De magie van de schoen, de gel en het ei

Asics rukt op als sportmerk...

KOBE Het zal niet zo bedoeld zijn, maar het ziet eruit als een bunker. Het gebouw van de technisch hoogwaardige ontwikkelingsafdeling van sportfabrikant Asics in Kobe is afgrijselijk grijs en binnen, waar het zoeken is naar de lichtknop, is het nog grijzer. Het is de filosofie van dit Japanse bedrijf, een wereldleider in sportschoenen: overdrijf niet, smijt niet met geld en concentreer je op je werk.

Jacques Valentin, de Nederlander die Europese zaken voor Asics behartigt, zegt bij de rondleiding door het Research Institute of Sports Science gewend te zijn aan dat ‘gewone’ en ‘grijze’ van zijn werkgever. ‘Als ik hier naartoe kom, vlieg ik economy class. Elf uur vliegen, business class? Daar doen ze niet aan bij Asics.’

Bij de ‘bunker’ in Kobe is een rode atletiekbaan aangelegd. Hij telt slechts drie banen – dit is niet voor een wedstrijd, zo luidt de boodschap – en hij leidt de twee benen van de rennende mens zo het lab in. Vanuit dat laboratorium gaat sinds kort een Discovery-filmpje de wereld over met het geheim van de Asics-sportschoenen: het hart van gel.

Onze Japanse gids en zijn Zweedse assistente – voor de attente vertaling – laten de Amerikaanse dvd draaien. In het lab wordt van zes meter hoogte een ei naar beneden gegooid, op een plak gel. Het ei breekt niet, de gel veert in, zo laat de vertraagde opname zien, en trekt dan weer strak.

Voor de wantrouwenden onder ons: ex-marathonloper Jacques Valentin (p.r. 2.13.45) ging, toen hij nog voor Asics Benelux werkte, vaak het land in om bij atletiekclubs voorlichtingsavonden te houden over de kwaliteiten van zijn schoenenmerk.

Valentin: ‘Ik heb de truc met het ei talloze keren gedaan. Ik ging in zo’n volle kantine dan op een stoel staan en liet het ei op een stuk gel, het topmateriaal van onze loopschoenen, vallen. Op honderd keer ging het één keer mis.’

De gel in de Japanse loopschoen bestaat sinds 1986. Waar ’s wereld nummer één, Nike, aan ‘air’ doet en Europees topmerk Adidas lang op ‘torsion’ gokte, meent Asics het ultieme schokdempende materiaal te hebben gevonden. Hun schoen bestaat uit drie delen: een rubberen zool, een veelal handgestikt bovenstuk en het beslissende deel, de middenzool met een flink stuk gel ingebakken.

In het ontwikkelingscentrum in de Japanse stad Kobe wordt de schoen ontworpen. De productie is sinds een tiental jaren naar andere Aziatische landen verhuisd. Eerst werd de overstap naar Korea gemaakt. Nu staan in China tien fabrieken waar nijvere handen die veeleisende kwaliteitsschoenen in elkaar zetten.

‘En we hebben een fabriek in Vietnam die onze schoenen maakt’, zegt onze Japanse voorlichter. Het is het teken dat in Azië de trek naar het nog goedkopere zuiden is begonnen.

De consument, vooral het echte loopvolk, waardeert de schoenen van Asics als de beste. In Nederland worden deelnemers aan marathons geteld. Soms komt bijna vijftig procent op deze schoen aan de start. SportScanInfo, een onderzoeksbureau, onthulde vorig jaar dat van de tien best verkopende modellen in de wereld er vijf van Asics zijn. En het Amerikaanse loopmagazine Runners peilde onder zijn lezers: de schoen uit Kobe kwam op één.

De filosofie die daar achter steekt is die van vasthoudendheid. Zo is de fabriek toe aan de dertiende versie van de successchoen Gel-Kayano. Concurrenten gooien bij voortduring nieuwe modellen op de markt, een lentemodel en een herfstmodel, met forse uitverkoop en dumping tot gevolg.

Valentin: ‘Asics probeert een model te vervolmaken. Lopers houden daarvan. Als zij eenmaal een schoen hebben gevonden die hen bevalt, willen ze niet dat die een jaar later niet weer terug is te vinden. Aan dat gevoel appelleert ons merk.’

Dat Asics zich naar de top van de wereld heeft gevochten, is eigenlijk een wonder. Toen oprichter Kihachiro Onitsuka in 1949 zijn handeltje begon, had Japan geen enkele traditie op schoengebied. Mensen droegen er sandalen, van hout of stro.

Van een canvasschoen, met gespleten neus, de jikatabi, ging het naar een afgeleide van de basketbalschoen. Rubber bleek een wondermiddel, tot het geheim van gel werd ontdekt.

Onitsuka, die sinds 1977 onder de naam Asics is verdergegaan, zocht zeer vooruitstrevend de samenwerking met toplopers. In 1964 leverde hij de schoenen voor de Japanse ploeg bij de Olympische Spelen van Tokio. Het was een meesterzet. Hij nam vlot grote olympische marathonlopers als Frank Shorter en Lasse Viren onder contract.

Zijn belangrijkste werk – voor de hele business – deed hij met Abebe Bikila, de Ethiopische wonderatleet op blote voeten. Bikila, olympisch kampioen op de marathon in 1960 en ’64, kwam in ’61 naar Japan voor een wedstrijd.

Onitsuka, nu 88 en nog altijd actief in het bedrijf, kreeg met waarschuwende woorden over ‘kapot glas op de weg’ de Ethiopiër zo gek ‘de lichtste schoenen ter wereld’ te dragen. ‘Want ik was erg bezorgd. Blootsvoets lopen zou het einde van mijn zaak betekenen’, liet hij optekenen in zijn biografie.

Zijn mentaliteit, kleinschalig, hardwerkend, bescheiden, tekent nog altijd de fabriek Asics. Duitsers – hij nam in 1976 het kleine merk Müvas over – achtte hij te druk met het opnemen van vrije dagen doch uiterst vaardig met leer, een kwaliteit die zijn Japanners graag kopieerden. En Amerikanen bleken niet te vertrouwen te zijn. Nike ging verder op gestolen ideeën van Asics.

Het topbedrijf telt wereldwijd 3836 werknemers, maar rust qua ideeën en daadkracht op de Japanse kern in de ‘bunker’. Meesterschoenmaker Mimura maakt er schoeisel op maat voor atleten uit de hele wereld. Hij is zo befaamd dat er een boek aan hem is gewijd: ‘How to make a gold medal shoe’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden