon daar niet in je onderhoud voorzien. Emigratie was daarom heel normaal in die dagen. Als je ambitieus was en je was bereid om hard te werken, ging je ergens anders heen. Mijn vader ging met zijn spaarcenten naar Londen, waar hij in 1959 zijn eerste schip kocht. Daarmee heeft hij zijn rederij opgebouwd.

'Als je praat over ambities van jonge mannen is de relatie met hun vader altijd van grote invloed. Het was een grote frustratie voor mij dat ik altijd werd gezien als "de zoon van". Dat wilde ik veranderen. Hij heeft me sterk beïnvloed, zeker. Hij werkte erg hard, doe ik ook, hij was erg ambitieus. Ik denk dat dit de positieve kanten zijn van z'n invloed op mij. Het negatieve zat hem in de bedrijfsstructuur en de managementstijl, die deugden niet naar de maatstaven van de tijd. Dat voorbeeld wilde ik per se niet volgen; in de Verenigde Staten kwam toen al een wat informele manier in zwang om een bedrijf te runnen. En mijn vader was natuurlijk een kapitalist. Kapitalisten werden in die tijd gezien als foute mensen.'

Stelios groeide op in het Griekenland van de jaren zeventig en tachtig, het Griekenland van de socialistische Pasok-partij, die onder leiding van Andreas Papandreou allengs meer macht vergaarde nadat in 1974 de militaire dictatuur was ingestort. 'Socialisme was de norm in die dagen. Papandreou had het volk ervan overtuigd dat kapitalisten slechte mensen waren. Voor veel arbeiders, en anderen ook trouwens, vertegenwoordigde mijn vader de duistere kant van het kapitalisme. Ik wilde toen juist het vriendelijke gezicht van het kapitalisme tonen. Ik wilde kampioen van het volk worden.'

Hoe kun je beter de status van volksheld bereiken, dacht de tiener Stelios aanvankelijk, dan door spits van het Griekse elftal te worden. 'Ik keek in de jaren zeventig veel naar mensen als Cruijff en Neeskens op tv. Ik was goed in sport, deed van alles: voetbal, basketbal, handbal, zwemmen. Ik was een actief kind. Toen ik in 1984 aan de London School of Economics ging studeren (Stelios deed hiernaast ook nog de City University Business School) drong het tot me door dat ik het voetbal beter kon laten voor wat het was. Mijn vader wist me over te halen om zijn bedrijf, Troodos Shipping, over te nemen.'

En moeder? 'Zij droeg zorg voor de stabiliteit in ons gezin met drie kinderen. Ze was heel nuchter. We waren schatrijk natuurlijk, maar moeder hield ons met beide benen op de grond. Zij zorgde ervoor dat het ons niet naar de kop steeg en dat we ons als normale mensen gedroegen. Als het aan mijn moeder had gelegen, zat ik nu in Griekenland waar ik trouwens een appartement heb, net als in Monaco, dan zat ik veilig in het familiebedrijf, en zou ik nooit wat van de wereld zien. Je weet wel, de zaak runnen met mijn broer, een paar keer per week bij haar dineren, dat soort dingen.'

Het liep anders. Wat bleef was Stelios' jongensdroom om de lieveling te worden van de gewone man, kapitalist weliswaar, maar een aardige kapitalist. In 1995 begon Stelios' nieuwe bedrijfje met twee gehuurde toestellen te vliegen vanaf Londen Luton, sindsdien het thuishonk van EasyJet, en waar vandaan hij nu vliegt op vijftien bestemmingen in Engeland en Europa, met achttien nieuwe toes tellen. Hiernaast heeft EasyJet zich stevig gesetteld in Liverpool en Genève. Zes miljoen passagiers per jaar. Er wordt gevlogen tegen afbraakprijzen - althans door de vroege boekers - wat weerspiegeld wordt in de schreeuwerige, prijspakker-achtige reclames van de maatschappij. Super de Boer in de lucht.

