Deftig bijbaantje wordt serieus werk

Toezichthouder heeft te veel commissariaten en te weinig tijd om ze uit te oefenen...

Amsterdam Commissarissen en toezichthouders moeten meer op intuïtie durven varen. Dat is een van de lessen die Trude Maas-de Brouwer, commissaris bij onder andere ABN Amro, Schiphol en Philips Nederland, trekt uit de kredietcrisis.

Maas-de Brouwer: ‘Toen ik als commissaris bij ABN Amro aantrad, kreeg ik een lijstje onder ogen met daarop de bonussen die bij de bank werden uitgedeeld. Vooral het echelon net onder de raad van bestuur kreeg enorme bedragen uitbetaald. Er zaten jongens bij die veel meer verdienden dan de raad van bestuur.

‘Ik dacht toen intuïtief: dit is niet gezond. Maar het was binnen de raad van commissarissen geen punt van discussie. Ik zat daar om de aandeelhoudersbelangen te vertegenwoordigen, die waren toen gediend bij dit type huurlingen, zo was de heersende gedachte.’

Nu zou Maas-de Brouwer wel degelijk aan de bel trekken. Volgens haar moet de rol van toezichthouders drastisch veranderen. ‘We moeten niet alleen oog hebben voor ‘harde’ onderwerpen, zoals de jaarrekening, maar ook veel meer aandacht hebben voor bijvoorbeeld de cultuur binnen het bedrijf. Hebzucht aan de top zegt immers veel over een bedrijf.’

Dat vraagt volgens Maas-de Brouwer wel om een nieuw type commissaris. ‘Het vak moet professionaliseren. Nu is het toch nog vaak een deftig bijbaantje. Die tijd is echt voorbij. We moeten mensen hebben die werkelijk tijd en aandacht kunnen besteden aan hun toezichthoudende werk. Daar hoort dan wel een normale vergoeding bij. Ook zou er ondersteuning moeten komen. Misschien in de vorm van een eigen secretaris, waardoor de raad van commissarissen zich meer als een team met een eigen onafhankelijke opdracht gaat zien.’

Ferdinand Grapperhaus, hoogleraar arbeidsrecht en lid van de SER, denkt niet dat een hogere beloning nodig is om betere toezichthouders aan te trekken. ‘Voor de beloning die er nu voor staat, vind je genoeg gekwalificeerde mensen. Niet uit het bestaande old boys network, maar dat is geen probleem. Er zijn genoeg onbekende mensen die veel beter geschikt zijn. Ik denk aan ondernemers die naast hun werk nog tijd hebben voor een of twee nevenactiviteiten.’

Grapperhaus benadrukt niets tegen ‘old boys’ te hebben. Met oude mannen is niets mis zegt hij. ‘Maar wel met hun netwerk. Ze houden elkaar gevangen. Ze hebben te veel commissariaten en hebben daardoor vaak geen tijd hun taak goed uit te oefenen. Maar toch blijven ze elkaar wel vragen. Nee-zeggen doen ze niet, want ze willen in het netwerk blijven.’

Om die reden stellen commissarissen zich volgens Grapperhaus ook ‘risicomijdend’ op. ‘Ze zullen niet vaak een grote scheur opentrekken als ze het ergens niet mee eens zijn. Want dan ben je spelbreker. Een echt kritische houding wordt ook niet van ze verwacht. Ja officieel wel, maar in de praktijk niet.’

Bij het Nationaal Register Commissarissen en Toezichthouders, een stichting die bemiddelt tussen bedrijven en toezichthouders, merken ze al dat er een ‘omslag’ gaande is. Directeur Olaf Smits van Waesberghe: ‘De ontwikkeling gaat maar één kant op: de commissaris gaat zich intensiever bemoeien met de gang van zaken bij de onderneming. De tijd van het erebaantje is voorbij. Hij of zij kan niet meer volstaan met alleen maar vier keer per jaar een vergadering bij te wonen.’

De commissaris maakt volgens Van Waesberghe een emancipatieproces door. ‘Hij kan niet alleen meer afgaan op informatie van de directie. Als toezichthouder moet je de organisatie in, ook praten met de tweede lijn.’

In de publieke sector is de toezichthouder nog steeds een erebaantje, zegt Inge Brakman, voorzitter van het Commissariaat voor de Media en commissaris bij Fortis. ‘Als je voor zo’n functie gevraagd wordt, is de standaard wervingszin meestal: ‘Het is leuk, eervol, niet ingewikkeld en kost weinig tijd.’ Brakman vindt dat dat anders moet. ‘Het mag nog steeds leuk en eervol zijn, maar het vraagt om meer tijd en verantwoordelijkheid.’

Headhunter Bercan Günel, bestuurder van executive searchbureau Woman Capital, pleit voor een andere manier van selecteren. ‘Het zou goed zijn om publieke instellingen en beursgenoteerde bedrijven te verplichten om een buitenstaander te betrekken bij de selectie van toezichthouders.’

Er wordt volgens haar nu nog vooral gekeken naar naam en statuur. Het is ons-kent-ons. Soms hebben ze al een kandidaat op het oog en wordt het profiel van die commissaris precies op die persoon geschreven.’

Er ontwikkelt zich al een nieuwe generatie toezichthouders, vertelt Günel. ‘Mensen die geen erebaantje zoeken, maar echt een toezichthoudende functie. Als het selectieproces zou worden geobjectiveerd, komen vanzelf de kandidaten bovendrijven die ook echt toezichthouder willen zijn. Die zullen het bedrijf waarop ze toezicht houden ook echt tijd en aandacht geven.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden