DNB en Financiën willen ondergrondse banken aanpakken

De Nederlandsche Bank en het ministerie van Financiën willen de zogenoemde ondergrondse banken harder aanpakken, maar hebben nog geen idee hoe dat moet gebeuren....

Van onze verslaggever

Geert-Jan Bogaerts

AMSTERDAM

Voor C. B. Misier, eigenaar van wisselkantoor Surigoud in Rotterdam, duurt het lopende overleg tussen Financiën en de toezichthouder al veel te lang. Hij zegt het enige Surinaamse wisselkantoor met een legale status in Nederland te hebben. Hij beweert veel last te ondervinden van zijn illegale concurrenten.

Misier schat de totale omvang van de wisselmarkt tussen Nederland en Suriname op 200 tot 300 miljoen gulden. Hij zelf heeft ongeveer 5 à 10 procent van deze markt in handen. Dat percentage is de afgelopen paar jaren niet veranderd, terwijl sinds 1995 alle wisselkantoren een officiële vergunning van De Nederlandsche Bank moeten hebben. 'Ik ben de enige met een vergunning, dus ik zou de volledige markt in handen moeten hebben', zegt Misier. Hij concludeert dat de ondergrondse banken 'misschien wel 250 miljoen gulden tussen Suriname en Nederland inwisselen'.

Een van de concurrenten waar Misier zich druk over maakt, is de Surinamer H. B., die alleen met zijn initialen in de krant wil. 'Ik begrijp al die ophef niet', zegt B. 'Surinamers konden nooit hun geld wisselen, omdat geen bank Surinaamse guldens wilde accepteren. Wij doen dat wel, om die arme mensen nog een beetje te helpen. Het zijn ook helemaal geen grote bedragen - het gaat elke keer om een paar honderd gulden of zo.' B. meldt 'in de procedure' te zitten voor een vergunning van De Nederlandsche Bank en een ontheffing van het ministerie van Financiën.

Over de totale omvang van de markt voor het ondergronds bankieren wil niemand een uitspraak doen, maar het ligt voor de hand dat die al gauw enige miljarden guldens bedraagt. Volgens de Centrale Recherche Informatiedienst, die een rapport over de ondergrondse banken liet vervaardigen, zijn het vooral in Nederland wonende buitenlandse criminelen die gebruik maken van deze vorm van bankieren. 'En het ligt voor de hand dat de markt groeit, omdat andere manieren van illegaal bankieren langzaamaan onmogelijk worden gemaakt', zo valt in het rapport te lezen.

Ondergronds bankieren gaat uit van een simpel principe, dat het gemakkelijkst kan worden uitgelegd aan de hand van een praktijkvoorbeeld. Pakistaan A., die in Nederland woont, is tienduizend dollar verschuldigd aan zijn landgenoot B., die in Pakistan verblijft. A. stapt met zijn tienduizend dollar en een in tweeën gescheurde foto naar de ondergrondse bank en geeft het geld en de helft van de foto daar af. A. stuurt zijn helft van de foto naar zijn schuldeiser in Pakistan. De bankier stuurt eveneens zijn deel van de foto naar zijn compagnon in Pakistan, met de opdracht om tienduizend dollar uit te betalen aan degene die de ontbrekende helft kan laten zien.

De methode is heel gebruikelijk en wordt ook door reguliere, legale banken wel toegepast - alleen wordt dan in de regel niet zoiets primitiefs als een foto gebruikt, maar een pincode. Thomas Cook biedt een dienst aan waarbij geld op deze wijze in tien minuten naar een willekeurig 'afhaalpunt', waar ook ter wereld, kan worden gezonden.

Door deze werkwijze verschillen de ondergrondse banken ook fundamenteel van de wisselkantoren, die gemakkelijker aan te pakken zijn. Bij wisselkantoren krijg je waar voor je geld: voor twaalfduizend mark krijg je tienduizend gulden. Bij ondergrondse banken moet de klant nog maar afwachten of de bankier zijn beloften waarmaakt.

Ondergrondse banken hebben in principe ook een veel groter werkterrein dan de wisselkantoren, die voornamelijk in het nieuws kwamen als potentiële witwas-constructies. Ondergrondse banken kunnen witwassen, maar nog veel meer: zij kunnen een compleet giraal betaalcircuit onderhouden zonder dat er een haan naar kraait. Juist dat aspect maakt de ondergrondse banken in toenemende mate interessant voor criminele organisaties, zoals de CRI ook concludeert.

De Nederlandsche Bank ziet deze gevaren ook, maar is daarnaast beducht voor het ontbreken van enige bescherming voor cliënten die te goeder trouw zijn. 'Je geeft je geld af bij zo'n ondergrondse bankier en dan moet je maar afwachten of het ook werkelijk op zijn bestemming aankomt', aldus de woordvoerder. 'Als er iets met die bankier gebeurt, ben je je geld kwijt. Er is geen garantieregeling.'

H. B., die net als Misier wordt aangeduid in het CRI-rapport, kan zich daar niet druk over maken. Hij ziet zich als enige uitweg voor veel Surinamers. Hij heeft bovendien twee zaken in Suriname. 'Ik heb daar inkomsten in Surinaamse guldens, maar ik moet mijn onkosten in veel gevallen in Nederlandse guldens betalen. Ik kan op geen enkele andere manier aan Nederlandse guldens komen', klaagt hij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden