Analyse Uitgaves bedrijven

De kachel stoken met briefjes van honderd: dit zijn de grootste ‘burners’ van Nederland

Laadpaalbedrijf Fastned, dat donderdag voor de tweede keer zijn beursgang uitstelde, is een van de grote ‘burners’ in Nederland: ondernemingen die in hoog tempo geld ‘verbranden’. Ze jagen het geld van hun investeerders er doorheen in de hoop ooit winstgevend te worden. Hoe werkt het, en wie zijn de andere burners?

Een medewerker van online supermarkt Picnic bezorgt boodschappen in Utrecht. Picnic is een van de grote ‘burners’ van Nederland. Beeld Raymond Rutting / De Volkskrant

Sommige Tesla’s kennen een stand die Ludicrous Mode heet. Zet een Tesla in deze stand en de auto schiet in 2,5 seconde naar de honderd kilometer per uur. Tesla zelf staat trouwens ook al een tijdje in deze modus: vorig jaar joeg de autofabrikant er omgerekend 6.619 euro doorheen. Per minuut. De Amerikaanse bouwer van elektrische auto’s verbrandt geen benzine, maar geld, concludeerde persbureau Bloomberg.

Tesla is een ‘burner’, zoals bedrijven worden genoemd die geld van investeerders er in hoog tempo doorheen jassen. Ook Nederland kent burners, jonge bedrijven die teren op het geld van durf­investeerders, tot ze zelf genoeg geld ­genereren om zichzelf te kunnen bedruipen. Of tot ze kopje-onder gaan, want investeren in jonge bedrijven kent risico’s.

De grootste geldverbranders van de Lage Landen zijn Luxexcel, Nightbalance en Picnic, blijkt uit een inventarisatie van de Volkskrant. Van de miljoenen die sinds 2016 in deze ondernemingen werden gestoken, hebben zij bijna de helft (Picnic) tot 86 procent (Luxexcel) uit­gegeven. Ook Fastned is zo’n verbrander: het laadpaalbedrijf staat met een burn ratio van 0,45 op een gedeelde derde plaats.

Fastned, dat bouwt aan een Europees netwerk van snellaadstations voor elektrische auto’s, haalde de afgelopen drie jaar ruim 14 miljoen euro op bij investeerders en boekte in 2017 en 2018 respectievelijk 5- en ruim 6 miljoen euro verlies. De rode cijfers zijn onder meer te verklaren door de hoge investeringen die het jonge bedrijf doet. Veel geld wordt gestoken in nieuwe locaties voor snelladers en aansluitingen op dikke stroomkabels die nodig zijn om accu’s van elektrische auto’s snel te kunnen opladen.

Veel geld nodig

Hoewel er snel geld uit gaat, komt er nog niet veel binnen; er zijn immers nog maar weinig elektrische auto’s. Dit moet de komende jaren veranderen, denkt het bedrijf. Nu het aantal elektrische auto’s begint te groeien, moet de inkomstenstroom snel aanzwellen. Voorlopig is echter nog veel geld nodig, omdat het bedrijf een Europees netwerk van duizend stations nastreeft. De grens van honderd is net gepasseerd. Om nieuw geld aan te boren, gaat Fastned daarom naar de beurs, waar het 27- tot dertig miljoen hoopt op te halen.

Is het erg als een bedrijf de kachel stookt op biljetten van honderd? Niet per se. Niet alle investeringen gaan in rook op. Neem Picnic, de onlinesuper die de Nederlandse en Duitse markt probeert te veroveren. Een begrotelijke zaak. ‘We hebben veel moeten investeren in bezorgauto’s, hubs, personeel’, zegt ceo Michiel Muller over de jonge onderneming die in 2017 honderd miljoen euro aan investeringen binnenhaalde. Voorlopig heeft het bedrijf daar genoeg aan, aldus Muller, al is het mogelijk dat er extra geld nodig is als de inspanningen op de Duitse markt worden opgevoerd. De komende maanden wordt dit duidelijk, zegt de ceo.

Ook Ohpen is een – bescheiden – burner. Dit zogenoemde fintechbedrijf verzorgt de spaar- en beleggingsrekeningadministratie van banken, verzekeraars en pensioenfondsen. Ceo en mede-­oprichter Matthijs Aler denkt niet dat dit een kerntaak is voor financiële instellingen. ‘Een bank is geen ict-leverancier. Die moet zich vooral bezighouden met geld uitlenen en aantrekken bij spaarders, zegt Aler. ‘Bovendien zijn er vijfduizend banken in Europa. Als die allemaal zelf hun software moeten maken, is dat niet efficiënt.’

Dus doet Ohpen dit. Het tien jaar oude bedrijf heeft zeven financiële dienstverleners in zijn klantenkring. Is dat niet weinig? ‘We hebben de eerste vijf jaar vooral gebouwd aan het platform’, zegt de ceo. ‘Daar is een miljoen uur ontwikkeling in gestoken. Nu kunnen we opschalen.’

Alles in de cloud

Het draait in deze sector om vertrouwen, aldus de ceo. ‘Een instelling die miljarden euro’s beheert, wil er zeker van zijn dat dit geld in goede handen is, voor ze haar kernprocessen – waaronder betalingsverkeer – uitbesteedt aan een derde partij.’ Banken zijn gewend het zelf te doen, op hun eigen computers. Die van Ohpen staan in Ierland, alles gebeurt in de cloud. ‘Ze willen echt zeker weten dat het goed gaat.’

Bij Ohpen gaat het meeste geld op aan lonen, die 70 procent van de totale kosten bedragen. De rest gaat volgens Aler naar kantoren in Amsterdam (95 medewerkers) en Barcelona (25), naar adviseurs, accreditaties en ISO-certificeringen. Het doel is om in 2020 winstgevend te zijn, zegt Aler. Als hij vanuit het kantoor over het Damrak fietst, passeert hij het Bureau voor Handelsinlichtingen. ‘Daarop staat de spreuk: De cost gaet voor de baet uyt. Dat geldt ook voor ons.’

Het maken van winst is op korte termijn geen doel, zegt Muller van Picnic. ‘Je kunt ook zeggen: ik stop met groeien en ga me richten op winst. Maar dat willen we niet.’ Ter illustratie van hoe snel de vooruitzichten kunnen veranderen: tot voor kort verwachtte Picnic in 2020 winst te maken, maar dat doel verschuift mogelijk naar achteren als de inspanningen in Duitsland worden opgevoerd. ‘Hoever hangt af van hoeveel gas we daar gaan geven. Maar ik vermoed dat we het pedaal eerder dieper zullen intrappen dan dat we afremmen.’

Hoewel Picnic veel geld uitgeeft, komt er ook al aardig wat binnen – vorig jaar 200 miljoen euro. Dat is anders dan bij bijvoorbeeld een bedrijf als Fastned, dat opereert in een opkomende markt, zegt Muller. ‘De grote groei van e-auto’s moet nog beginnen, terwijl iedereen nu al boodschappen doet.’

Hoe hebben we de burn rate bepaald?

De snelheid waarmee Nederlandse start-ups hun geld opmaken – de zogeheten burn rate – is bepaald door het jaarlijkse verlies van een bedrijf te vergelijken met de investering van externe geldschieters in de periode 2016-2018. Het verlies is daarbij gebaseerd op de meeste recente winst- en verliesrekening van een bedrijf zoals is gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel. Als een bedrijf geen winstcijfer publiceert, is uitgegaan van de afname van de (overige) reserves van het Eigen Vermogen. De investeringen van geldschieters zijn gebaseerd op de jaarlijkse ranglijsten van Startupjuncture, een online platform dat ontwikkelingen over start-ups bijhoudt.

‘Tesla kost 70.000 euro subsidie’ – Klopt dit wel?
‘Dure Tesla slurpt subsidie’, zo kopt De Telegraaf. Een rekensommetje leert dat de wakkerste krant van Nederland misschien wat overdrijft, maar dat er zeker efficiëntere manieren zijn om in duurzaamheid te investeren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden