De taaie mores van Beursplein 5

Vier voormalige beurscoryfeeën komen vandaag voor de rechter in de grote Clickfonds-fraudezaak. Met hun aanhouding eind 1997 probeerde justitie greep te krijgen op de beurshandel....

De vier Clickfonds-verdachten die vanaf vandaag terecht staan, waren ereleden van de oude club van beurshandelaren. Justitie vervolgt hen omdat zij 'de integriteit van de financiële sector' zouden hebben geschonden door wetten en regels met voeten te treden. Het leed van de vier steekt dieper dan hun vernederende aanhouding drie jaar geleden.

Zij voelen zich namelijk niet begrepen, en dat komt hard aan bij ego's van hun formaat. Naar hun diepste overtuiging hebben zij zich juist wel aan de regels gehouden. De ongeschreven regels van een bijzondere vrijplaats: de Amsterdamse effectenbeurs, waar de makers en handhavers van geschreven wetten maar geen vat op lijken te krijgen.

'In Amsterdam kon altijd veel meer dan op de beurzen elders in Europa', vertelt een oud-bankier. 'Dat past in onze liberale traditie.' Amsterdamse beurshandelaren opereerden met het lef en de intuïtie van de marktkoopman.

Want Beursplein 5 wás als de Albert Cuyp. De handelaren stonden dicht bij elkaar op de beursvloer, ieder in hun eigen nis. Roepend en schreeuwend kwamen zij tot zaken, intussen elkaars bewegingen nauwlettend in de gaten houdend. Een blik of handbeweging die een buitenstaander niet eens zou hebben opgemerkt, kon duizenden guldens waard zijn.

De Amsterdamse handelaren waren trots op hun vakmanschap, trots op hun toewijding. 'Wij deden alles voor de klant', herinnert zich een voormalige beurscoryfee. Die opmerking heeft een dubbele bodem. Inderdaad renden zij zich voor hun klanten het vuur uit de sloffen. Maar dat deden zij ook omdat er voor henzelf zoveel aan de strijkstok bleef hangen.

De beurshandelaar die een grote order verwachtte, sloeg privé alvast wat stukken in, zolang de koers nog laag stond. Of hij maakte aan het einde van de beursdag zo zijn eigen balans op: verliesgevende transacties waren voor de klant, de lucratieve voor hemzelf. Dat werd geaccepteerd zolang je het niet te bont maakte, en anderen ook hun voordeeltjes gunde.

Op Beursplein 5 gold ook het ethos van de Albert Cuyp: een man een man, een woord een woord. Ruzie met een rivaal beslechtte je zelf, of je deed eenvoudigweg nooit meer zaken met hem. 'Klikken was uit den boze', vertelt een handelaar.

'Beneden' op de beursvloer was er in de jaren tachtig maar één de baas: Piet van Outersterp. De commissaris van de notering had er zijn hele leven gewerkt, en hij heerste daar als een verlicht despoot. Nieuwkomers liet hij ondervragen door zijn vrouw en dochter. Waren zij akkoord - 'Goeie vent, Piet' -, dan was hij het ook. 'De wet van Van Outersterp', aldus een ingewijde uit die tijd, 'telde twee artikelen. Artikel één luidde: Piet heeft altijd gelijk. Artikel twee: als Piet geen gelijk heeft, treedt artikel één in werking.'

'Boven' op de eerste verdieping zaten beursvoorzitter Boudewijn baron van Ittersum en zijn medewerkers van de Vereniging voor de Effectenhandel, de toenmalige beheerder van de beurs. Op de vloer hadden die niets te zoeken, vond Piet. 'Als de baron hier durft te komen', zei hij vaak, 'hak ik zijn kop eraf.' Piet, zo heette het, 'had in vier hoeken gepist'.

De geur behield zijn afschrikkende werking tot ver in de jaren tachtig. In 1986 knalde de Big Bang, de radicale hervorming van de Londense effectenbeurs. Vrije kapitaalstromen overspoelden de Albert Cuyp aan Beursplein 5. Pensioen- en beleggingsfondsen ontdekten de aandelenmarkt. Beurshandelaren vochten om de enorme orders van deze nieuwkomers in de wereld van het grote geld.

Bij dat gevecht hoorden diners, drank en vrouwen. De dunne grens tussen verwennen en omkopen werd vaak overschreden. 'Dat wist iedereen', stelt een crisismanager. 'Ook de top van banken en de beurs. Velen speelden mee, en de rest liet het gebeuren.'

Ergens in die periode ging de voormalige beurscoryfee een avond uit met een grote belegger en wat collega's, bij elkaar een man of vijf. De volgende dag declareerde hij bij zijn baas de rekening voor het gelag: zo'n twaalfduizend gulden. 'Hebben jullie gewipt?', wilde de baas weten. Nee, er was niet gewipt die avond. 'Ja, hoor eens', zei de baas verontwaardigd, 'dan betaal ik hem niet.'

Twaalf mille stukslaan was pas een verspilling als de avond niet in een sexclub was geëindigd: de mores van de herenclub plooiden zich wonderwel naar de explosieve groei van de beurshandel.

Dat gold niet voor de structuur van de beurs. Amsterdam reageerde met een plofje op de Londense knal. Er kwam een Modelcode tegen handel met voorkennis, maar die werd nauwelijks nageleefd. Er kwam een eigen Controlebureau, maar geen extern toezicht.

Een schemertijd brak aan. Op de vloer werd het stiller en leger, omdat een eerste slag in automatisering de handel op afstand mogelijk maakte, vanuit een dealing room in Zuidoost. Maar daardoor verzwakte ook de sociale controle à la Van Outersterp.

De medewerkers van het Controlebureau ontdekten heel wat dubieuze praktijken. 'Per-transacties' bijvoorbeeld: effectendeals die waren geboekt 'per' een dag eerder, omdat de koers toen gunstiger was. Een vervalsing? Welnee: een gunst voor de klant. En vaak ook voor de handelaar.

Maar de nieuwe controleurs werden nauwelijks serieus genomen. Stuitten zij op een sjoemelende beurshandelaar, dan was een gesprek met diens baas vaak hun enige sanctie-mogelijkheid. Hopelijk werd de boosdoener daarna ontslagen - om vervolgens bij een beursbedrijf twee deuren verder weer op te duiken. 'Wij werden gezien als mensen die niets van de beurshandel begrepen', vertelt een oud-controleur.

Er was een tweede oerknal nodig om de heren uit hun nissen te krijgen. Die kwam in 1993 met het faillissement van de commissionair Nusse Brink, dat nauwe banden met criminele klanten blootlegde. Drugsgeld op Beursplein 5: dat was nieuw. De affaire legde de eerste steen voor het onafhankelijk beurstoezicht door de Stichting Toezicht Effectenverkeer.

In datzelfde jaar werd de handel volledig geautomatiseerd. 'Geen beurs ter wereld had zo'n goed systeem', verzekert een oud-bankier. Maar wederom ging een vernieuwing op de beurs hand in hand met een nieuwe sluiproute. De automatiseringsslag reguleerde vooral de handel in de grootste vijfentwintig fondsen.

Sommige van de mannen die nu terechtstaan in Clickfonds, speelden daar handig op in. Zij legden zich toe op de kleinere beursfondsen. Met slimme trucs brachten zij leven in een slaperige handel - tot voordeel van de betrokken bedrijven, én van zichzelf.

Het werd hun zwanenzang. In 1997 ontwaarde de Amsterdamse officier van justitie Henk de Graaff in de gewiekste praktijken op Beursplein 5 een jungle vol strafbare feiten. Hij baseerde Operatie Clickfonds, de grootste financiële fraude-zaak uit de Nederlandse geschiedenis, deels op oude affaires die het Controlebureau van de beurs zelf al had onderzocht. 'Vermoedens bestonden al jaren', stelt een oud-bankier. 'Maar bewijzen, die waren moeilijk te vinden.'

De balans na ruim drie jaar strafrechtelijk onderzoek is tweeledig. Clickfonds heeft de beurs onherkenbaar veranderd. Verdere automatisering, extern toezicht en interne regels bij banken en beursbedrijven hebben de controle en transparantie sterk verbeterd.

Maar de beursfraude die De Graaff wilde aantonen, is vrijwel geheel uit de talloze aanklachten verdwenen. Ook de speurneuzen van justitie hebben de taal van de vloer niet kunnen ontcijferen. Wat resteert zijn andere vergrijpen, zoals belastingontduiking.

Volgens hen is er niets wezenlijks veranderd. 'Wij doen nog steeds alles voor de klant', zegt de oud-beurscoryfee. 'De handelaar blijft proberen om het systeem te verneuken', gelooft ook de oud-bankier.

De vloer is verdwenen, maar de mores leven voort.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden