'Dit is Babylon voor arme mensen'

Erik van Lieshout is tijdelijk winkelier op het Rotterdamse winkelcentrum Zuidplein. Hij worstelt weer met de wereld...

Rotterdam Winkelcentrum Zuidplein. Zoiets als Hoog-Catharijne maar dan plat, één verdieping op palen. Met de te verwachten winkels – Blokker, Hema, Délifrance, Accessorize, H & M, hier en daar afgewisseld met een Surifood of Stroopwafelhoek. En dan, in een hoek van de nieuwbouw, eigenlijk een dood pad binnen het winkelwalhalla, staat daar op een glazen pui in grote, oranje en lelijke letters: ERIK MAAKT GELUKKIG. Daarboven: ‘Echte luxe is niets kopen’.

En dat begrijpt natuurlijk niemand. ‘De ene denkt dat ik een plantenwinkel heb, de ander een seksshop, en kinderen denken dat het speeltoestellen zijn’, zegt Erik van Lieshout, kunstenaar en tijdelijk winkelier aan het Zuidplein.

Zijn toko staat vol. Schroefjes liggen minutieus gearrangeerd naast elkaar, net als moertjes, boutjes, blokjes. Op houten en glazen platen, tussen metalen buizen. Ertussen dennenappels, bloemen en veel lange, gedroogde spruitenplanten. Maar ook magnetrons, telefoons, thermometers, spakenspanners. Bedenk het maar.

Erik van Lieshout (1968), de stomende, stuiterende, voortdurend met zichzelf en de wereld in de knoop liggende opstandige van de hedendaagse kunst is los op Zuidplein. Zijn status is al lang internationaal – zijn werk wordt via buitenlandse galeries wereldwijd verkocht, de prijzen zijn on-Hollands hoog. Maar dit project is een persoonlijke zoektocht naar zijn thuis. De Erik die als een ridder de wereldproblematiek te lijf gaat in zijn kunst, die Erik is terug in zijn buurtje. Om de hoek van z’n atelier. Op een plek die toch voorzichtig troosteloos genoemd kan worden.

‘Het was het ideaal van onze ouders, dit winkelcentrum. Het nieuwe wonen, en nu is het een consumptiekolos. Elke winkel is hetzelfde. Dit is Charlois, mensen zijn arm. Er is geen boekenwinkel omdat niemand leest. Nou ja, een bijbelwinkel, voor de mensen van de Hoeksche Waard .’

In Van Lieshouts winkel hangen posters van Pim Fortuyn (‘de mensen hier houden van hem’) en van Ahmed Aboutaleb (‘en niemand die hier komt, houdt van hem’). Achterin aan de muur hangt, als een soort altaarstuk, een reusachtige afbeelding van architect Rem Koolhaas.

‘Ja, Koolhaas, hállo!’, zegt Van Lieshout alsof het vanzelf spreekt dat die hier hangt. ‘Shopping, Rotterdam, architectuur. Hij werd geïnspireerd door het Nieuwe Babylon van Constant. Hij is Rotterdam, het nieuwe denken. Hij is de beste, echt. Maar dit is Zuid weet je wel. Hier is geen Koolhaas’. Uit de ogen van de architect vloeit volgende week, als de winkel officieel wordt geopend, een waterval die over een soort Erasmusbrugachtige constructie dwars door de winkelwaar stroomt. Koolhaas huilt. ‘Dit is het Babylon voor arme mensen. De zielige versie.’

Van Lieshout maakt ook een filmdocument. Hij filmt mensen die binnenlopen, gesprekken met winkeliers, de ruzie die hij kreeg met de mediawinkel Saturn, wiens koeiegrote slogan ‘Gierig maakt gelukkig’ hij overplakte met zijn ‘Erik maakt gelukkig’. De politie moest erbij komen. Nu hangen de letters aan zijn eigen gevel. ‘Soms komen er mensen binnen die zeggen dat ze niet gefilmd willen worden. Dan zeg ik já, er hangen honderd camera’s op het Zuidplein.’ Het leverde mooi materiaal op, dat volgende week bij de opening de winkel wordt vertoond. Een gesprek met een Nigeriaanse Rotterdammer, die Fortuyn noch Aboutaleb herkent en leert ‘Rrrrem Koelhaaks’ uit te spreken, een vrijgezellenfeest met een man in bananenpak.

De winkel is onderdeel van de Internationale Beeldencollectie Rotterdam, die kunstprojecten in het publieke domein organiseert. Maar de kunstenaar neemt zijn rol als winkelier serieus. Als een echte middenstander maakt hij met iedereen een babbeltje. Zijn winkelwaar huurt hij van een Joegoslaaf die hij leerde kennen, Swonko. Alleen: Van Lieshout verkoopt niet. Af en toe geeft-ie wel eens wat weg, maar zijn waar ligt er vooral om mensen te trekken.

Die anti-consumptiehouding klinkt idealistisch, maar gevraagd naar de reden waarom hij een winkel begon is het toch weer, passend in zijn oeuvre, Erik Worstelt met de Wereld. ‘Ik wil contact met mensen en aandacht. Ja doen hoor, gewoon in de krant zetten.’ Geïnspireerd door de mensen maakt hij weer tekeningen. Die laat hij zien op de laptop, want als ze in de winkel zouden hangen dan werd het te veel een galerie. Dames bij de nagelsalon, de mooie Nigeriaan. ‘Ja leuk he, dat kan ik zo goed, dat tekenen.’ De eerste is al verkocht. Voor 14 duizend euro, in Duitsland.

Staat dat niet een beetje op gespannen voet met elkaar, dat niet verkopen van spullen, maar dan de tekeningen wel voor zo veel geld van de hand doen? ‘Ja, ja. Dat is precies waar ik nog niet helemaal klaar mee ben. Shit de fuck man, hoe moet ik dat nou oplossen. Ik haal mijn inspiratie van deze mensen en dat verkoop ik dan voor 14 duizend euro. Dat is het thema.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden