De magische grens van 1 procent

De rente op de 10-jarige staatsleningen nadert de onwaarschijnlijk lage grens van 1 procent. Dat klinkt wellicht ver van uw bed, maar is het niet. Hoort u bij de gelukkigen van zo'n lage rente of bij de gedupeerden?

Peter de Waard
null Beeld anp
Beeld anp

Het gebeurde eerder al in Japan, maar dat was nog een ver-van-mijn-bedshow. In Europa achtte iedereen een rente op 10-jarige staatsleningen van minder dan 1 procent tot voor kort volstrekt onmogelijk. Er is tot en met de hunebedbouwers geen historisch precedent wat daar ook maar enigszins bij in de buurt komt. En de daling van de rente gaat in wat het 'nieuwe normaal' wordt genoemd, gewoon door.

Vooral de staat kan de vlag uitsteken. Bij een totale overheidsschuld van 456 miljard euro, waarvan 350 miljard voor rekening is van de centrale overheid, levert dat enorme voordelen op. Vorig jaar werd over die recordschuld slechts 9,5 miljard rente betaald - gemiddeld 2,6 procent. Dat zal dit jaar nog een stuk lager uitkomen. De gemiddelde rente op nieuw uit te geven leningen - zowel kortlopende als langlopende - is al onder de 0,75 procent gekomen. Niemand moet eraan denken hoe desolaat het met de overheidsfinanciën zal zijn gesteld als de rente op 10-jarige leningen weer zou stijgen naar bijna 13 procent zoals in het begin van de jaren tachtig.

Gelukkigen

Beleggers
Beleggers in obligaties en aandelen wrijven zich in de handen. Als gevolg van de rentedaling worden obligaties uit het verleden met een hogere couponrente aantrekkelijker. Daarop wordt fikse koerswinst gemaakt. De lage rente helpt ook de aandelenmarkt. Beleggers, die ontevreden zijn met de lage rente op spaargeld, wijken bij gebrek aan alternatief uit naar de aandelenbeurs, waardoor de koersen blijven stijgen. Hoewel de stand van de economie de huidige hoge aandelenkoersen niet rechtvaardigt, stroomt er nog altijd per saldo geld naar de aandelenmarkt. Aan deze ontwikkeling zit een gevaar. Indien het tij keert en de rente weer begint te stijgen, zal de beurs als de spreekwoordelijke zeepbel in elkaar kunnen storten met alle gevolgen van dien.

Huizenkopers
Iedere dag dat gewacht wordt met het kopen van een huis, is er tot nu rentevoordeel te behalen geweest. De variabele hypotheekrente is gedaald tot 2,05 procent (Argenta) en het moment lijkt niet ver meer weg dat daar de historische grens van 2 procent wordt geslecht. Het is evenmin moeilijk om een hypotheek met een rentevaste periode van 5 jaar te vinden met een rente onder de 3 procent. Deze dalende rente is aan de andere kant ook weer de oorzaak dat huizen duurder worden. Huizenkopers zijn zo druk bezig gebruik te maken van de lage hypotheekrente dat ze vergeten dat die deels in hogere huizenprijzen is verdisconteerd.

null Beeld anp
Beeld anp

Particuliere schuldenaren
Niet alleen voor het kopen van een huis, maar ook voor andere vormen van krediet daalt de rente. De rente voor een persoonlijke lening, waarbij de bank geen onderpand heeft, is 6,5 procent. Nu moet er ook rekening worden gehouden met het feit dat er nauwelijks inflatie is. Als de rente 6,5 procent is en de inflatie 3 procent, is de reële rente maar 3,5 procent. Op dit moment is de inflatie in Nederland 0,9 procent. Dit betekent dat de reële rente voor een persoonlijke lening nog altijd 5,6 procent is.

undefined

De staat
Minister Dijsselbloem van Financiën verklaarde woensdag dat de opbrengst van de vorderingen op de IJslandse spaarbank Icesave zal worden gebruikt voor het aflossen van de staatsschuld, omdat die 'nog veel te hoog is'. Dat klopt. Maar het is nog nooit zo goedkoop om diezelfde staatsschuld te financieren. Op sommige kortlopende leningen krijgt de Nederlandse staat op dit moment geld toe. De effectieve rente op de Nederlandse staatsschuld is gedaald tot 1,04 procent.

Minister Dijsselbloem. Beeld anp
Minister Dijsselbloem.Beeld anp

Bedrijven
Bedrijven kunnen goedkoper krediet krijgen voor investeringen. Dat is ook de reden dat de centrale banken de rente proberen omlaag te krijgen. Als bedrijven hun investeringen sneller kunnen terugverdienen, dan zouden ze ook eerder geneigd zijn te investeren en daarmee banen te scheppen. Alleen helpt het op dit moment niet. Veel bedrijven aarzelen met investeringen omdat zij te weinig groeiperspectief zien. Zij houden hun geld daarom op zak. Ondernemingen die meer kasgeld op de bank hebben staan dan dat ze schulden hebben uitstaan, zijn door de lage rente eigenlijk slechter af.

Gedupeerden

Spaarders
De klaagzang van de spaarders - vooral babyboomers - klinkt op elk feestje. Sparen kost al enige tijd meer dan dat het oplevert. En dat lijkt steeds erger te worden. Op geen enkele spaarrekening is nog een rente boven de 2 procent te krijgen. Bij de vrij opneembare spaarrekeningen is die van onlinebank Knab met 1,75 procent rente het lucratiefst. Een jaardeposito levert het meest op bij Leaseplan Bank: 1,95 procent. Wie 3 procent rente wil, zal zijn geld minimaal voor 5 tot 10 jaar moeten wegzetten. Als alleen rekening wordt gehouden met de inflatie van 0,9 procent zijn spaarders nog net geen dief van de eigen portemonnee. Maar dat wordt ineens heel anders als over het spaargeld ook nog belasting moet worden betaald. Hierbij gaat de fiscus ervan uit dat op spaargeld een rendement van 4 procent wordt behaald - iets van een ver verleden. Wie meer spaargeld heeft dan 21 duizend euro betaalt nog eens 1,2 procent belasting over het spaargeld. Dan schiet men er duidelijk bij in.

undefined

Banken
Banken die geld wegzetten bij de Europese Centrale Bank (ECB) moeten daar tegenwoordig geld op toe betalen. Toch doet de rentestand voor banken niet zoveel ter zake. Het gaat banken vooral om de rentemarge - het verschil tussen de rente waartegen het geld wordt aangetrokken en die waarvoor het wordt uitgezet. De banken wordt nogal eens verweten dat ze een lagere rente niet snel doorgeven aan de schuldenaren (hypotheekgevers) en wel aan de schuldeisers (spaarders) waardoor ze de inkomsten stiekem vergroten. Niemand twijfelt eraan dat ze dit ook doen. Aan de andere kant waarschuwde De Nederlandsche Bank in het verleden dat banken bij een lage rente geneigd zouden kunnen zijn meer risicovolle kredieten te verstrekken, hetgeen zou kunnen leiden tot verslechtering van de kredietportefeuilles.

Pensioenfondsen
De pensioenfondsen moeten het verplicht opgepotte geld van de werknemers beheren. De dalende rente heeft ze de afgelopen jaren al flink in de problemen gebracht. Het lagere rendement komt boven op het probleem van de vergrijzing (waar wel rekening mee was gehouden) en de snelle stijging van de levensverwachting (iets wat niet zo algemeen was voorzien). In hun berekeningen van hun toekomstige verplichtingen moeten de pensioenfondsen rekening houden met de actuele rente. Als die daalt dreigen ze onder de dekkingsgraad te geraken en moeten ze korten op de pensioenuitkeringen. Schrale troost is dat hun beleggingen in obligaties en aandelen het de laatste maanden goed doen. Maar dat weegt niet op tegen de nadelen van de extreem lage rentestand op.

undefined

Woningcorporaties
Ook woningcorporaties hebben geld in kas om toekomstige plannen te realiseren. Maar ze hebben vaak ook fikse schulden. Hun probleem is vooral dat zij zich in het verleden via derivaten hebben ingedekt tegen stijgende rentes waarop toen was gerekend. Deze derivaten worden door de daling van de rente steeds kostbaarder. Daarnaast hebben nogal wat woningcorporaties leningen afgesloten met renteconstructies die nu de lasten beperkt houden maar in de toekomst zeer hoge lasten kunnen veroorzaken als de rente laag blijft, zogenoemde extendible loans. Volgens sommige experts vormen ze een tijdbom onder het huidige stelsel. Eerder ging Vestia failliet omdat was gespeculeerd op een stijging van de rente, terwijl die juist verder daalde. Ook veel zorginstellingen zoals ziekenhuizen hebben deze leningen afgesloten.

null Beeld anp
Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden