De consument is blij, maar is hij ook zorgeloos?

2016 was het jaar van de jubeleconomie. Vooral de consument gaf blijk van een stralend humeur. Met dank aan dezelfde motor die de economie eerder het ravijn in reed.

Winkelend publiek in de Kalverstraat, Amsterdam Beeld anp

Wie herinnert zich nog de paniek over een mogelijke Brexit? Niet alleen de financiële markten zouden na 23 juni crashen, ook de Nederlandse economie ging zware tijden tegemoet. Volgens berekeningen van het Centraal Planbureau konden de kosten van een vertrek van Groot-Brittannië uit de Europese Unie in het slechtste geval oplopen tot duizend euro per Nederlander.

Het was niet het enige doemscenario dit jaar. Van omvallende banken tot een oplaaiende eurocrisis: de financiële apocalyps was nooit ver weg. In plaats daarvan werd Nederland getrakteerd op een aaneenschakeling van goed nieuws.

Natuurlijk waren er de cijfers. Wie had op 1 januari durven voorspellen dat de werkloosheid met bijna een volle procent zou dalen, naar 540 duizend? En wie vermoedde dat in 2017 al begrotingsevenwicht bereikt kan worden, met een overheidsschuld die voor het eerst in lange tijd onder de Europese limiet van 60 procent van het bruto binnenlands product duikt?

Stralend economisch humeur

Veel belangrijker was in 2016 de psychologie. Jawel, in maart maakte het CBS bekend dat het Nederlandse binnenlandse product eindelijk weer het niveau van voor de crisis bereikt had. Maar een groei van rond de 2 procent is in historisch opzicht bepaald niet spectaculair. Van een buitengewone prestatie van Rutte II is dan ook geen sprake. Daarbij komen ontwikkelingen die onzichtbaar blijven in de cijfers. Zo is het afgelopen decennium vast, goedbetaald werk vervangen door flexibele, onzekere banen.

Des te opvallender is het stralende economische humeur van Nederland. Driekwart van de burgers is tevreden over de economie, meldde het Sociaal en Cultureel Planbureau. Deze opgewekte massa stelt de ontevreden minderheid - ruim een op de vijf Nederlanders geeft de eigen financiële situatie een onvoldoende - in de schaduw. En nog belangrijker: liefst 82 procent verwacht dat 2017 net zo positief zal verlopen.

De verklaring voor die jubeleconomie ligt bij dezelfde sector die eerder verantwoordelijk was voor de langdurige depressie: de bouw. Met dank aan Frankfurt. Het omstreden beleid van de daar gevestigde Europese Centrale Bank heeft de rente doen kelderen. Tot ergernis van spaarders en gepensioneerden. Maar voor huizenkopers bleek het goed nieuws. Zij konden dit jaar lenen voor 2 procent of minder. Dat deden ze dan ook grif. Het aantal verkochte huizen steeg in 2016 met 20 procent. Ook de prijzen gingen steil omhoog. Inmiddels wisselt de gemiddelde woning voor 250 duizend euro van eigenaar. Twee jaar geleden was dat nog 25 duizend minder.

Het is het spiegelbeeld van de crisisjaren. Toen daalden de huizenprijzen. Het gevolg was dat de bouw in de problemen raakte. De malaise besmette verwante sectoren, de werkloosheid liep op en de bang geworden consument hield de hand op de knip.

Diezelfde ketenreactie zien we ook nu weer. Alleen verspreidt nu het optimisme zich als een olievlek over de rest van de economie in plaats van pessimisme over dalende huizenprijzen. Het producentenvertrouwen is in december fors gestegen, maakte het CBS gisteren bekend. Nergens heerst zoveel optimisme over de volle orderportefeuille als in de bouw. Dat is dan ook de snelst groeiende sector van Nederland. Na jarenlang saneren durven bouwers zelfs weer personeel in vaste dienst te nemen, bleek woensdag uit een rondgang van het Financieele Dagblad. Grote bedrijven als VolkerWessels waarschuwen al voor dreigende personeelstekorten.

Dat alles werkt weer gunstig door in andere sectoren - van klusbedrijven tot woonboulevards. Maar het grootste effect heeft de huizenkoorts op de consument. Drie op de vijf Nederlanders hebben een eigen woning. Anders dan de huurders voelen deze mensen zich elk kwartaal rijker. Tel daarbij op de dalende werkloosheid en het belastingvoordeel waarop de regering in het jaar voor de verkiezingen trakteerde, en je begrijpt waarom het consumentenvertrouwen op het hoogste niveau staat sinds augustus 2007.

Consument stuwt economie vooruit

De consument is de kurk waarop het economische herstel drijft. Zijn uitgaven stegen dit jaar met 1,6 procent en volgend jaar nog eens met 2,1 procent, volgens het Centraal Planbureau. Met andere woorden: Nederlanders laten het geld weer rollen. Niet voor niets stelde Detailhandel Nederland deze maand dat winkeliers een volop rinkelende kassa verwachtten met Sinterklaas en Kerst.

Het zonnige uiteinde van 2016 botst met de sombere analyses waarmee veel economen ook dit jaar kwamen. De deskundigen zijn grofweg op te delen in twee kampen. De (voorzichtige) optimisten wijzen op de hernieuwde groei. 'Al met al is Nederland sterk uit de crisis gekomen', stelde een tevreden minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem in september in zijn laatste Miljoenennota. 'Mensen hebben weer meer vertrouwen in de toekomst.'

Tegenover de optimisten staan de economen die onverminderd waarschuwen voor de 'fragiliteit' van de Nederlandse economie, zoals de Groningse hoogleraar Dirk Bezemer het heeft genoemd.

Minister Dijsselbloem stelde in september: "Mensen hebben weer vertrouwen in de toekomst." Beeld Freek van den Bergh

De huizenkoorts toont dat beide groepen een punt hebben. Inderdaad, Nederland was zelfs op het dieptepunt van de crisis verre van de zieke man van Europa. Anders zouden louter stijgende huizenprijzen en een blijere consument nooit voldoende kunnen zijn om de economie erbovenop te helpen. Maar juist dat manisch-depressieve gemoed baart zorgen.

Er is de afgelopen jaren geen nieuw groeirecept ontwikkeld. Nederland is en blijft uitzonderlijk afhankelijk van de huizenprijzen - en daarmee van de nog altijd torenhoge hypotheekschuld van 650 miljard euro. Dat maakt de economie kwetsbaar voor nieuwe zeepbellen en recessies, zo waarschuwde de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid dit najaar in een lijvig rapport.

Tel daarbij op alle onzekerheden die in 2017 wachten - van verkiezingen in Nederland, Duitsland en Frankrijk tot het bubbelbeleid van de ECB en Trump - en het ene na het andere nieuwe doemscenario dient zich aan.

Maar het kan ook anders lopen, net als in 2016. De econoom John Kenneth Galbraith sprak in dat kader wijze woorden. Hij had het over 'financiële vergeetachtigheid'. Volgens hem wordt het pas echt link als de herinnering aan de vorige crisis vervaagt. De jubelstemming ten spijt, zover is het getuige alle zwartkijkers en onheilstijdingen nog lang niet. Gek genoeg is dat een hele geruststelling.


Drie interviews

Niels Egberts

De huizenprijzen in Amsterdam stijgen duizelingwekkend snel en dat heeft Niels Egberts (35) geen windeieren gelegd. De webontwikkelaar heeft zijn maisonnette in de Kolenkitbuurt snel verkocht - en nog met een mooie winst ook. Hij betaalde in 2011 bijna 340 duizend euro voor 130 vierkante meter, 'geen gekke prijs voor Amsterdamse begrippen'. Maar al snel bekroop hem het gevoel dat hij een kat in de zak had gekocht. 'De andere woningen in het nieuwbouwcomplex raakte de projectontwikkelaar aan de straatstenen niet kwijt.' Langzaam maar zeker trok de woningmarkt echter weer aan. In 2016 sloeg de gekte over naar de voorheen minder gewilde Kolenkitbuurt. Egberts kon zijn woning verkopen voor ruim 400 duizend euro. 'En nu woon ik in een hoekhuis in Breukelen, met voor mijn deur een speeltuin voor mijn zoontje.' Dion Mebius

Niels Egberts (35) Beeld Raymond Rutting

Mark Vletter

Hoeveel mensen er precies voor hem werken heeft Mark Vletter (36), eigenaar van telecomprovider VoIPGRID, niet direct paraat. 'Maar het zullen er rond de negentig zijn. We hebben negen vacatures openstaan en van negen andere lopen de sollicitatieprocedures nog. Elke maand krijgen we er drie tot vier collega's bij.' Er is geen houden aan bij het snelst groeiende bedrijf van Nederland, de nummer één op de jaarlijkse ranglijst van het Financieele Dagblad. Het bedrijf realiseerde een omzetgroei van maar liefst 1.673 procent over de periode 2012-2015. Drie jaar geleden werkten er acht mensen bij het in Groningen gevestigde bedrijf. En het einde van de groei is volgens Vletter nog lang niet in zicht. Bellen via internet, het product waar het om draait, is niet alleen goedkoop, het is ook veel flexibeler. Nanda Troost

Mark Vletter (36) Beeld Raymond Rutting

Johan Vos

'Mijn hart ging door drie plafonds heen en ik ben nog steeds intens gelukkig.' Johan Vos (54) is sinds oktober teamleider onderwijslogistiek aan Rijn IJssel, een mbo-cluster in Arnhem en omstreken. Hij stuurt nu een team van twaalf roostermakers aan. Voordat hij deze baan vond, was de chemisch technoloog (hts) en bedrijfskundige vier jaar werkloos. Na een reorganisatie was in 2012 zijn tijdelijke contract bij een zorgverzekeraar niet verlengd. De afgelopen jaren schreef hij meer dan duizend sollicitatiebrieven. 'Je voelt je verstoten uit de maatschappij omdat je nauwelijks in gesprek komt met werkgevers. De manier waarop je als oudere werkloze als oud vuil wordt weggezet, stuit me zo tegen de borst. Hoe ik het heb volgehouden? Door mezelf te blijven ontwikkelen en in mezelf te blijven geloven.' Nanda Troost

Johan Vos (54) Beeld Raymond Rutting
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden