Toerisme in Nederland

De strijd om de toerist wordt steeds meer buiten de Nederlandse steden gevoerd (en dat moet ook wel)

Het groeiend aantal buitenlandse toeristen zorgt voor extra concurrentie onder ondernemers. De strijd om de bezoeker wordt steeds meer buiten de steden gevoerd. Dat moet ook wel: bekende trekpleisters lopen tegen de capaciteitsgrenzen.

Een Japanse toerist geeft per dag gemiddeld meer uit dan een Duitse in vier dagen. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

De Nederlandse aantrekkingskracht op buitenlandse toeristen is de afgelopen jaren sterk gegroeid. Niet alleen kwamen er meer bezoekers deze kant op, ze gaven samen ook meer uit. Waar het voorheen veelal Duitsers of Britten waren die de kustgebieden en Amsterdam bezochten, komen er tegenwoordig steeds meer intercontinentale gasten naar Nederland. Vooral de komst van Aziatische bezoekers zien toeristische ondernemers maar al te graag: ze zijn royaler in hun uitgaven dan Europese toeristen. Ter illustratie: een Japanner geeft op één dag gemiddeld meer uit dan een Duitser in vier dagen.

Ook buiten de bekende toeristische trekpleisters om proberen ondernemers de Aziatische toeristen te verleiden tot een bezoek. Langzaamaan lukt dat: chauffeurs van touringcars vol Chinese toeristen navigeerden vroeger op de automatische piloot richting de Zaanse Schans of Giethoorn, nu komen ze op steeds verrassender plekken uit. Vorig jaar groeide het toeristenaantal buiten de grote steden twee keer zo hard als het aantal toeristen in de grote steden.

Het vergt aanpassingsvermogen van de kleine ondernemers, zoals in het Drentse kasteel Coevorden. Liggend tegen de Duitse grens aan trekt het kasteel logischerwijs veel toeristen uit het buurland, maar sinds een aantal maanden verbreedt het de culturele horizon en mikt het kasteel op een diverser publiek. Chinese bezoekers kunnen sinds een aantal weken betalen met hun eigen betaalmiddel Alipay en er liggen plannen op de tekentafel om de website naar het Chinees te vertalen.

De afgelopen tien jaar steeg het aantal buitenlandse toeristen in Nederland van bijna tien miljoen naar zo’n negentien miljoen per jaar. In 2018 spendeerden zij samen bijna 14 miljard euro. De Aziatische instroom is toegenomen, maar Duitse, Britse en Belgische toeristen vormen nog altijd de grootste groep. Hun uitgavenpatroon verdubbelde in die periode en dat zorgt voor botsingen op de markt, waar de toerismesector extra concurrentie krijgt.

In de felle strijd om de toerist raken ­accommodaties, pretparken, campings en festivals steeds meer met elkaar verweven. Het gevolg: ondernemers proberen elkaars territorium ‘op te eten’, constateert Sonny Duijn, sectorexpert van ABN Amro. ‘Festivals en attractieparken bieden hun publiek steeds vaker overnachtingsopties, zoals het Efteling Hotel’, zegt Duijn. ‘Campings gaan richting luxe, het zogenaamde ‘glamping’, met opties zoals volledig ingerichte boomhutten.’

De econoom ziet veranderingen op verschillende gebieden. ‘Vakantieparken bieden steeds meer service en schuiven op richting hotels. Zo komt iedereen steeds dichter bij elkaar te zitten rond­om het populaire midden.’ Ook de gewone burger doet via platforms als Airbnb mee met dit gevecht. In 2017 werden meer dan twee miljoen overnachtingen geboekt via die website, en dat aantal blijft hard stijgen.

Toeristische ondernemers richten zich de laatste jaren meer op de individuele reiziger. De afgeladen touringcars zullen langzaam maar zeker minder worden, verwachten economen. Ook Aziatische toeristen gaan steeds vaker alleen op stap, bij voorkeur met openbaar vervoer. In 2018 kwam 44 procent van de Chinese bezoekers in groepsverband, terwijl 42 procent zelfstandig door Nederland reisde. De individualistische reistrend zal de komende jaren toenemen, verwacht Jeroen Klijs, toerisme-­onderzoeker aan de Bredase hogeschool.

Maar hoewel toeristen minder in groepsverband naar Nederland komen, zal het aantal de komende jaren niet afnemen. De bijdrage aan de economie is dan ook fors. Van alle banen in Nederland wordt 8 procent ingevuld dankzij toerisme, zegt Klijs. ‘Dat percentage zegt iets over het aantal directe banen, maar met de indirecte werkgelegenheid erbij opgeteld is de economische impact nog veel groter’, aldus Klijs. ‘De bakker die het brood aanlevert op de camping, wordt niet meegenomen. Veel sectoren profiteren indirect van toerisme.’

In heel Nederland is het toerisme goed voor meer dan 455 duizend (directe) voltijdbanen, waarvan bijna de helft in de horecasector. Ook luchtvaartorganisaties, reisbureaus en de cultuursector profiteren van de inkomsten uit toerisme. Zo bestaat eenderde van het museumpubliek uit buitenlandse bezoekers. ‘Toerisme is een aanzienlijke pijler onder onze economie’, zegt Klijs.

Overlast

Het toerisme leidt tot welvaart, maar tegelijkertijd tot ergernis, omdat bekende plekken tegen de capaciteitsgrenzen lopen. Oorspronkelijke bewoners storen zich aan de overlast en klagen dat de ­authenticiteit van hun woonplaats verloren gaat, zoals in Giethoorn of Amsterdam, waar je in veel horecagelegenheden alleen nog in het Engels kunt bestellen.

De hoofdstad trekt nog altijd de meeste toeristen. Ondanks de afgekondigde ‘hotelstop’ groeit het aantal hotelkamers gewoon door. Zo komen er ook in 2019 weer tweeduizend nieuwe kamers bij. ‘Het publieke debat begint te kantelen. Toerisme kan ook te veel worden’, zeg Klijs. ‘Zonder spreiding is negentien miljoen eigenlijk al te veel voor Nederland. We moeten serieus gaan nadenken hoe we de huidige groei gaan organiseren.’

Om plekken als Amsterdam te ontlasten, heeft het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen een zogeheten spreidingsstrategie ontwikkeld. Het doel: toeristische bezoekers richting de ‘Bevrijdingsroute’ door de zuidelijke en oostelijke provincies, of naar de ‘Waterlandroute’ in Friesland en Flevoland leiden. Volgens Klijs kunnen dergelijke plannen vooral succes hebben bij loyale toeristen. ‘De eerste keer wil een bezoeker gewoon naar Amsterdam, Giethoorn en Kinderdijk. Met toeristen die terugkomen voor de tweede of derde keer, bijvoorbeeld uit onze buurlanden, zou zo’n strategie wel kunnen slagen.’

Stijgende bezoekersaantallen van minder bekende attracties in de provincie bewijzen dat ze kunnen uitgroeien tot toeristische uitvalsbasis. Daarvoor is soms niet meer nodig dan boerenverstand, gastvrijheid en handelsgeest. Des te hoger het inkomend toerisme, des te harder horeca, attracties en evenementensectoren strijden om aandacht. Zeker om die van de vrijgevige bezoeker uit Azië.

Ga eens ergens anders heen

Rijen voor het Rijksmuseum, wachten bij Artis en dringen in de Keukenhof. Op toeristische plekken is het vaak vervelend druk. Daarom: alternatieve reistips voor het ideale dagje uit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden