De eeuw van de start-up is een mythe

De megaovername van Monsanto door Bayer - gezamenlijke omzet 60 miljard euro - past in een trend. De grootste bedrijven worden steeds groter, terwijl start-ups aandeel inleveren.

Start-ups presenteren zich op het Uprise Startup festival in Amsterdam in april. Tegen de beeldvorming in krimpt het aantal banen bij start-ups. Beeld Hollandse Hoogte

Er is een beeld van de 21ste-eeuwse economie als een verzameling van jonge, dynamische start-ups. Succesvolle Silicon Valley-ondernemers, met in hun kielzog journalisten, wetenschappers en tv-makers, schetsen een universum bevolkt door durfkapitalisten. Door unicorns - start-ups met een waardering van 1 miljard dollar of meer - en ontelbare jonge mannen en vrouwen die nachtenlang zweten op het volgende baanbrekende idee.

In die wereld halen nieuwe, 'disruptieve' technologieën de ene na de andere gevestigde moloch onderuit. 3D-printers zorgen ervoor dat iedereen zijn bureau kan omtoveren in een fabriek, zoals auteur en ondernemer Chris Anderson schreef in zijn boek Makers. De nieuwe industriële revolutie. Daar is nog plaats voor helden. Het zijn dappere entrepreneurs als Elon Musk (Paypal, Tesla) en Mark Zuckerberg (Facebook) die vol bravoure de hemel bestormen.

Dat beeld is dus een mythe.

Grote bedrijven worden groter

In werkelijkheid worden de grote bedrijven steeds groter - en machtiger. In de Verenigde Staten, waar het meeste onderzoek hiernaar is gedaan, zagen de honderd grootste bedrijven hun werknemersbestand tussen 1986 en 2010 groeien met 53 procent. Ook hun omzet explodeerde. Het aandeel van de vijfhonderd grootste Amerikaanse bedrijven in de economie is de afgelopen decennia almaar toegenomen, meldt zakenblad Fortune. In 1955 bedroeg hun omzet nog 35 procent van het Amerikaanse bbp. In 1995 was dat opgelopen naar ruim 58 procent, en vorig jaar zelfs bijna 72 procent.

De recente fusie- en overnamegolf onderstreept die ontwikkeling. Dow en Dupont gaan samen verder in wat de grootste fusie ooit is in de chemie. Opgeteld bedraagt hun omzet bijna 116 miljard euro. Ook op de biermarkt is sprake van een overnamegolf. De Belgische brouwer AB InBev (Budweiser, Jupiler en Hertog Jan) nam voor bijna 95 miljard euro concurrent SABMiller (Grolsch) over. Tata Steel, eigenaar van de hoogovens in IJmuiden, voert fusiegesprekken met concurrent ThyssenKrupp. En nu wordt dus ook zaadveredelaar Monsanto ingelijfd door chemieconcern Bayer - mits de kartelautoriteiten geen bezwaar maken, wat nog maar de vraag is.

Elon Musk. Beeld anp

Volgens een analyse van de Economist is in twee op de drie economische sectoren sinds de jaren negentig sprake van 'concentratie'. Dat betekent dat steeds minder, steeds grotere bedrijven hier de dienst uitmaken. Eentiende van de economie wordt zelfs gecontroleerd door slechts een handvol multinationals. Dan gaat het bijvoorbeeld om de farmaceutische industrie, entertainment, oliewinning, maar ook grote delen van het internet.

Natuurlijk zijn er uitzonderingen. In landen als Griekenland en Portugal nemen kleine en middelgrote ondernemingen nog altijd een veel belangrijkere positie in. Maar dat zijn economieën die geteisterd worden door langdurige krimp en stagnatie. Niet bepaald het lichtende voorbeeld voor de wereldeconomie.

De conclusie lijkt dan ook onvermijdelijk. Vergeet de enthousiaste verhalen over het kapitalisme als een permanente verjongingscultuur. In de echte economie zijn het de almaar 'reusachtigere industriële ondernemingen' die de scepter zwaaien - het citaat stamt uit de 19de eeuw en is van Karl Marx, uit Das Kapital.

Mark Zuckerberg en Barack Obama. Beeld anp

Globalisering

Hoe dat kan? Eén verklaring is dat grote bedrijven het gewoon beter doen. Iedereen wil dolgraag een iPhone, dus kon Apple de afgelopen jaren uitgroeien tot één van de duurste bedrijven ter wereld. Een tweede theorie luidt dat de globalisering het ontstaan van oligopolies in de hand werkt. Alleen een selecte groep multinationals heeft de middelen en het netwerk om zich wereldwijd te organiseren, van de productie tot de verkoop.

In beide gevallen geldt: size matters. Daar is lang niet iedereen blij mee. Zo waarschuwen drie Nederlandse onderzoekers in een begin dit jaar verschenen boek, De macht van de megaonderneming, voor de ondemocratische invloed van dit soort concerns. Zo groot zijn ze geworden, dat ze wetten en regels naar hun hand kunnen zetten. De concurrentie, voor zover daar nog sprake van kan zijn, heeft het nakijken.

De huidige situatie van trage economische groei geeft deze ontwikkeling een boost. Zeker in de westerse landen is de vaart er al een tijdje uit. Autonome groei, bijvoorbeeld door geheel nieuwe markten aan te boren, is daardoor lastig. Marktaandeel afsnoepen van de concurrentie blijft een moeizaam en kostbaar proces. De oplossing? Slok de concurrentie op.

Dat is extra aantrekkelijk door de politiek van goedkoop geld die de centrale banken voeren. Het resultaat is dat het aantal miljarden uitgegeven aan fusies en overnames tot recordhoogte is gestegen: 3.800 miljard dollar in 2015, omgerekend zo'n 3.383 miljard euro.

En de kleintjes? Die hebben het lastig. Terwijl de grote jongens groeien, neemt het aandeel van start-ups in het bedrijfsleven al decennia af, in elk geval in de VS. Ten opzichte van eind jaren tachtig bedraagt die daling zelfs 25 procent, aldus de Wall Street Journal. Ook het aantal banen bij start-ups krimpt.

Dat valt moeilijk te rijmen met de aandacht hiervoor in de media. Waarschijnlijk loopt het imago achter op de realiteit. Op het Startup Fest in Amsterdam in mei gaven CEO's acte de présence die gezamenlijk meer dan een biljoen euro aan beurswaarde vertegenwoordigen. Met andere woorden: veel van de bedrijven die nog altijd doorgaan voor start-up, zijn allang gevestigde multinationals. Inclusief enkele van de meest kwalijke gedragingen die daar nog weleens aan worden toegeschreven. Zo ligt Google overhoop met de Europese Commissie omdat het bedrijf zijn machtspositie zou misbruiken. Apple dient 13 miljard euro achterstallige belasting te betalen. En Uber en Airbnb ruziën overal ter wereld met overheden, vakbonden en buurbewoners.

Prins Constantijn en Neelie Kroes (StartupDelta) bij Startup Fest Europe in de Beurs van Berlage. Beeld anp

Achterhaald beeld

Waarom we dan toch, tegen alle feiten in, vasthouden aan dat achterhaalde beeld van de startup-economie? Misschien wel juist omdat die in alles het tegenovergestelde is van de gure werkelijkheid. Het sprookje van het klein-is-fijn-kapitalisme heeft verdacht veel weg van de idylle die ook klassieke economen als Adam Smith schetsten. Daarin heeft de economie nog het meeste weg van een knusse marktplaats, bevolkt door eenmanszaken - Smith's fameuze 'de slager, de brouwer en de bakker' - die elkaar op het scherpst van de snede, maar met open vizier beconcurreren.

Daarin kan inderdaad elke ondernemer, groot of klein, het maken. Er zijn geen machtsverschillen en geen invloedrijk lobby's. Enkel een gelijk speelveld waarop bedrijven vrijelijk met elkaar concurreren, met als resultaat dat consumenten de best mogelijke producten en diensten voorgeschoteld krijgt.

Hoe jammer dat het precies dat is: een sprookje.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.