Design-zonnepaneel komt eraan

Zonnepanelen zijn lelijk, is een vaak gehoorde klacht. Oplossing: exclusieve design-panelen als persoonlijk stijlelement. Nu al te koop.

Beeld Han Hoogerbrugge

Zijn zonnepanelen lelijk? De Stichting Beschermd Stadsgezicht Hulst vindt van wel. De gemeenteraad van de Zeeuws-Vlaamse gemeente moet als de wiedeweerga met duidelijke regels komen om te beletten dat het zicht op het schilderachtige centrum van de vestingstad wordt ontsierd 'door kleurrijke en kristallijne, in de zon schitterende, daken', berichtte de Provinciale Zeeuwse Courant eerder dit jaar over de oproep van de stichting.

Zonnepanelen zijn populair. Nederland telt vijf miljoen systemen, verantwoordelijk voor nog geen 1 procent van de stroombehoefte. Eind 2012 waren er twee miljoen panelen. Met de opmars groeit soms ook het onbehagen, net als bij windmolens. Milieu en klimaat zijn belangrijk, maar het oog wil ook wat.

En qua esthetiek houdt het niet over met de donkerblauwe polykristallijne lappen, zonder rijm of rede op daken geslingerd, vinden sommigen critici.

'Zonnepanelen lelijk?', reageerde een lezer van dagblad BN De Stem op vergelijkbare klachten in het Brabantse Oosterhout. 'Misschien wel, zoals ook koeltorens, energiecentrales, elektriciteitsmasten, snelwegen, auto's, reclameborden, windmolens, nieuwbouwwijken, kantoortorens, geluidsschermen, enz. enz. lelijk zijn. Alles heeft zijn prijs, ook schone energie dus!' Ook de nu zo geliefde windmolens van Kinderdijk, waar toeristen in drommen op afkomen, waren voor de 18de-eeuwse lokale bevolking misschien wel 'horizonschvervuilingh', aldus de lezer.

Smaak is relatief, maar zelfs verstokte duurzaamheidsfanaten geven toe dat de eerste generatie panelen niet uitblonk in schoonheid. Zijn we al toe aan een esthetische discussie over wat zonnepanelen mooi of lelijk maakt? Waar blijven de beeldschone, design-panelen?

Achter de schermen wordt op dit gebied veel ontwikkeld, merkt Bob van de Graaf op. Volgens de zonnepaneelverkoper uit Piershil is de stap naar de markt vaak nog een probleem. 'Het commercieel maken valt niet mee. Daarvoor moet je een grote afzetmarkt hebben en daar hapert het vaak op. Er is te weinig vraag naar de niet-standaard producten. Zonnepanelen worden met honderdduizenden stuks per jaar gemaakt, maar voor bijzondere exemplaren is de markt nog heel klein.'

Glas-in-lood

Een afwijkend exemplaar is het begin deze maand gepresenteerde glas-in-lood-paneel van Wilfried van Sark, energiewetenschapper van de Universiteit Utrecht. Het kleurrijke, Mondriaanachtige raamwerk is in een lust voor het oog, alleen niet erg efficiënt. Het zonnepaneel zet een half procent van het opgevangen licht om in elektriciteit.

Op een zonnige dag is dat genoeg om drie mobiele telefoons op te laden, schreef de Volkskrant eerder deze maand. Dat valt in het niet bij de efficiëntie van de vertrouwde bakbeesten, die wel 20 procent kunnen halen. De 'elektrische Mondriaan' zal dus eerst een hogere efficiëntie moeten bereiken om interessant te zijn voor de consument.

Ook de Canadese kunstenaar Sarah Hall maakt glas-in-lood-achtige panelen voor onder meer kathedralen en scholen. Ze zijn een fraai amalgaam van de eeuwenoude techniek van gebrandschilderd glas met moderne zonnetechnologie. Prachtig voor in grote gebouwen, maar voorlopig niet haalbaar voor de doorsnee consument.

Energiewetenschapper Wilfried van Sark ontwierp een glas-in-lood-zonnepaneel. Beeld Arie Kievit

Iets laagdrempeliger zijn de glazen, dakpanvormige panelen van het Zweedse SolTech Power. De zonnecellen bevinden zich onder de golvende dakpannen, die netjes kunnen worden geïntegreerd in daken. Interessant is ook het New Yorkse bedrijf Solar Ivy, dat, zoals de naam al zegt, zonnecellen maakt in de vorm van klimop. Zo kun je huis of kantoorgebouw laten 'begroeien' met tientallen of honderden solaire klimopblaadjes.

Maar het zal nog wel even duren voordat dit soort designerpanelen even makkelijk verkrijgbaar is als de bekende blauwe panelen met het aluminium randje. De mooiste van de huidige zonnepanelen, vindt Bob van de Graaf, zijn donkere exemplaren met een zwarte rand en een witte achtergrond. 'Helemaal zwart is ook mogelijk, hoewel ik dat persoonlijk iets te donker vind op een dak, maar sommige klanten kiezen daar wel voor.'

Daarnaast zijn er ook de zogeheten 'indak-systemen', waarbij zonnepanelen en dakbedekking volledig geïntegreerd zijn. Maar dat is een prijzige optie, zegt Van de Graaf, omdat er veel montagewerk en andere kosten bij komen kijken.

Eerste in de straat

Hoewel de keuze nog beperkt is, komt er een dag waarop de markt zo groot is dat de zonnepanelen op de daken bijna even bont geschakeerd zullen zijn als de hoesjes om de mobiele telefoons, of de schoenen van 's werelds beste voetballers. Van de Graaf merkt dat consumenten nu al anders naar zonnepanelen kijken dan een aantal jaar geleden.

'Zes, zeven jaar geleden wilden mensen alleen zonnepanelen op hun schuurtje hebben, ver uit het zicht. 'Omdat ik het niet mooi vind', werd destijds gezegd. Nu merk je dat dit aan het verschuiven is. Bewoners vinden het geen probleem meer om panelen op hun dak te hebben, die zichtbaar zijn. Ik heb de indruk dat zonnepanelen een prestigeobject beginnen te worden. Vroeger wilde je als eerste in de straat een televisie hebben, nu wil je als eerste zonnepanelen op je huis.'

Vragen over milieuvriendelijk gedrag of tips voor deze rubriek?

Mail naar groen@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden