Column Frank Kalshoven

De huidige situatie in het onderwijs leidt tot stilstaand water. En dat gaat stinken

Hou de lumpsum, adviseert de Onderwijsraad. Vorige week zagen we dat landen kunnen kiezen tussen twee modellen om onderwijs te organiseren: het staatsmodel of het marktmodel. Voor beide is wat te zeggen, en beide kennen inherente nadelen die in die systemen bestreden moeten worden. 

Nederland heeft nu een ‘tussenmodel’ van poldermakelij, en dat combineert niet het beste van twee werelden, maar leidt tot stilstand, kwaliteitsdaling en oeverloze discussies zonder resultaat.

De echte lumpsum, zagen we vorige week, past bij het marktmodel. In het marktmodel werkt dat, omdat scholen door ouders en docenten worden afgerekend op prestaties. Een schoolorganisatie die veel geld besteed aan nutteloos management (om dat populaire voorbeeld te gebruiken), ziet zijn beste docenten overstappen naar betere organisaties, ziet ouders (met hun voucher-geld) vertrekken, en komt erachter dat drie straten verderop een nieuwe vestiging opent van een populaire franchise-schoolformule. De arbeidsmarkt, de leerlingenmarkt en de dienstenmarkt disciplineren zo de onderwijsaanbieders.

In Nederland hebben we wel een soort lumpsum, maar niet echt en evenmin van harte. Geld gaat niet naar ouders maar naar schoolbesturen; de lumpsum is geen simpel bedrag (oh, een leerling erbij, dat is dus 5.500 euro extra omzet) maar het resultaat van een berekening die alleen navolgbaar is voor specialisten. 

Bovenop de lumpsum verzint de politiek prioriteiten waar dan potjes geld bij horen die scholen kunnen aanvragen (en apart moeten verantwoorden). De strekking van het rapport van de Onderwijsraad is dan ook: versimpel de lumpsum; houd op met die extra potjes. Dat is op zichzelf verstandig.

Maar een eenvoudiger lumpsum zonder potjes lost het gebrek aan disciplinering in het Nederlandse onderwijs niet op. Nederlandse scholen hebben hun markten dichtgemetseld (met goedkeuring van de overheid). 

De arbeidsmarkt is dichtgeregeld dankzij cao’s; goede docenten extra belonen is er niet bij. De leerlingenmarkt is dichtgeregeld via lokale en regionale afspraken. Vrije toetreding van nieuwe scholen kan alleen op piepkleine schaal en met engelengeduld. De combinatie ‘wel een soort lumpsum, geen marktdiscipline’ veroorzaakt in het onderwijs stilstaand water – en dat gaat na verloop van tijd vanzelf stinken.

Daarom bemoeit de overheid zich op allerlei manieren met het onderwijs, maar zonder de touwtjes echt in handen te nemen, zoals in het staatsmodel. Er is wel een soort van curriculum – maar niet hard; examineren moet, maar niet via een uniform staatsexamen; er is toezicht, maar zonder tanden; de overheid geeft scholen extra geld voor meer docenten of minder werkdruk en kijkt vervolgens verbaasd als die doelen niet worden gehaald. 

Was het onderwijs een overheidsbureaucratie, dan kon je de doelen voorschrijven en de middelen beschikbaar stellen en de uitvoerders (scholen) simpelweg afrekenen op resultaat.

De situatie in Nederland is dus: noch markten noch de overheid disciplineert het funderend onderwijs.

De gevolgen zijn bekend: de kwaliteit van het onderwijs daalt (aldus de Onderwijsinspectie); de sector innoveert niet, noch in de manier waarop de onderwijsdiensten worden geleverd, noch in het aangeboden dienstenpakket aan leerlingen en ouders; de kwaliteit van docenten gaat niet omhoog maar omlaag; het is een sector waar gepassioneerde professionals werken, maar veel minder dan je zou willen. Waar scholen en leerkrachten goed presteren is dat hun eigen verdienste, geen gevolg van de inrichting van het onderwijsstelsel.

De conclusie? We moeten kiezen. Beide modellen zijn werkbaar, al is mijn vermoeden dat we met de marktoplossing beter af zijn. Maar elk alternatief is beter dan het huidige stilstaande water.

Frank Kalshoven is directeur van De Argumentenfabriek. Reageren? Email: frank@argumentenfabriek.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.