Directeur is zijn baan niet meer zeker

Veel directeuren vrezen voor hun baan. Gemiddeld bezetten managers hun stoel nauwelijks vier jaar. De economie is er niet blij mee....

Willem Hollander was 31 jaar lang de baas bij het cateringbedrijf de Compass-groep. Zo'n carrière komt niet meer voor, realiseert de huidige voorzitter van het Nederlands Centrum voor Directeuren (NCD) zich. De houdbaarheidstermijn van de gemiddelde directeur is nu vier jaar, stelt Hollander mistroostig vast.

Is dat erg voor de bv Nederland? Lijdt de economie onder de stoelendans van managers?

Manfred Kets de Vries, leiderschapsspecialist bij het prestigieuze Franse onderzoeksinstituut Insead, is stellig: 'Al die snel roulerende directeuren managen Nederland naar een economische neergang.' Volgens Kets de Vries richt een directeur zich meer en meer op de korte termijn en in een jaar of drie is nu eenmaal 'niet zo veel creatiefs te bereiken'.

Paul Frissen, bestuurskundige in Tilburg, is voorzichtiger. Hij vindt het wel een voordeel dat de cultuur van 'ouwe-jongens-krentenbrood' is doorbroken: 'Zelfs een gesloten bedrijf als Shell is nu veranderd', stelt Frissen. Hij vreest echter dat Nederland te ver doorschiet in de huidige afrekencultuur die om zich heen grijpt.

Directeuren worden meer en meer op hun prestaties afgerekend. Veel wordt bijgehouden in prestatiecontracten. Haalt de manager zijn target niet, dan vliegt hij eruit.

Frissen ziet hierin een gevaar: 'Bedrijven doen goed wat ze doen, maar doen ze de goede dingen?' Volgens Frissen wordt deze vraag minder en minder gesteld. De lange termijn wordt gemakkelijk vergeten door de directeur die voor zijn baan vreest.

NCD-voorzitter Hollander ziet een parallel met de voetbalwereld. Daar beslissen toeschouwers en media over het lot van de trainer, die altijd moet presteren. Bij bedrijven zijn het de aandeelhouders die meteen resultaat verlangen.

'Het is allemaal begonnen met het geven van opties aan directeuren', zegt Hollander.

De schuld geven aan de financiële markten is echter te simpel. De stoelendans betreft niet alleen het bedrijfsleven.

Ook topambtenaren die niets met de financiële markten te maken hebben, blijken over weinig zitvlees te beschikken, valt af te leiden uit het meest recente jaarverslag van de Algemene Bestuursdienst van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Gemiddeld zit een topambtenaar drie jaar en bijna vier maanden op zijn plek voordat hij doorschuift naar de volgende functie.

Politicoloog Rinus van Schendelen heeft hier al schande van gesproken. Inhoudelijk bouwen de ambtenaren namelijk geen kennis meer op, is zijn kritiek. Noodgedwongen richten ze zich alleen op het beheersen van processen. Voor echt nadenken over bestuurlijk moeilijke problemen lijken de hoge ambtenaren vervolgens geen tijd meer te hebben.

Ook bij de overheid zitten echter twee kanten aan die stoelendans van leidinggevenden. De verkokering tussen de diverse ministeries wordt er wel door doorbroken.

Een opvallend gevolg is, volgens bestuurskundige Frissen, dat ambtenaren hun minister gewilliger zullen dienen. Hiermee dekken de topambtenaren immers hun risico af.

Tegelijk is de gedweeheid van de ambtenaren een groot probleem. Frissen stelt vast dat er steeds minder topambtenaren zijn met een eigenzinnige mening.

Duidelijk is dat niemand terug wil naar de tijd van Hollander, waarin bestuurders 31 jaar op hun plek bleven. Maar Nederland dreigt nu te ver door te schieten, vindt de directeur van het Nederlands Centrum voor Directeuren. Hij denkt dat de juiste zittingstermijn voor een directeur ergens tussen de zes en acht jaar moet liggen. 'Bij een kortere periode gaat te veel kwaliteit verloren', luidt zijn oordeel.

Rob van Dijk, beloningadviseur bij de Hay Groep, vindt de huidige trend ook niet goed. 'Zeker in deze onrustige tijd hebben bestuurders tijd nodig om een bedrijf naar hun hand te zetten. Voor echte veranderingen is een periode van drie jaar wel het minimum.'

Volgens Van Dijk geeft een langere periode de directeur de kans niet alleen een organisatie bij te sturen, maar kan hij dan ook de resultaten laten zien. Daar wachten de meeste directeuren echter niet op, of ze krijgen de kans niet en vliegen de laan uit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden