De 'Zwerfinator' weet: blikjes zijn het echte probleem

Op blikjes wordt in Nederland geen statiegeld geheven. Een schande, vindt professioneel zwerfvuilraper Dirk Groot. Samen met een Amsterdamse vmbo-klas bewijst hij hoeveel blikjes er op straat liggen.

Ilias Driouchi van het Wellantcollege ruimt in zijn eigen wijk zwerfvuil op. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Zonder dat hij het zelf doorheeft vat Ilias Driouchi (13), wippend op zijn stoel, de statiegeldiscussie direct treffend samen. ‘Eén vraag meneer: kunnen we er geld mee verdienen? Nee? Nou dan doe ik niet mee', zegt de 13-jarige scholier van het Wellantcollege in Amsterdam-Osdorp tegen Dirk Groot. De ‘Zwerfinator’, zoals hij zichzelf noemt, komt vmbo-klas 1a vertellen over de verwoestende gevolgen van zwerfvuil en neemt de klas mee om de straat op te ruimen – de reden dat Driouchi wil weten of er geld te verdienen valt.

‘Zwaar zielig’, verzucht de hele klas bij het zien van een filmpje van dode albatrossen wier maag uitpuilt van het afval dat ze per ongeluk hebben opgegeten. Om vervolgens eerlijk te bekennen dat ze zelf ook weleens troep op straat gooien. Voor Driouchi is dat het blikje dat hij vaak na voetbal drinkt. Gaat hij niet meer doen, zegt de jongen na het verhaal van Groot, die wordt bijgestaan door Virgil Bawits van een duurzaamheidscentrum.

Zwerfblikjes zijn de grote afwezige in de recycle-doelstelling die het kabinet het bedrijfsleven deze maand oplegde. Supermarkten en frisdrankproducenten moeten ervoor zorgen dat in 2021 70 tot 90 procent van de kleine plastic flesjes ingezameld wordt, anders belast de overheid zulke drankverpakkingen met statiegeld. Maar waarom alleen plastic flesjes en niet ook blikjes, zoals veel actiegroepen en deskundigen willen?

'Zwerfinator' Dirk Groot aan het werk in Osdorp. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

Het is een regelrechte schande dat blikjesafval wordt genegeerd, vindt Groot. Twee jaar geleden verloor de man uit Purmerend zijn baan, waarna hij zijn bestaan als ‘zwerfieraper’ heeft geprofessionaliseerd. Hij verdient geld met onderzoek en voorlichting over zijn bevindingen. Hij houdt namelijk minutieus bij welk afval hij vindt en op welke plaats, om het vervolgens per categorie te wegen. En wat blijkt uit de rapportages die hij voor diverse gemeenten heeft gemaakt: bijna een kwart (24 procent) van al het zwerfvuil dat hij over een afstand van 586 kilometer verzamelde, bestaat uit blik.

Dit is een heel ander getal dan de 6,2 procent blikjes waarmee Rijkswaterstaat rekent in de Landelijke Zwerfafvalmonitor. Dit komt doordat Rijkswaterstaat het afval per stuk telt; een ijsstokje telt dan even zwaar mee als een blikje en een dop is hetzelfde als een plastic fles. Maar zelfs in deze berekening winnen blikjes het ruim van de kleine petflesjes (2,7 procent), waarop de statiegelddiscussie zich nu  toespitst.

Dat staatssecretaris Stientje van Veldhoven blikjes buiten beschouwing laat als ze dreigt met statiegeld, is volgens haar woordvoerder simpel te verklaren. ‘De motie die de Tweede Kamer in de vorige kabinetsperiode indiende, gaat over het terugdringen van de plasticsoep’, zegt hij. Maar dat belemmert Van Veldhoven toch niet om eigenhandig ook een reductiedoelstelling te formuleren voor zwervende blikjes? ‘Het is niet zo dat we blikjes links in de berm laten liggen. Blikjes zijn onderdeel van de Landelijke Aanpak Zwerfafval. Maar voor statiegeld op blikjes is geen Kamermeerderheid.’

De keuze om alleen plastic flesjes eventueel met statiegeld te belasten is dus een coalitiecompromis. Een compromis dat de supermarkten ontziet, want uit berekeningen van adviesbureau CE Delft – in opdracht van de vorige staatssecretaris – blijkt dat het aantal blikjes (1,8 miljard) dat de winkeliers dan zouden moeten terugnemen twee keer zo hoog is als het aantal in te nemen petflesjes (900 miljoen).

Als alleen flesjes toegevoegd worden aan het bestaande statiegeldsysteem hoeven supermarkten dus minder statiegeldmachines bij te plaatsen. ‘Maar het effect van het terugdringen van zwerfafval wordt wel drie maal minder’, waarschuwt onderzoeker Geert Bergsma van CE Delft. ‘In andere landen als Denemarken, Zweden, Duitsland en tien Amerikaanse staten combineren ze wel blikjes en flesjes in een statiegeldsysteem.’

Met de halve oplossing in Nederland vreest Groot dat het aantal blikjes op straat en in de natuur alleen maar zal toenemen. Net als actiegroepen en oppositiepartijen denkt hij dat frisdrankproducenten meer drankjes in blik zullen verpakken nu alleen statiegeld op plastic flesjes dreigt.

Het is bovendien nogal wrang dat Groot en zijn zwerfvuilkompanen, door het ultimatum van de staatssecretaris aan het bedrijfsleven, de kans vergroten dat er nooit statiegeld op blikjes en flesjes komt. Zij verkleinen immers het probleem door het zwerfvuil van de straat en uit de natuur te verwijderen, waardoor het opgelegde doel om onder statiegeld uit te komen haalbaarder wordt.

Leerling van het Amsterdamse Wellantcollege ruimen in hun wijk zwerfvuil op. Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

‘Ik krijg berichtjes van rapers die er helemaal mee willen stoppen’, zegt Groot. ‘Of ze dreigen alles wat ze onder de bosjes vinden op straat te leggen, zodat de mensen eens met eigen ogen zien hoeveel troep er overal ligt.’

Langs de straten in Osdorp zijn de perken net gesnoeid. De koude grond onthult een wintervoorraad doppen, snoepwikkeltjes en drankverpakkingen. Herma Asaed (68) komt enthousiast haar huis uit om Groot te complimenteren met zijn werk. ‘Leer jij hun maar dat het niet goed is om troep op straat te gooien’, zegt ze. ‘Ik zie ze vaak – hup - hun blikjes in de struiken gooien. Als ik dan zeg: ‘daar is de prullenbak’, dan krijg ik een paar mooie woorden naar mijn hoofd geslingerd.’

De boodschap van Groot en Bawits lijkt aan te slaan bij klas 1a, die voortvarend de prikstok ter hand neemt. Alleen Driouchi, met zwarte capuchon over zijn hoofd, heeft zijn grijper al na een kwartier moeten inleveren. Hij krijgt er de schuld van dat een gevonden blikje door de lucht vloog en – met inhoud en al – op de arm van voorlichter Bawits terecht kwam. ‘Wat heb ik gedaan?’, vraagt Driouchi smekend. ‘Meester, alstublieft, laat me weer opruimen.’

INZET Opbrengst Zwerfinator

‘Zwerfinator’ Dirk Groot heeft de afgelopen jaren een afstand van 586 kilometer afgelegd om zwerfafval op te ruimen. Met name in zijn eigen gemeente Purmerend, maar ook rond de steden en dorpen waar hij voorlichting geeft over zwerfvuil. In gewicht gemeten bestaat 39 procent van zijn opbrengst uit drankverpakkingen, waarvan 62 procent blik is - 13.791 blikjes op 22.073 drankverpakkingen. Hij raapte 5.215 kleine plastic flesjes op. Grote statiegeldflessen maken minder dan 1 procent uit van zijn ‘oogst’. Wat hem betreft is dat het sterkste argument voor het invoeren van statiegeld op de kleinere drankverpakkingen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden