De Zuidas als fata morgana van beton

De Zuidas in Amsterdam - een bouwproject van superlatieven - dreigt stuk te lopen op geldgebrek. 'Zonder tunnel is de Zuidas mislukt'.

Door Marc van den Eerenbeemt en Merijn Rengers

Frederijk Haantjes, de zegsman van de Zuidas, wijst op de maquette geroutineerd de nieuwste kantoren aan die langs de Amsterdamse ringweg zijn opgeleverd. Dit is de Zuidas die Amsterdam voor zich ziet. Een bruisend nieuw stadscentrum, een Central Business District, een magneet voor de Randstad en daarmee voor heel Nederland – aldus Maarten van Poelgeest, de verantwoordelijke Amsterdamse wethouder.

Het is niet de Zuidas die de afgelopen maanden in het nieuws was. De Zuidas waar bijvoorbeeld voor tientallen miljoenen gefraudeerd zou zijn door oud-medewerkers van Bouwfonds en het Philips Pensioenfonds. Het fraudeonderzoek van het OM – het grootste ooit – is ‘imago-technisch een ramp voor de Zuidas’, zegt Van Poelgeest, maar het is op dit moment niet het grootste probleem.

Dat is geld.

Voor het slagen van de Zuidas moet een enorme tunnel worden gebouwd. Die moet over een lengte van 1,2 kilometer de ringweg A10, parkeerruimte, en stations voor trein en metro overkoepelen. Van Poelgeest: ‘Zonder de tunnel is de Zuidas mislukt. Dan staat er gewoon een hele trits grote gebouwen langs de snelweg. En we hebben al zo veel betonnen kolossen in Amsterdam.’

Op de maquette is de tunnel er al, net als de tientallen wolkenkrabbers die daarboven staan gepland. De aanleg moet worden betaald uit de opbrengst van de bouwrechten op het tunneldak.

Amsterdam kan en wil de supertunnel niet alleen bouwen. Daarvoor is een Publiek Private Samenwerking (PPS) ontworpen. Amsterdam en de rijksoverheid verkopen 60 procent van het project aan particuliere investeerders, zo staat in de plannen. Die betalen mee aan de tunnel, en in ruil daarvoor delen zij mee in de opbrengsten van de wolkenkrabbers.

De animo onder de banken is echter nihil, zo wordt in de vastgoedwereld met grote stelligheid verkondigd. ‘We geloven allemaal in de Zuidas, maar ik heb nog nooit van mijn leven mijn portemonnee uit handen gegeven’, aldus een hooggeplaatste betrokkene. ‘Ik wil best wat meebetalen, mijn winst laten afromen, maar geef voor de verliezen geen blanco cheque af.’

Van Poelgeest weet sinds eind vorig jaar dat de banken geen trek hebben in de voorgestelde deal rond de Zuidas. In november 2007 kreeg hij een brief van Fortis, Rabo en ING Real Estate (die als het aan de gemeente ligt niet met elkaar mogen overleggen over hun biedingen) dat zij niet wilden participeren in de NV Zuidas.

‘Vooroverleg? Natuurlijk komen we elkaar in het veld allemaal tegen en praten we daar wel eens over’, aldus een geïnteresseerde. ‘Ik voel me niet gebonden aan regels over vooroverleg. Dan moeten ze maar beter naar ons luisteren.’

Amsterdam en het Rijk lieten, naar aanleiding van de bankenbrief, Credit Suisse een rondgang maken langs alle beoogde partners, bij de overheid en in de vrije markt. De uitkomst daarvan is officieel niet bekend, maar volgens ingewijden meldt het rapport dat het probleem ligt bij financiering en risico van de infrastructuur.

Bij infrastructuur denken de marktpartijen aan nachtmerrie-achtige projecten als de Betuwe-lijn of de Amsterdamse Noord-Zuidlijn, die veel langer duurden en kostbaarder uitvielen dan van tevoren door de overheid was ingeschat. De overheid wil dat risico nu zo veel mogelijk delen. Van Poelgeest wil hoe dan ook door met de Zuidas. ‘We hebben jaren en jaren zitten praten met de marktpartijen. Dat is nu klaar. Anders blijven we maar praten en is er aan het eind van de rit voor de gemeente niets meer over. We gaan nu hard op weg richting veiling. Niet praten, maar bieden, dat is wat de markt moet doen.’

Want extra geld om de tunnel zelf te betalen, heeft Amsterdam niet, zegt Van Poelgeest. Dat is vooral opgegaan aan de Noord-Zuidlijn. ‘Het is nu cruciaal dat Eurlings zich sterk gaat maken voor de Zuidas. Hij is minister van Verkeer, maar ook van de Randstad. Als hij zich groot maakt, kan de Zuidas zo worden vlotgetrokken.’

Bij de marktpartijen leven andere ideeën. Een vastgoedman: ‘Het mooiste zou zijn als we met de hele markt een voorstel zouden doen. Weg van die veiling. Alleen als er bij een veiling een maximum op ons risico komt, willen we daar nog over nadenken.’

Het verzet van zijn beoogde partners ziet Van Poelgeest als onderhandelingstactiek. Vandaag wordt beslist wat over dertig jaar wordt verdiend. Bij een van de partijen klinkt grote wrevel. ‘Het gaat om enorme bedragen, om zeer grote risico’s en heel veel jaren. Daar willen wij begrip voor. Nu dreigt het beeld te ontstaan dat de markt niet wil. Maar ik denk weleens dat de overheid niet wil. Misschien is dat een kwestie van politieke kleur. Ze laten het klappen en leggen de schuld bij het bedrijfsleven.’

Mogelijk is de overheid bang om door slimme ondernemers alsnog bij de neus te worden genomen. Bekijk het andersom, zegt een potentiële participant: ‘Stel dat de overheid bang is dat de bedrijven er honderden miljoenen aan verdienen. Dan verdient ook de overheid een vermogen! Die is voor 40 procent eigenaar. En ze hebben er meteen een geweldige stad voor terug. Wat willen ze nou?’

De beoogde veiling wordt het uur van de waarheid. Een geselecteerde bieder: ‘De kans bestaat dat niemand meedoet. Bij deze risico’s willen wij helemaal niet concurreren. Wij willen dat iedereen aan boord komt. Dan heb je meteen de kennis en kunde van de hele markt in huis.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden