Onderzoek Topinkomens

Directeuren spelen haasje-over met topinkomens

Klik en zoom om de graphic in detail te bekijken. Foto de Volkskrant

De topinkomens stijgen weer sneller en de loonkloof tussen top en werkvloer loopt op, blijkt uit onderzoek van de Volkskrant. Een van de oorzaken: het ‘omhoog vergelijken’ met grotere bedrijven. De directeur van VW meer geld, dan ook de directeur van de Kas Bank.

Groot was de ophef toen Van Lanschot Kempen dit voorjaar meldde dat het de beloning van topman Karl Guha met een vijfde wilde verhogen tot 1,5 miljoen euro. Niet alleen omdat kort na ING met Ralph Hamers weer een bank de baas veel meer wilde gaan betalen, maar vooral vanwege de manier waarop. De relatief kleine Bossche bank vergeleek zich voor de loonsverhoging met reuzen als chipmachinemultinational ASML, chemieconcern DSM en het vele malen grotere ING.

Van Lanschot Kempen is niet het enige Nederlandse bedrijf dat zich voor de beloning van de top spiegelt aan veel grotere en belangrijkere ondernemingen. De commissarissen, die over de beloning gaan, schakelen voor het vaststellen van het salaris plus de extra’s voor de topmannen doorgaans een adviesbureau in. 

Zo’n beloningsadviesbureau maakt een peer group van ‘vergelijkbare bedrijven’. Daaruit blijkt vrijwel altijd dat de beloning van de eigen topbestuurder te laag is. Zijn of haar salaris zit onder de mediaan – de topbestuurders van de andere bedrijven verdienen in doorsnee meer. De boodschap is duidelijk: de beloning moet omhoog.

Altijd omhoog kijken

Daarna gaat het zo: bedrijf A verhoogt de beloning omdat andere, grotere bedrijven in de peer group hun baas in doorsnee meer betalen. Daarop stijgt de mediaan van die groep. De grotere bedrijven willen niet onder die mediaan zakken en gaan hun baas ook meer betalen. Waarop bedrijf A ook weer de portemonnee gaat trekken, om niet achterop te raken. Waarna het proces weer van voren af aan begint.

Benchmarken heet dat in jargon en het ligt steeds meer onder vuur. ‘Vraag me altijd af of beloningsbenchmarkonderzoek wel eens heeft geleid tot een lagere beloning’, twitterde directeur Rients Abma van Eumedion (de brancheclub van grote beleggers als pensioenfondsen) eerder dit jaar. 

Ook directeur Paul Koster van beleggersvereniging VEB hekelt de systematiek: ‘Het beloningscircus blijft door dit soort benchmarken voortdurend draaien met slechts één richting: omhoog.’

Volgens Hein Haenen van beloningsadviesbureau Focus Orange is het benchmarken naar boven, met grotere andere bedrijven, vooral schadelijk omdat zo de verhoudingen binnen het bedrijf uit het oog worden verloren. ‘Op deze manier stijgt de beloning van de top jaar na jaar sneller dan die van de werkvloer. Zo worden de interne verhoudingen steeds verder verstoord’, zegt Haenen. 

25 x meer dan de werkvloer

Dat effect is ook te zien in het onderzoek van de Volkskrant naar de topinkomens. Bij de 111 onderzochte bedrijven en instellingen verdienden de bestuursvoorzitter vorig jaar bijna 25 keer meer dan de gemiddelde werknemer. Een jaar eerder was dat 24 keer.

Het kijken naar grote broers is op zich verklaarbaar, zegt Haenen, medeauteur van het boek Bovenbazen – en de scheefgroei van hun beloning. ‘Ondernemingen hebben, net als mensen, de neiging omhoog te vergelijken. Ze kijken naar grotere, sterkere en succesvollere ondernemingen die ze graag zouden willen zijn.’ Benchmarken kan ook nuttig zijn, mits de vergelijking de juiste is. Maar in de praktijk is dat vaak de vraag. 

Volgens de betrokken bedrijven en hun beloningsadviseurs zijn de voorgestelde verhogingen altijd in orde. Zo was volgens Van Lanschot Kempen de ‘succesvolle transformatie tot gespecialiseerd vermogensbeheerder’ de belangrijkste reden voor de loonsprong. 

De top had ook al een tijdje niet substantieel meer salaris gekregen. En met de fors hogere beloning zit die top nog steeds 'aanzienlijk onder het gemiddelde van de groep', voegde de bank er aan toe. Niet overtuigend, vond onder anderen Wopke Hoekstra. De CDA-minister van Financiën wil met de banken om tafel of het wel gepast is voor de topbeloning te kijken naar grote multinationals.

Van Lanschot Kempen was zelf ook weer een maatstaf voor een kleiner bedrijf om de baas meer te kunnen betalen: de Kas Bank, waar topman Sikko van Katwijk vorig jaar 528 duizend euro verdiende, ruim 5 procent meer dan een jaar eerder. Terwijl de Kas Bank (beurswaarde 153 miljoen euro) naar het grotere Van Lanschot Kempen keek, keek de Bossche bank (beurswaarde 1 miljard) dus naar het veel grotere ING (beurswaarde 57,4 miljard euro, 51 duizend werknemers).

Beloning op eerstedivisieniveau

ING benchmarkte zelf ook weer bij het voorstel de beloning van de topman Ralph Hamers met de helft op te trekken naar 3 miljoen euro. ‘Ralph Hamers is eredivisie, maar wordt Jupiler League betaald’, was de inmiddels fameuze verklaring van president-commissaris Jeroen van der Veer. ING  gebruikte de Euro Stoxx 50. Daarin zitten naast andere banken ook nog grotere ‘gewone’ bedrijven, zoals autofabrikant Volkswagen (beurswaarde 87,4 miljard euro, 642 duizend werknemers). 

Oud-topman van Volkswagen Matthias Müller verdiende vorig jaar ruim 10 miljoen euro. Foto REUTERS

VW-topman Matthias Müller verdiende vorig jaar ruim 10 miljoen euro, 40 procent meer dan een jaar eerder en voor hij af moest treden vanwege het dieselschandaal. VW heeft mogelijk zelf ook weer gekeken naar nog grotere bedrijven, zoals Apple (beurswaarde 779 miljard euro). Of dat zo is, blijft onduidelijk. Het jaarverslag van VW heeft het alleen over een niet nader omschreven ‘groep nationale en internationale bedrijven’.

Rekenmethode ING
Bij de ophef over de beloning van Ralph Hamers kreeg ING dit voorjaar ook kritiek dat het zich als bank vergeleek met ‘gewone’ grote bedrijven, zoals Volkswagen en Ahold. Dat zou onterecht zijn omdat overheden een systeembank als ING uiteindelijk nooit ten onder zouden laten gaan. Banken zouden zich dus niet moeten vergelijken met bedrijven die zonder zulke impliciete ‘steun van de belastingbetaler’ opereren.

ING is het niet eens met die kritiek. Door de vele extra regels en toegenomen toezicht is kans dat de overheid moet inspringen geminimaliseerd, stelt de bank in een reactie. Bovendien zijn de Nederlandse banken na de crisis juist op aandringen van de overheid hun beloningen gaan afzetten tegen bedrijven buiten de financiële sector. ING gebruikt daarvoor al sinds 2010 de Euro Stoxx 50 als maatstaf, een Europese index met 50 bedrijven waaronder VW en Ahold. ING scoort naar eigen zeggen op de meeste vlakken in het midden. Het gebruik van een andere benchmark – bijvoorbeeld de AEX – zou niet leiden tot een ander beeld: de beloning van de ceo van ING ligt fors lager dan die bij vergelijkbare bedrijven, stelt de bank.

Zo loopt er een oplopend, zichzelf versterkend beloningslijntje van de kleine Kas Bank via Van Lanschot Kempen en ING naar Volkswagen, de op een na grootste autofabrikant ter wereld. Al een tijdje wordt geprobeerd het haasje-over-effect van benchmarken te breken, of tenminste onder controle te krijgen. Zo schrijft de Code Van Manen – de vernieuwde gedragscode voor het bedrijfsleven – voor dat de commissarissen niet alleen naar andere bedrijven moeten kijken. Ze moeten ook binnen het bedrijf kijken, naar wat de werkvloer verdient, voor de interne verankering. Dat blijkt nog wennen. ‘Het is heel hardnekkig. Voor de werkvloer wordt naar de kosten gekeken, voor de topbestuurders naar de internationale markt’, zegt beloningsdeskundige Haenen.

Maar dat laatste argument gaat niet meer op. Een internationale arbeidsmarkt voor topbestuurders is een mythe, bleek dit voorjaar uit promotieonderzoek van Stibbe-advocaat Manuel Lokin. ‘Beloningsconsultants adviseren bedrijven bezoldigingen internationaal te vergelijken’, zei Lokin. ‘Maar daar is totaal geen rechtvaardiging voor. Die markt is er niet.’ Die vaststelling is een bom onder de beloningsindustrie, waarvoor benchmarken een cruciaal onderdeel is. 

De loonsverhoging voor Ralph Hamers haalde het zoals bekend niet. ING trok het plan dit voorjaar na grote maatschappelijke en politieke ophef al na een paar dagen in. Na ING trok baggeraar Boskalis het plan in om topman Peter Berdowski fors beter te belonen. ‘Vanwege de weinig verheffende discussie rond de topbeloningen’, zoals een commissaris het met een verwijzing naar de ING-rel noemde, werd het voorstel ingetrokken, om imagoschade te voorkomen. 

‘Bedrijven en hun commissarissen moeten voortdurend kritisch bevraagd worden over het beloningsbeleid’, zegt directeur Paul Koster van de VEB. ‘Want het is nog nooit aangetoond dat een steeds hogere beloning ook leidt tot duurzaam betere resultaten bij een bedrijf.’

VERANTWOORDING
Het onderzoek is gebaseerd op de opgave van de beloning van de bestuursvoorzitters in de jaarverslagen van 111 bedrijven en instellingen over 2017. De beloning van opties en prestatieaandelen tellen pas mee als deze definitief zijn toegekend. Het onderzoek is uitgevoerd door Robin Dirker.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.