Aan tickets doet EasyJet niet, passagiers kunnen met hun administratienummer en hun paspoort een geplastificeerde instapkaart afhalen aan de vliegveldbalie, wat niet alleen een hele papierwinkel scheelt, maar ook de kosten drukt. Wie aan boord wat wil eten of drinken, moet daarvoor extra betalen, maar bij welke maatschappij heb je kans dat de big boss je onderweg zelf de hand komt schudden met de vraag of alles naar wens is. Stelios, waarschijnlijk de meest frequente passagier van zijn eigen maatschappij, mengt zich graag onder zijn klanten. Als hij tenminste niet ('Nee, nooit piloot willen worden') naast de bemanning in de cockpit zit. Het is ijdelheid, bekent hij, maar ijdelheid met een doel. 'Ik maak vliegen voor veel mensen betaalbaar en ik houd ervan om gewaardeerd te worden om wat ik doe. Geld verdienen kun je tenslotte ook in de wapen- of de drugshandel. Ik geniet ervan als mensen naar me toe komen en zeggen: bedankt dat u dit doet. Mijn favoriete klant is de man die naar me toekwam en zei: "U hebt mijn seksleven gered. Ik kan dankzij deze lage prijzen vaker naar mijn meisje vliegen." Hij kan het dankzij mij vaker doen, letterlijk.' Volgt een schaterlach.

Toch volksheld dus. 'Consumentenkampioen? Robin Hood?' De krantenkoppen zijn hem niet ontgaan. 'Je hebt gelijk als je beweert dat ik graag met dit soort dingen wordt geassocieerd. Ik heb jaren geleden besloten, en je weet nu waarom, dat ik me op de massa wil richten, niet op kleine, exclusieve groepen. Hoe zal ik het zeggen, als je een exclusief restaurant begint... Noem eens een exclusief restaurant in Amsterdam? Dat van het Amstel Hotel? Daar kun je er twee, drie van hebben in Amsterdam. Hoeveel vestigingen heeft McDonald's in Nederland? Laten we zeggen een paar honderd. Ik ben liever McDonald's dan het Amstel. Daar ligt ook mijn kracht. Als je mij zou vragen of ik een kapitaal kan verdienen met het verkopen van exclusieve sieraden, of ik Cartier en Bulgari op hun eigen terrein kan verslaan, dan luidt het antwoord: waarschijnlijk niet. Ik kan wel de massa aanspreken. Laat Armani maar designerpakken maken, maar de wereld heeft genoeg aan één Armani.' Nee, nee, zijn eigen colbert is niet van een gere nommeerd modehuis. 'Dat interesseert me niet.'

Net als van zijn snel verworven heldendom, geniet Stelios van zijn kwajongensstreken tegenover de grote maatschappijen. Concurrentje-pesten is een van z'n hobby's - de schooljongen die een punaise legt op de stoel van de docent. Geschrokken van Stelios' succes, begonnen de klm en British Airways (BA) een eigen low budget-tak, respectievelijk Buzz en Go geheten, maar ze slaagden er niet in de snel groeiende oranje EasyJet-vloot aan de grond te houden. Voor de allereerste vlucht van Go kocht Stelios een lading tickets en ging met een aantal personeelsleden in EasyJet-kleding pontificaal (hij kan gezien z'n omvang niet anders) in het vliegtuig zitten. De executive van ba die de passagiers op een feestelijke toespraak wilde onthalen, schoot onmiddellijk en zichtbaar in de stress. Toen BA, ooit berucht vanwege vermeende slechte maaltijden, een eigen restaurant opende, sloeg Stelios opnieuw toe. Eigenhandig ontwierp hij een advertentie waarin hij de voedselvoorziening door ba op een lijn stelde met een kindercrèche onder leiding van koning Herodes.

Rotgeintjes die zijn geldschieters nog weleens de wenkbrauwen doen fronsen, maar ondertussen staan zijn streken wel garant voor gratis publiciteit. 'Ja, jawel ik vind dat leuk. Ik heb er zelf lol in en ik denk dat de consument houdt van mensen die het establishment een beetje op de hak nemen. Die opkomen voor hun belangen, door bijvoorbeeld goedkopere tarieven in de luchtvaart te bevechten, door de toegangsdrempel tot internet weg te nemen door lagere prijzen - door goedkope huurauto's, wat dan ook. Ik heb onlangs voor de camera's mijn creditcard van Barclays Bank, de grootaandeelhouder van Luton, doormidden geknipt. Barclays wil het landingsgeld per passagier met twintig gulden verhogen. We vechten dat aan bij de rechter, en mochten we de strijd verliezen, dan weet het grote publiek door deze stunt dat het niet aan ons ligt.'

Hoewel de financiële marges van zijn Easy-imperium aan de krappe kant zijn, begint hij zich langzamerhand de status van tycoon te verwerven. Op stapel staan EasyMoney, een banksysteem dat volledig via internet loopt en waarvoor hij deze maand een definitief akkoord hoopt te sluiten met de Bank of Scotland, en EasyDotcom, een geavanceerd winkelsysteem via het net.

Hij is weleens vergeleken met Richard Branson van Virgin. 'Het was Richard die de airlinebug op me overbracht, toen ik overwoog om te investeren in een maatschappij die voor hem werkte, maar in plaats daarvan ben ik voor mezelf begonnen. Richard zat onlangs nog bij mij op een EasyJet-vlucht, na het Grand Prix-weekend in Monaco. We stonden samen te wachten en toen het vliegtuig arriveerde zei ik: "Kom Richard, we gaan het cabinepersoneel helpen met opruimen." Deed ie meteen! Hij houdt ook wel van dat soort geintjes.' Goed voor een paar foto's waarschijnlijk. 'Ik help normaal ook weleens. Ik wil daarmee een voorbeeld stellen en laten zien dat geen enkel werk voor niemand te nederig is. En niet alleen dat, hoor. Als er vertragingen zijn en ik ben in de buurt, spreek ik zelf de passagiers toe. Het personeel ziet zo, dat ik ze niet alleen laat met het vuile werk.'

Wat gebeurt er met de Easy-bedrijven als hij straks hier, op Tottenham Court Road, onder een taxi terechtkomt? 'Geen idee, hahaha. Maar serieus, hoeveel tijd heeft een onderneming nodig om z'n eigen karakter te verwerven? Vijf, tien, dertig jaar? Mijn gedachte is dat mijn bedrijven zo snel mogelijk op eigen kracht verder moeten kunnen. De filosofie moet zodanig onderdeel worden van de bedrijfscultuur dat de leider niet meer nodig is. Ik ben ook minder goed in het leiden van een bedrijf dan jij denkt. Ik hou van het opzetten ervan, van het gevecht, en ik denk dat ik de goede mensen heb aangetrokken voor het garanderen van de continuïteit. Wat voor nieuwe dingen ik mijn hoofd heb? Die kan ik beter even uitstellen, die moet ik ook even uitstellen. Ik heb het druk genoeg met de huidige zaken.'

Hij is nog jong, maar hij heeft ervaring. Ervaring die pijnlijk blijkt, getuige de hapering in het gesprek als 1991 ter sprake komt, een litteken. De ingebakken pretlach op zijn dunne lippen verandert even in een recht streepje. In 1991 ontplofte een tanker van de familierederij in de haven van Genua, met als gevolg vijf doden en aanzienlijke milieuschade aan de Ligurische kust. De Italiaanse openbare aanklager legde Stelios en zijn vader, eigenaren van de rederij, doodslag ten laste.

De ramp werd door de Britse sensatiepers breed uitgemeten toen Stelios in 1995 met veel bravoure begon aan zijn EasyJet-avontuur. 'Vorig jaar, acht jaar nadien, zijn we tot twee keer toe vrijgesproken. Het was een verschrikkelijk ongeluk, maar het was onze schuld niet. Het was achteraf wel een menselijke fout, van de eerste stuurman. Voor mij was het een zeer, zeer, zeer waardevolle les. In de eerste plaats heeft het me doen beseffen dat veiligheid altijd voorop moet staan. Ik kan tegen mijn grote concurrenten zeggen: "Denk je dat ik ook maar iets bezuinig op veiligheid? Probeer dan maar eens een ongeluk! Een ongeluk is honderd keer duurder." De tweede les: niemand is onoverwinnelijk. Jij denkt nu dat ik aan het hoofd sta van een imperium en dat ik groot ben, maar ik weet dat de hele zaak morgen kan instorten door één enkel ongeluk. Laat ik het snel afkloppen. Ik ben me bijzonder bewust van de risico's. Niemand is onoverwinnelijk.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden