Doorrekenen programma's wekt zowel enthousiasme als weerzin op

Vandaag presenteert het CPB de doorrekeningen van de verkiezingsprogramma's. Een uitzonderlijk fenomeen dat zowel enthousiasme als weerzin opwekt. Waarom?

Beeld anp

Schrikt u vooral niet als u in de loop van vandaag hoort dat een politieke partij de verkiezingen heeft gewonnen. Dat zeggen ze allemaal. De meeste partijen krijgen van het Centraal Planbureau (CPB) te horen hoe hun verkiezingsprogramma over vier jaar uitpakt voor de economie, voor de werkgelegenheid, het tekort op de overheidsbegroting, de koopkracht, het milieu. Het CPB en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) komen met zo'n lawine aan cijfers, dat elke partij wel iets vindt waar ze het beste op scoort.

Keuzes in kaart, noemt het CPB de doorrekening. Mondiaal is het een uitzonderlijk fenomeen: een onafhankelijk instituut dat verkiezingsprogramma's langs eenzelfde meetlat legt. Het krijgt nu voorzichtig navolging. In België zijn partijen sinds 2014 wettelijk verplicht hun verkiezingsprogramma's te laten doorrekenen door het Federaal Bureau.

In 1986 vroegen CDA, PvdA en VVD het CPB om hun programma's door te rekenen. Vertrouwelijk, dat wel. De partijen wilden zelf weten wat hun voorstellen 'deden'. De resultaten werden pas na de verkiezingen gepubliceerd. In 1989 deed D66 ook mee en werden de resultaten voor de verkiezingen gepubliceerd.

'In 1986 waren het 16 handgetypte bladzijden. In 2012 was het een boek van 454 pagina's over de programma's van tien partijen', zegt econoom Wimar Bolhuis. De assistent van staatssecretaris Jetta Klijnsma, nu nummer 49 op de PvdA-lijst, publiceerde onlangs een boek over de doorrekening De rekenmeesters van de politiek.

Doorrekenen van verkiezingsprogramma's is wél nodig

Mark Harbers, financieel woordvoerder van de VVD Tweede Kamerfractie, betoogt dat politieke partijen lef moeten hebben om voor de eigen plannen te staan. Vervolgens moeten ze die plannen door het CPB laten doorrekenen. Lees hier het opiniestuk

Partijen leggen hun programma aan het CPB voor om serieus genomen te worden. 'Het is een check op realiteitszin. Doorrekening geeft een partij geloofwaardigheid. Dat is essentieel tegenover kiezers, media, en de andere partijen', zegt Bolhuis. Wie het programma niet laat doorrekenen kan volgens CPB-directeur Laura van Geest aan 'luchtfietserij' doen. Sinds 2010 doet ook het PBL mee met het CPB om de gevolgen voor milieu te berekenen.

Wie meedoet, moet concreet worden. Verkiezingsprogramma's zijn dat niet - er staan wel plannen maar nauwelijks cijfers in. Wil een partij weten wat de meetbare effecten zijn van haar programma, dan zet de financiële partijspecialist de beloftes in een spreadsheet met het bedrag dat de partij eraan wil uitgeven. Elders op dat overzicht moeten ook de maatregelen staan waarmee de partij het geld voor de uitgaven wil ophalen - de dekking. Zo niet, dan stijgt het tekort op de begroting en de staatsschuld.

Vier jaar geleden ondervond de SP wat het verschil betekent tussen een verkiezingsprogramma en de concretisering ervan. In het verkiezingsprogramma stond: 'De AOW-leeftijd blijft in ieder geval tot 2020 gehandhaafd op 65 jaar.' Maar uit de CPB-doorrekening bleek dat de SP daar toch niet de miljarden voor had weten te vinden en bij nader inzien de toen net doorgevoerde AOW-leeftijdsverhoging niet wilde terugdraaien.

Weg met de doorrekening

De CPB-traditie wekt niet alleen enthousiasme op. Er is ook weerzin. De dominantie van het CPB 'verkleint' de campagne tot louter materiële zaken. Geen ander land ter wereld waar lijsttrekkers elkaar live op tv om de oren slaan met cijfers uit tabellen en grafieken waar de meeste kijkers geen touw aan kunnen vastknopen.

Bij de vorige verkiezingen in 2012 was het bezuinigingen wat de klok sloeg. Dat maakte doorrekenen min of meer logisch, want bezuinigen is iets dat zich prima in cijfers laat vangen. Nu voeren partijen campagne op sociaal-culturele thema's als identiteit, integratie, vergroening, normbesef en patriottisme. Die zijn niet in geld uit te drukken. Een partij als de Partij voor de Dieren, die een heel andere economische orde wil - zonder de nadruk op economische groei - voelt zich daarom niet thuis bij het CPB.

Ook de PVV en 50Plus doen niet mee met de doorrekening: in hun ogen het 'wereldkampioenschap vierkante millimeter zeiken' (vrij naar Tedje van Es van de Tegenpartij, een typetje van Wim de Bie). De detailzucht die achter de doorrekening zit, komt partijen die op hoofdlijnen campagne willen voeren niet uit.

Normaal. Doen. is moeilijk door te rekenen voor het CPB

Columniste Column Sheila Sitalsing schrijft over een tactiek die al jaren wordt toegepast onder campagnestrategen: zorg voor uitgekiende formuleringen in het verkiezingsprogramma, opdat die boven komen drijven in de diverse kieswijzers en andere hulpmiddelen voor het dolende electoraat. Lees hier de column

Dat het uniek is in de wereld heeft volgens de tegenstanders nog een reden: het geeft schijnzekerheid. Zoals PVV-leider Wilders deze week zei: na de verkiezingen stollen al die cijfers in een coalitie die er toch weer iets anders van maakt. Sommige critici geloven bovendien niet in de onafhankelijkheid van het CPB en wijzen erop dat het een onderdeel is van het ministerie van Economische Zaken.

Ook de partijen die toch maar meedoen deze keer, hebben kritiek. VVD, CDA, ChristenUnie en SGP zijn ontevreden over de manier waarop het CPB-model omgaat met 'hun' onderwerpen: defensie en veiligheid. Het nut van onderzeeboten of terrorismebestrijding is nauwelijks in geld uit te drukken, alleen de kosten ervan. Bezuinigen hierop en dat geld in de economie steken kan in het CPB-model zelfs werkgelegenheid opleveren. Hetzelfde geldt tot verdriet van links voor het korten op ontwikkelingssamenwerking.

Ook onderwijs, innovatie en milieu zijn te zachte onderwerpen om het CPB-model keiharde cijfers over uit te laten spugen. Daar scoort een onderwijspartij als D66 niet mee, want door gebrek aan specifiek onderzoek is het vaag wat een extra onderwijs- of innovatie-euro precies oplevert. GroenLinks vindt dat de nadruk sowieso te veel op economische groei is komen te liggen en te weinig op het welzijn van de bevolking. Een klacht waaraan het CPB tegemoet wil komen door ook de effecten op de inkomensverschillen mee te nemen.

Economische modellen hebben weinig met de werkelijkheid van doen, is de kritiek. En ze zijn te manipuleren. Elke politieke partij herbergt wel een slimmerik die precies weet wat hij in een CPB-model moet stoppen om er een spectaculair mooi resultaat uit te laten rollen. 'Zo bezuinigen alle partijen in het allerlaatste jaar, dat zou nu 2021 zijn', legt 'doorreken-specialist' Bolhuis uit. 'De negatieve effecten van bezuinigingen komen dan een kabinetsperiode later terecht.'

'Als het CPB niet bestond, zou het moeten worden opgericht'

CPB-directeur Van Geest legt uit wat politieke partijen missen als die haar Planbureau in de aanloop naar de verkiezingen negeren. Lees hier het interview

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden