De troost van een geslaagde formulering

Vanaf een zolder in Arnhem gaat een stel idealistische mannen en vrouwen met posters de wereld te lijf. Loesje is jarig....

Israël blikt Palestijnen in, Amerikanen brengen de vrede in tanks naar Irak en Balken en de bezuinigt de ongelijkheid naar een hoogtepunt Loesje-leden worden ongelukkig als ze naar de televisie kijken. 'Ir ri tatie voelt niet lekker', zegt Jan-Willem. Als hij de volgende ochtend het Loesje-pand betreedt, ziet hij zijn vrienden de actualiteit verwerken en voelt hij zich weer een beetje mens.

De troost van een geslaagde formulering verklaart misschien iets van het enthousiasme waarmee jongeren en oudere jongeren al twintig jaar Loesje-posters schrijven en verspreiden. Elke dinsdagmiddag scharen een stuk of twaalf actieve leden zich rond twee aaneengeschoven tafels op een Arn hem se zolderverdieping; de mannen dragen baardjes, de meiden houden van gebreid. In stille concentratie gaan ze de wereld te lijf.

Als iets in het Loesje-pand wordt opgehangen of neergezet, houdt het zijn plek. De twee verdiepingen zijn behangen met teksten en posters, op de vloerbedekking staat een tafelvoetbalspel, onder de tafels stapelen boeken en scheurkalenders zich op. De ramen in het schuine dak geven uitzicht op winkels en marktkraampjes op het Jansplein, en aan de andere zijde op een rij garagedeuren waarop met grote spuitbusletters het einde van het internationale fascisme wordt aangekondigd.

Voordat het 'rondschrijven' begint, neemt Marcel, een opgewekte dertiger met een kleine bril, een stapel lege A4'tjes in zijn handen. Elk velletje krijgt een onderwerp, zodat het met de klok mee de tafel rond kan gaan en iedereen zijn eerste associaties kwijt kan. 'Hoe geloofwaardig is Bal ken ende nog?', vraagt hij zich af. 'Minister De Geus zegt dat de vrouwenemancipatie klaar is', zucht iemand anders. Israël komt voorbij natuurlijk, Irak, Bush en de vraag, nu de gulden weg is, de monarchie belachelijker wordt en je van Hollandse softdrugs steeds sneller schizofreen wordt: 'Waar kunnen we in Ne der land nog trots op zijn?'

Mondige burgers

Loesje is jarig; eind november werd ze 20. Eerst waren haar kritische, grappige en soms poëtische posters vooral in Arnhem van de muren te lezen. Halverwege de jaren tachtig zag je haar al in heel Nederland en sinds de val van de Muur worden ook Slo ve n en, Serviërs, IJslanders en Zweden via posters aangezet zich tot mondige burgers te ontwikkelen. 'Heel belangrijk voor de democratie', zegt Hanneke, een medewerkster van 26 die van discussiëren en wandelen houdt, 'want als mensen zichzelf geen stem geven, is hun mening ook niets waard.'

Loesje drijft op het initiatief van het individuele lid. Daarvan zijn er in Nederland ruim zevenhonderd, merendeels scholieren en studenten, waarvan er altijd wel zo'n honderd actief zijn. Ze maken een maandelijkse serie van acht nieuwe posters, organiseren internationale zomerkampen, schrijfbijeenkomsten en gezellige weekenden. Met work shops en de verkoop van scheurkalenders, mokken, t-shirts en boekjes verdient Loesje ongeveer 3 ton per jaar. Precies genoeg om niet bij de overheid om geld te hoeven vragen, want aan de overheid heeft ze een broertje dood.

Loesje is tegen het kapitalisme, grenzen en paspoorten, een beetje anti-Amerikaans, tegen oorlog en voor de liefde. Deze houding trekt een hoop, vooral jonge, mensen aan die twee dingen gemeen lijken te hebben: ze houden van de vakbond en hebben een artistieke belangstelling. Hanneke heeft in haar leven al veel tijd gestoken in de bestrijding van de sociaal-economische ongelijkheid, maar schrijft ook graag theaterteksten. En Mar cel, die voor Loesje uit Middelburg naar Arnhem is verhuisd, heeft het een paar weken geleden voor het eerst aangedurfd zijn eigen gedichten op een open podium voor te dragen.

Eigenlijk houden alleen overheden niet van posters. Omdat de straten de laatste jaren met commerciële uitingen worden behangen, moeten ook de ideële plakkertjes het ontgelden. Afgelopen zomer stuurde de gemeente een brief: voor iedere wildgeplakte poster moet de stichting een boete van bijna 70 euro betalen. De krantenberichten dat Loes je daarom uit Arnhem zou verhuizen, kloppen niet. Wel togen ze met een keihard ultimatum naar de gemeenteraad: als de dwangsom niet van tafel gaat, spannen ze een kort geding aan.

Als Doeko, een jongen die na jaren ervaring met de sterke arm de juridische medewerker is geworden, de ochtend daarna tegen elf uur met glazige ogen naar het koffiezetapparaat loopt, weet hij nog niet wat de raad heeft besloten. Het recht op vrije meningsuiting is belangrijk, maar omdat het nogal langdradig werd in de raadszaal, verliet hij voortijdig het gemeentehuis om met enkele gelijkgestemden een biertje te gaan drinken.

Krakersrellen

Loesje leerde lopen in de Lawick Pap straat, waar aan een keukentafel in een kraakpand vanaf de zomer van 1983 zes mannen wekelijks bijeenkwamen. De één studeerde massapsychologie, de ander was motorhandelaar en Jan Verschure studeerde voor dramadocent. Het was de tijd van de krakersrellen en 'de slag om Dodewaard'. Het actiewezen verhardde zich, bij demonstraties zag Jan steeds dezelfde koppen, die vooral voor de rellen kwamen.

Jan Verschure beheert intussen met een vriend de stichting Beleven, die zich inzet voor kunstzinnige vorming van achter standskinderen. Daarvoor gebruiken ze een mooie verdieping in de Coehoornstraat, met allemaal moderne schilderijen aan de strakwitte muren. Jan is een energieke vijftiger in een grote fleecetrui met opgestroopte mouwen. Hij rent de trap op, vlindert over het linoleum, gaat op een radiator zitten om iets met een medewerker kort te sluiten, gaat dan op een stoel zitten en slaat zijn benen over elkaar. 'Het moest anders', zegt hij, 'beter en vooral: mooier.'

Op advies van de massapsycholoog werd besloten 'de maatschappelijke termen van oud-links te vertalen in persoonskenmerken'. Maar een naam verzinnen was nog niet gemakkelijk. Toen de mannen na een zoveelste brainstormsessie een beetje moedeloos boven hun biertjes hingen, kwam er een leuk meisje het café binnengewandeld, dat alle kenmerken in zich verenigde: daadkrachtig, initiatiefrijk, positief en creatief. Ze heette Loesje.

Twee jaar Arnhem volplakken resulteer de in een overzichtstentoonstelling. De mannen gingen met vakantie, kwamen na de zomer weer bij elkaar, keken elkaar aan en dachten: 'En nu?' Iemand vroeg: 'Waarom doen we niet mee met de verkiezingen?' De rest antwoordde zoals Loesje-leden altijd op voorstellen antwoorden: 'Oké', zeiden ze, 'dat is goed.' Toen de stemmen in mei 1986 waren geteld en bleek dat Loesje geen zetel zou krijgen, dropen de politiek geïnteresseerden af en bleef er een mooie kern posterliefhebbers over. 'De redding van Loesje', zegt Jan. 'We hadden meteen een landelijke organisatie.'

Kort daarop viel de Muur en haastten de Loesje-leden zich naar Oost-Europa 'Ich bin zwei Berliner'. Uit deze reis en vele volgende er moest geregeld ergens nodig ondersteund worden ontstond Loesje Inter na tionaal. De boeken gingen lopen, de scheurkalenders en de schoolagenda's. Toen Jan in 1994 vader werd, kon hij Loesje met een gerust hart verlaten. Hij staat op en stroopt zijn mouwen nog wat hoger. Er moet gewerkt worden allerlei Arnhemse achter standskinderen wacht een cursus bewegingstheater.

Homohuwelijk

Tegen elf uur druppelen de eerste medewerkers het kantoorpand binnen. Twee stagiaires gaan in een rommelig hoekje zitten. Ze komen uit IJsland en Slovenië en leren via het uitwisselingsproject hoe Loesje Neder land de zaken regelt; ze leren meteen ook zichzelf kennen en op kamers wonen. Doeko neemt een koffie mee naar zijn werkplek. Vandaag zal hij horen hoe de gemeenteraad reageerde op zijn keiharde ultimatum. Som mi ge meisjes zingen een liedje, anderen houden het bij wat geneurie, Jan-Willem zit in zijn hoekje onder de trap.

'Ik ben niet vanzelf oud geworden', zegt hij, terwijl hij naar zijn handen kijkt. Jan-Willem is 35, en al veertien jaar lid. Hij is een vriendelijke, intelligente vent met een kinbaardje. Zo'n jongen waarvan het schoolsysteem zegt dat hij er niet geschikt voor is. Hij ging van atheneum naar mavo, van laboratoriumschool naar een kabelkrant, en sinds kort werkt hij als 'secretaresse' voor de christelijke vakbond. Toen enkele jaren geleden zijn vader overleed, een jaar later zijn moeder ziek werd en de werkdruk bij het cnv onverminderd hoog bleef, kreeg hij het moeilijk. Zijn rechterhand maakt de beweging van een neerstortend vliegtuig. 'Het lukte niet meer', zegt hij zacht.

Dinsdags beheert hij de persadressenlijst, een klusje waarvan de waarde duidelijk wordt wanneer er persberichten moeten worden rondgestuurd. 'Trouwens', zegt hij, 'ik zie zelf wel wat er gedaan moet worden.' Zo heeft hij een paar weken geleden een Loesje-tekst over het homohuwelijk naar de sgp gestuurd. Hij kreeg een mooie, inhoudelijke brief terug. 'Ik was het nog steeds niet met ze eens', zegt hij, 'maar ze hebben er tenminste weer eens over nagedacht.'

Waar hij ook kijkt, op straat, de televisie of in de krant, nooit is hij het met iemand eens. Als je mensen tot nadenken beweegt, loop je het risico dat ze alsnog de andere kant uitlopen, maar dat risico neemt hij. 'In mijn ideale samenleving geven mensen elkaar de ruimte. Iedereen levert een positieve bijdrage op zijn eigen niveau. Ik ken mijn plek. Op de achtergrond. Ik wil niet de wereld leiden, maar een schakeltje zijn, dat is mooi.'

Anarchistische school

Het is al bijna thuis, zo te eten aan de grote tafel. Voor ieders neus ligt een bord, een beker en een mes. Er is kaas, boter, hagelslag, er zijn tomaten, maar, vraagt Lotte zich af een jonge stagiaire van de studie Cultu reel Maatschappelijk Werk 'hoe zit het eigenlijk met de eiersalade?' De blikken richtten zich op Marcel, die voldaan zijn boter ham besmeert. 'Het houdt niet over', zegt hij, en werpt het bakje naar de stagiaire. 'Nee', zegt Jan-Willem, 'zeker niet als je ermee gooit.' Marcel knipoogt naar opzij: 'Com pacte massa, hè.'

Lotte is 22 en verzorgt workshops, schrijf middagen voor fnv-jongeren, scholen of wie er dan ook maar om komt vragen; meestal overigens om een bewustwordingsproces op gang te helpen. Lotte vindt al vanaf ze zich kan herinneren dat meer mensen van welvaart en natuur moeten kunnen genieten. Daarom demonstreert ze zich een slag in de rondte en neemt ze vaak deel aan sleep-ins en sit-ins voor goedkope woningen of het openbaar vervoer. Ze plakt, ronselt en verzamelt handtekeningen. 'Als je dat niet doet', zegt ze, 'praten ze in de gemeenteraad alleen maar over Vitesse'.

Naast haar bijt Hanneke in een appel. Ze komt uit een politiek bewust nest. Oma voerde al actie voor een vrouwelijke burgemeester in Markelo. Omdat haar overgrootvader zich met vakbondsactiviteiten onledig hield, werd hij daags voor zijn 25-jarig jubileum ontslagen bij een melkfabriek het verhaal van het gemiste gouden horloge gaat nog steeds door de familie. Ze bewoont met honderd gelijkgestemden een oud klooster in een dorpje bij Nijmegen. Ze doen er alles samen: het bos beheren, het gebouw onderhouden en een vegetarisch café bestieren.

Tot afgelopen zomer gaf ze geschiedenisles aan de laatste anarchistische school van Nederland, Eigenwijs in Nijmegen. Toen ze daar de boel gingen reorganiseren en ze meer uren moest gaan draaien, heeft ze haar baan eraan gegeven. Hanneke is boos op Balken en de. Vooral op zijn botte bezuinigingen. Ze zal zich de komende tijd op allerlei manieren, zowel openbaar als geheim, tegen het krankzinnige kabinetsbeleid verzetten. 'Er is genoeg voor iedereen', zegt ze, terwijl ze het roggebrood doorgeeft.

Crisisopvang

Vrijwilligers werpen zich op om de tafel af te ruimen, meeschrijvers komen binnen. Zo als Jos, een gescheiden vijftiger met een oorbel, werkzaam in de crisisopvang, die niet volgens een bepaald patroon zegt te leven, maar zijn huis en tuin in Ede evengoed netjes bijhoudt. Het gehandicapte meisje met het donkere piekhaar komt vers uit de bus uit Druten. In afwachting van een echte baan komt ze graag bij Loesje schrijven. Ze zal weinig zeggen en zelden iemand rechtstreeks aankijken, maar soms, als ze iets leest of schrijft, klaart haar gezicht even op en zie je waarom ze voor Loesje heeft gekozen om de dinsdag door te komen.

Iedereen schrijft mee, alleen Doeko is geëxcuseerd. Hem is ter ore gekomen dat de gemeenteraad nogal slapjes heeft gereageerd op het harde ultimatum. De raad overweegt een status aparte voor Loesje en wil nog allerlei juridische kwesties laten uitzoeken. Op de zolder begint het brainstormen, in een kamertje op de eerste verdieping zoekt Doeko contact met de journalistenvakbond nvj voor steun aan een kort geding.

Gegniffel

'Het gaat slecht met de middenstand', zegt iemand. 'Mooi zo', brainstormt een ander. 'Moeten we niet weer eens over het buitenland schrijven? Burundi?' 'Mijn broer zit in Maleisië.' 'Dorpjes misschien? Iemand voor dorpjes? Er schijnt iets mis te zijn met de rotondes in Huissen.' 'En de geloofwaardigheid van Balkenende.' Lotte huivert. 'Sinds ik weet dat hij met zijn vrouw naar ER kijkt, kan ik het niet meer zien.'

Niet iedereen kan schrijven, maar de negen aandachtspunten van wat Loesje creative textwriting is gaan heten, zijn iedere nieuwkomer tot steun. Draai de boel om, is een techniek: 'Gelooft God nog steeds in ons?' Vergelijken en associëren wordt aanbevolen, evenals de overdrijving, de suggestie en de contradictie. Het veranderen van gezegden wil ook weleens tot een typische Loesje-tekst leiden: 'Beter tien vluchtelingen in je land dan één op de vlucht.' Verder mag je vragen stellen en zijn ook de meer poëtische uitingen welkom.

Het gaat lekker vanmiddag. Het 'rondschrijven' levert meteen al iets op. Onder het kopje 'rookvrije werkplek' schreef iemand: 'liever een werkvrije rookplek', en onder 'de geloofwaardigheid van Balkenende': 'Hij praat zijn mond sneller voorbij dan zijn eigen schaduw', en: 'Hij is de enige Neder lan der die nog geen grapjes over zichzelf heeft gemaakt.'

Als de blaadjes zijn rondgeschreven, is het ruim twee uur later en komen er kleurstiften uit de oranje afwasteil met 'schrijfgerei'. Iedereen mag zijn favoriete teksten omcirkelen. Het gaat gepaard met gegniffel en gefluister, totdat de blaadjes opnieuw zijn rondgegaan en Lotte en Hanneke enkele teksten hardop voorlezen. Daarna is iedereen moegeschreven en wil men graag naar huis. Ook Loesje-leden hebben een sociaal leven met vriendjes en vriendinnetjes, die ze in de kroeg hebben leren kennen of gewoon op een Loesje-zomerkamp.

Behangplaksel

Het loopt tegen de avond, overal in het land komen Loesje-leden uit hun kamertjes en gaan de straat op, met posters, kwasten en een frisdrankfles behangplaksel. Dat gebeurt in Arn hem, maar ook in Groningen, waar Ti mo de laatste hand legt aan een studie Toegepas te Wis kun de. Of hij daarmee de arbeidsmarkt op wil of toch het cabaret in gaat, zal later blijken. Met zijn programma over een dolgedraaide demonstrant won hij al het studentencabaretfestival van Zwolle en stond hij in de finale van de Gro nin ger variant.

Timo is een lange, magere jongen met een cynisch vonkje in zijn ogen. Het heeft ook wel iets: illegaal bezig zijn voor het goede doel. In het centrum, vlak voor de

A-kerk, staat een zuil waar iedereen op mag plakken. Daarvan moet elke gemeente er eentje hebben op elke vijfduizend inwoners om te voorkomen dat agenten vergeefs bekeuren omdat rechters dan zullen beslissen dat de Loesje-plakkers werden gedwongen om de wet te overtreden. Loesje-leden zijn ideële plakkers en omdat ze zich meestal monter beroepen op het recht van vrije meningsuiting, heeft nog maar zelden iemand zijn boete daadwerkelijk hoeven te betalen.

'Zo', zegt Timo, als over de commerciële posters op de zuil, een fraaie Loesje-tekst hangt: 'Nieuwe inzamelingsactie: burka's voor Vanessa'. Dan gaat het verder, via de Brugstraat de gracht op. Iemand heeft een hakenkruis op een blinde muur gespoten. Ti mo blijft even staan en kantelt zijn gezicht. 'Hm', zegt hij, 'toch maar niet overheen plakken. Het blijft een woning en bovendien is het helemaal geen mooi hakenkruis.'

Normaal maken Timo en zijn vrienden er een lange wandeling van. Onderweg hebben ze alle tijd om bij te kletsen. Nu loopt hij de brug over, de Noorderhaven op, waar de gracht zich verbreedt en de wind over de binnenvaartschepen jaagt. Het is koud, regenachtig Martin Bril-weer, de schouders trekken op en de kwast gaat in de tas terug. Het is niet duidelijk hoeveel posters er morgenvroeg nog zullen hangen. 'Maar voorlopig is Groningen zes teksten rijker', zegt Ti mo, voordat hij snel een hoek omslaat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden