Door gekte op huizenmarkt zijn veel jongeren bereid meer dan helft van hun inkomen uit te geven aan woonlasten

Nederlanders tot 35 jaar zijn bereid een veel groter deel van hun maandelijkse inkomen uit te geven aan woonlasten dan op dit moment is toegestaan. Dat blijkt uit een enquête van Kantar TNS in opdracht van de Rabobank onder veertienhonderd Nederlanders.

Jonge huizenkopers ontvangen de sleutels van hun woning. Beeld anp

De afgelopen jaren zijn, in reactie op de crisis op de huizenmarkt, de leennormen aangescherpt. Dat moet voorkomen dat Nederlanders bij tegenslag hun woonlasten niet langer kunnen betalen. Zouden die strengere regels er niet zijn, dan geven met name jongeren aan veel meer geld te willen neertellen voor de huur of hypotheek, plus kosten voor gas, water en licht. Ruim vier op de tien is bereid meer dan 40 procent van het netto-inkomen hieraan uit te geven. Bij ouderen (65-plus) heeft minder dan een op de tien dat er voor over.

Overbelasting

'Veel jongeren en starters geven zelfs aan meer dan 50 of zelfs 60 procent van hun netto-inkomen uit te willen geven', vertelt Rabobank-econoom Nic Vrieselaar. 'Dan heb je het al gauw over 1.000 tot 1.500 euro per maand. Dat toont toch wel een zekere mate van wanhoop.'

Het Europese statistiekbureau Eurostat spreekt bij woonkosten van 40 procent of meer van 'overbelasting'. Zo'n percentage ligt ook ver boven het overgrote deel van de leennormen die het budgetinstituut Nibud jaarlijks vaststelt, aan de hand van het inkomen en de hypotheekrente. Al waarschuwt voorlichter Gabriëlla Bettonville voor al te simpele vuistregels. 'Als jij geen auto rijdt en je jouw woning veruit het belangrijkste vindt, zal je daar een groter deel van jouw inkomen aan uit kunnen geven.'

Gekte op huizenmarkt

Een vaker genoemde verklaring voor het verschil tussen oud en jong is dat die laatste groep erop rekent dat het toekomstige salaris nog flink zal toenemen. Ook hebben zij minder vaak kinderen, met alle daarbij komende kosten. Toch lijkt er volgens de onderzoekers meer aan de hand. Zij wijzen op de gekte op de huizenmarkt: 'Uit angst om buiten de boot te vallen, zijn Nederlanders bereid om diep in de buidel te tasten.'

Daarbij is met name onder jongeren sprake van gewenning aan torenhoge woonlasten. Dat komt mede omdat zij vaker aangewezen zijn op dure huurwoningen in de vrije sector. 'Hogere woonlasten nu leiden tot een grotere bereidheid tot hogere woonlasten straks', aldus de economen. Uit het driejaarlijkse WoonOnderzoek van het CBS en het ministerie van Binnenlandse Zaken blijkt dat de woonquote - het gedeelte van het inkomen dat opgaat aan woonlasten - voor huurders in de vrije sector 42 procent bedraagt. Bij huiseigenaren gaat het slechts om 28 procent. Waar de huurders de afgelopen tien jaar bovendien veel meer zijn gaan betalen, is het deel van het inkomen van huiseigenaren dat nodig is voor de woonlasten zelfs iets gedaald.

Door de krapte op de huizenmarkt groeit er nu een generatie op die het normaal vindt exorbitant veel te betalen voor de woning. 'Vroeger kon je met één inkomen een huis kopen', zegt Rabo-econoom Vrieselaar. 'Nu heb je daar twee inkomens voor nodig, en dan nog kan het krap worden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden