ColumnFrank Kalshoven

De ‘brede welvaart’ blijft een lastig te begrijpen ding

null Beeld
Frank Kalshoven

De Monitor Brede Welvaart, die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) deze week andermaal publiceerde, blijft een even intrigerend als lastig vast te pakken ding. Het doel ervan is nobel, het werk eraan staat aan dat van monniken gelijk en de uitkomsten zijn zowel interessant als lastig te begrijpen. Soms werken ze zelfs op de lachspieren.

Wanneer neemt ons inkomen toe? Als er meer euro’s binnenkomen (boven op de inflatie). Wanneer neemt onze welvaart toe? Die vraag is zowel belangrijker als moeilijker te beantwoorden, omdat welvaart veel facetten heeft. Inkomen is een van die facetten. Maar de kwaliteit van de leefomgeving is voor de welvaart óók belangrijk. Net als de lol in het werk, de kwaliteit van sociale relaties en of er een dokter beschikbaar is wanneer je ziek bent. Welvaart (nooit brede welvaart zeggen, dat is een pleonasme, want welvaart is dus al breed van zichzelf) is daarom niet te vatten in één getal.

De Monitor Brede Welvaart is een dappere poging er toch iets over te zeggen. Dat doet het CBS dan ook, bijvoorbeeld door te zeggen dat de ‘huidige brede welvaart groot is’ maar dat de ‘houdbaarheid ervan onder druk staat’.

Hoe komen ze daar dan bij? Door cijfers bij elkaar te brengen over allerlei aspecten van welvaart – gezondheid, samenleving, milieu, inkomen, veiligheid en meer – en deze te rangschikken in fraai gekleurde diagrammen. Groen betekent: iets gaat vooruit. Grijs: iets blijft gelijk. Rood: iets gaat achteruit. Kleuren de gekozen indicatoren binnen een thema, zoals ‘arbeid en vrije tijd’, overwegend groen (met een beetje grijs), dan gaat het goed. Zijn er binnen een thema (zoals ‘samenleving’) zowel groene als grijze en rode indicatoren, dan gaat het niet toppie. Kleurt een thema overwegend rood (zoals het thema ‘natuurlijk kapitaal’), dan is er stront aan de knikker. Dan staat de ‘houdbaarheid van de brede welvaart onder druk’.

Dat is dan wel ineens een heel boude conclusie. Die trouwens best waar kan zijn. Maar de kwaliteit van de conclusie staat of valt wel met de juiste keuze van de indicatoren. Als alle relevante indicatoren van een thema bekend zijn, en er data(reeksen) over bestaan, dan kun je zoiets denkelijk wel beweren met een zekere stelligheid. Maar zover is het met de Monitor nog niet.

Ik geef een voorbeeld: wonen. Hoe gaat het ermee volgens de Monitor? Niet toppie. Het CBS gebruikt voor het thema twee indicatoren; de ene is rood, de ander grijs. Welke indicatoren zijn dat? Ten eerste ‘de tevredenheid met de woning’. Die is rood. Het gaat erom dat het percentage mensen dat in een enquête antwoordt (zeer) tevreden te zijn over de eigen woning ietsje is gedaald. In 2013: 88 procent blije bewoners. In 2021, afgerond, 86 procent.

De tweede indicator gaat over de kwaliteit van woningen. Die oogt inderdaad vrij constant. 84,4 in 2013, 85,5 in 2021. Je zou ook kunnen denken: groen, want gaat toch omhoog? Hoe dat ook zij, nu even kijken naar wat er eigenlijk gemeten wordt. Ik citeer: ‘Percentage van de inwoners dat geen last heeft van 1) een lekkend dak, 2) optrekkend vocht of 3) rottend houtwerk.’ Wablief?

Het geeft geen pas, zou ik denken, om op basis van deze twee indicatoren wat dan ook te concluderen over ‘brede welvaart’ inzake wonen. Niet alle thema’s zijn zo gammel als dit. Maar er zijn er te veel. Welvaart is een lastig ding.

Frank Kalshoven is oprichter van De Argumentnfabriek. Reageren? Email: frank@argumentenfabriek.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden