De stille tsunami van de honger

Voor lege magen rammelt de westerse collectebus niet. Maar het leed is er wel...

‘Een stille tsunami’, noemt de Verenigde Naties de voedselcrisis die de wereld sinds enkele maanden teistert. Stil, want de 2 miljard mensen voor wie een dagelijks avondmaal niet langer vanzelfsprekend is, hebben geen duidelijke stem. Misschien omdat ze over de wereld uitgezwermd zijn: de voedselcrisis spaart, behalve Europa en de Verenigde Staten, geen enkel continent. Misschien omdat hun hongerige magen nauwelijks dramatische beelden opleveren: geen hoge vloedgolven die over de kuststreken in Thailand, Indonesië en Sri Lanka rollen, geen overlevenden die tevergeefs naar hun familieleden zoeken. En zonder zulke beelden geen grote tv-acties, geen hulporganisaties die noodteams optrommelen, geen westerse regeringen die gul extra geld overmaken.

De voedselcrisis moet het doen met kille bedragen, beschuldigingen en belangen. De bedragen: de prijzen voor rijst, die met 74 procent zijn gestegen tussen maart 2007 en maart 2008, die van soja in de zelfde periode met 87 procent, en die van tarwe met 130 procent. Voor naar schatting 100 miljoen wereldburgers is het voedsel zo duur geworden, dat zij terugvallen in de diepe armoede die ze net waren ontstegen.

De beschuldigingen: Europa en de Verenigde Staten hebben het gedaan. Ze stimuleren hun burgers etenswaren in de brandstoftank van de auto te stoppen, en transformeren hun eigen milieuoccupaties zo in een hongerprobleem voor de armen. Of misschien zijn het speculanten die met hun miljardenbeleggingen in landbouwgrondstoffen de prijzen wereldwijd opdrijven.

En de belangen: banken die alle aandacht voor de dure grondstoffen als een mooie aanleiding zien om klanten te winnen voor nieuwe beleggingsproducten (‘rijstturbo’, ‘landbouwindexfonds’).

Maar velen van de 2 miljard wereldburgers die dagelijks door de voedselcrisis worden getroffen, hebben nog nooit van die bedragen, beschuldigingen en belangen gehoord. Voor hen betekent de crisis dat ze stad en land afstruinen om rijst, bonen of meel iets goedkoper in te kopen; dat ze hun traditionele eetpatronen moeten aanpassen; of dat ze hun kinderen minder voorschotelen dan verantwoord is.

Vier correspondenten geven de stille tsunami van de voedselcrisis een stem. Die spreekt de ene keer van het klein leed van Maria Ibarra uit Argentinië, die veel meer aardappelen eet dan voorheen; dan weer van het grote drama van Ida uit Jakarta, die haar zeven kinderen kale rijst met ketjap serveert.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden