De Gaulle gaf Toulouse het lot uit de loterij: de luchtvaart

Het gaat goed met Toulouse. Te goed, lijkt het. Het 'Airbus'-effect lokt veel bedrijven naar de regio, de stad groeit enorm hard....

Het neerstrijken van de vliegtuigbouwer Airbus in Toulouse is voelbaartot in de kronkelige straatjes bij de kathedraal in de binnenstad, waar deantiekhandelaren zich hebben gevestigd. 'Ik krijg hier heel watAirbus-managers en vooral hun vrouwen over de vloer', vertelt MassomoMonini, een vrolijke Italiaan met lang grijs haar en een JohnLennon-brilletje, die glimmende sieraden en protserige meubels in zijnwinkel heeft uitgestald. Hij legt uit dat die nieuwe klandizie hard nodigwas, want sinds '11 september' bleven de Amerikanen weg. 'Dat was de helftvan mijn omzet. Ze kwamen niet meer naar Frankrijk en al helemaal niet naarToulouse, na de explosie bij AZF.'

Die chemische fabriek vloog tien dagen na 'elf september' de lucht in,met tientallen doden en duizenden gewonden als gevolg. De hele wereld dachtdat terroristen ook in Zuid-Frankrijk hadden toegeslagen, maar deautoriteiten bezworen en bezweren dat het een ongeluk was. Sindsdien haaldeToulouse vooral nog het internationale nieuws als 'de stad van Airbus'. DatEuropese bedrijf presteerde het in de afgelopen jaren het oppermachtiggeachte Boeing als grootste vliegtuigbouwer ter wereld te passeren.

Die stunt kreeg in april van dit jaar zijn verbeelding, toen Airbus dereusachtige A380 (vijfhonderd zitplaatsen) in gebruik nam, een toestel datde grootste Boeing 747 in omvang overtreft. Wat Boeing voor hetNoordamerikaanse Seattle is, is Airbus voor Toulouse en omstreken - eentrekpaard voor de regionale economie, dankzij een flinke directewerkgelegenheid (15 duizend banen) en de aanzuigende werking optoeleveranciers (nog eens 30 duizend banen). Traditioneel heeft Toulouseook nog een sterke positie in de ruimtevaart met Alcatel Space, de grootstesatellietbouwer van Europa en maker van de Ariane-draagraketten. Op deruïnes van de 'ouderwetse' chemiefabriek AZF wordt nu een medischonderzoeksinstituut gebouwd, een 'cancéropole', waar tweeduizendspecialisten op het gebied van kanker bijelkaar worden gezet.

Voor wetenschappers en werknemers van het internationale bedrijfslevenheeft Toulouse heel wat te bieden. Niet voor niets staat Toulouse, samenmet Montpellier, steevast bovenaan de populariteitslijstjes van Fransesteden. De Toulousains weten wel waarom dat zo is. 'In de winter kun jehier in het weekend denken: ik heb zin om te skieën. Je gooit de lattenop je auto en anderhalf uur later sta je op de pistes in de Pyreneeën. Enin de zomer rijd je in diezelfde tijd naar de stranden van de MiddellandseZee', vertelt Elsa van Hees, een 31-jarige kunsthistorica die in eengalerie werkt, enthousiast.

Gaston Levy, een 65-jarige, gepensioneerde docent scheikunde, roemtvooral het culturele leven. 'Dat is geweldig. Je hebt hier een uitstekendeopera, veel concerten en theater.' Bovendien is Toulouse in zijn ogen 'nogaltijd meer een dorp dan een stad. Anders dan in Parijs staan de mensenhier open voor elkaar.' Die openheid is mede te danken aan de aanwezigheidvan circa 115 duizend studenten, waarmee Toulouse de tweedeuniversiteitsstad van het land is. Zij zorgen voor een ontspannen,opgewekte sfeer. 'Er wordt veel gefeest, het is de meest Spaanse van deZuidfranse steden. De sfeer is niet gestresst, maar bon enfant, relaxed',zegt de 24-jarige Isabelle Thomelin, student journalistiek.

Dat Toulouse zich in deze comfortabele positie heeft weten temanoeuvreren, houdt verband met de achterstand die de stad in de jarenzestig had opgelopen, zo legt Robert Marconis, hoogleraar geografie aan deUniversiteit van Toulouse, uit. Vanaf het midden van de negentiende eeuwwas er een gestage leegloop van stad en platteland op gang gekomen, omdatde industriële revolutie geheel aan Toulouse en omgeving voorbijging. Destad had in die periode niet veel meer te bieden dan ambtelijke dienstenvoor het omringende platteland. Maar begin jaren zestig kwam daarinverandering, toen generaal De Gaulle, de toenmalige president, zevenregio's aanwees die tot ontwikkeling moesten worden gebracht. Toulousekreeg de vliegtuigbouw, omdat daar al sinds de Eerste Wereldoorlog opbescheiden schaal aan werd gedaan - de steden Bordeaux en Toulouse warendaar destijds voor uitgekozen, omdat ze voldoende ver van het Frans-Duitseoorlogsfront af lagen. 'Wij kregen van De Gaulle het lot uit de loterij.Onze geschiedenis was heel anders gelopen wanneer ons de staalindustrie wastoebedeeld, zoals Marseille is overkomen', vertelt Marconis.

Sinds De Gaulle Toulouse de luchtvaart schonk, zit de stad in de lift.Onderzoeksinstellingen, universiteiten en ziekenhuizen werden erneergeplant en het bedrijfsleven volgde. De bevolking van Toulouse, diebegin jaren zestig tot circa 400 duizend was gedaald, nam met sprongen toe.'Groot Toulouse', de aanduiding voor de stad en enkele tientallen gemeentenin de omgeving, omvat nu meer dan een miljoen inwoners.

'Toulouse was en is een monster dat zich almaar verder ontwikkelt',meent Marconis. Hij wijst erop dat de stad geen natuurlijke begrenzingenkent - zee noch bergen houden haar tegen. 'Als je daarbij bedenkt datiedere Fransman het liefst een vrijstaand huis met een tuin wil hebben endat de gemeenten daar in mee zijn gegaan, begrijp je waarom de stad almaarverder is uitgedijd.'

Het diepgewortelde verlangen van de Fransman is 'vivre à la campagne',leven op het platteland. Het 'perverse effect' daarvan is nu dat mensenvoortdurend in de file staan, zo betoogt Marconis. Want de rondweg rondToulouse is een ramp, terwijl er nauwelijks alternatieven zijn: het metro-en treinstelsel is maar matig ontwikkeld en busdiensten zijn schaars. Depolitiek heeft de groei van de stad lange tijd op zijn beloop gelaten.'Voor het transport is alleen maar op de auto gemikt. Vooral in de jarennegentig hebben de autoriteiten het laten afweten', meent de hoogleraar.

Stéphane Coppey, die namens De Groenen in de gemeenteraad van 'GrootToulouse' zit, signaleert dat de problemen zich niet tot het transportbeperken. 'Dat uitdijen van de stad is niet gepaard gegaan met hetaanbieden van de bijbehorende diensten, zoals scholen, sociale en cultureleinstellingen. Er is gegroeid om te groeien. Nu zie je eindelijk eenbewustwording dat het zo niet langer kan.'

Politici beseffen dat er nieuwe hoogbouw moet komen, ook al zijnkiezers daar afkerig van. 'Maar niet meer dan drie of vier verdiepingenhoog, we moeten niet de fouten van de jaren zestig gaan herhalen', aldusCoppey. Destijds kreeg Toulouse ook enkele voorsteden, zoals Le Mirail.Daar werd in november volop aan de rellen meegedaan. De jongeren in diewijken zien de economische welvaart van de stad aan zich voorbijgaan - voorde hoogwaardige werkgelegenheid die de stad weet aan te trekken, komen zijniet in aanmerking. 'Je kunt onze voorsteden totaal niet vergelijken metdie van Parijs. Toch was er maar een vonk nodig en het ging mis. Hetverbaasde me niets', aldus Groene-politicus Coppey.

Politiek Toulouse buigt zich nu niet alleen over de voorsteden, maarvooral over de vraag hoe de snelle groei van de stad voortaan wel in goedebanen kan worden geleid. De fout uit het verleden is dat iedere gemeentezijn eigen graantje wilde meepikken, terwijl niemand het overzicht behield.Weigerde de ene gemeente de komst van een supermarkt, omdat deverkeersstromen daardoor te zeer zouden worden ontwricht, dan bleek debelendende gemeente wel bereid diezelfde supermarkt te ontvangen, zovertelt Coppey. Inmiddels is er voor een betere afstemming hetsamenwerkingsverband van 'Groot Toulouse'. Dat werkt tot dusver aardig,maar de echte test moet nog komen. Die wordt gevormd door de projecten dieToulouse de status van metropool moeten geven: een tweede luchthaven, eenTGV-verbinding met Parijs en een tweede rondweg, naar het voorbeeld van dehoofdstad.

Jean Diebold, parlementslid namens regeringspartij UMP voor deHaute-Garonne, is er optimistisch over. 'Over de TGV en de tweede rondwegbestaat politieke consensus.' Maar hoogleraar Marconis is sceptisch:'Iedereen is voor die grote projecten, maar niemand wil ze in zijn eigenachtertuin.' Het overlegorgaan van een 'Groot Toulouse' vindt hij een goedidee, 'maar ik moet nog zien of ze het eens kunnen worden over decontroversiële onderwerpen'. Daarmee raakt hij aan een typisch Fransbestuursprobleem: het land telt maar liefst 36 duizend gemeentes; alleenal in de regio-Toulouse voelen 340 burgemeesters zich bij deuitbreidingsplannen betrokken.

Consensus lijkt een illusie, wordt het geen tijd eens te wieden in hetaantal gemeenten? 'Ah, maar meneer, de Fransen zijn zeer gehecht aan hungemeenten', werpt Diebold tegen. Ook Groene-politicus Coppey ziet geenheil in zo'n hervorming. Over decentralisering van beslissingen mag danveel worden gesproken, hij gaat ervan uit dat voor de echte grote projecten'de staat de knoop doorhakt, want daar moet toch het meeste geld vandaankomen'. Zoals in de tijd van De Gaulle gaat het niet meer, maar besluiten over de toekomst van Toulouse worden nog altijd in belangrijke mate inParijs genomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden