De betere vrachtwagen trekt de betere trucker aan

Truckchauffeurs hebben weinig te vertellen bij de aanschaf van hun truck. Rendement en brandstofverbruik staan voorop, want zo goed staan veel transportbedrijven er niet voor....

Cup a Soup belooft er een ‘trip zonder dip’. Er zijn vrachtautomodelletjes in een doosje en bontstaartjes van de poolvos voor aan de binnenspiegel. En ook: een ladingwedstrijd, fietsvouwen en kratjes stapelen. Nee, dat kan komend weekend een reuzeleuk truckersweekend worden in Amsterdam. Maar toch draait het daar niet om bij de European Road Transport Show, ofwel de vrachtauto-Rai, die van 14 tot 22 oktober wordt gehouden. Want chauffeurs kopen nu eenmaal geen trucks. Vrachtauto’s worden gekocht door ondernemers, en die zijn maar in één ding geïnteresseerd: rendement.

Dus of een auto een stralende kleur heeft, een leuke snoet of een prettig interieur, dat doet er allemaal bar weinig toe. Efficiëntie, brandstofverbruik en onderhoudsfrequentie vormen de kerngegevens.

Want het is niet florissant in truckersland. Zeker niet in Nederland, Duitsland, Frankrijk of alle andere hogelonenlanden. Nederlanders maken bijna een kwart uit van de internationale truckersbevolking in Europa, maar dat aandeel neemt rap in omvang af: hoge brandstofprijzen, maar vooral de concurrentie met Oost-Europese lagelonenlanden als Polen, Hongarije of Tsjechië maken dat veel bedrijven hun rendement onder het nulpunt zien dalen. In het internationale vrachtvervoer is de rentabiliteit gedaald van minus 2,0 procent in 2003 naar minus 2,5 procent in 2004; een dieptepunt. Ruim tweederde van de bedrijven in deze sector sloot 2004 af met rode cijfers. Alleen de allergrootste weten een positief rendement te halen: rond de 2 tot 3 procent.

Dus als het ergens over gaat op de tweede vrachtautoshow van Europa, dan is het wel rendement en efficiëntie. Alle merken presenteren er onderhoudsarme, stille en zuinige modellen. De vrachtwagenfabrikant DAF is trots op de nieuwe XF105, voorzien van een zelf ontwikkelde 13-liter-motor. De krachtbron van 510 pk kent een brandstofbesparing van 4 procent ten opzichte van het vorige model. Dat is veel, voor ondernemers die er makkelijk tweehonderdduizend kilometer per jaar mee rijden. Dat is ook veel voor een motor die 1,6 miljoen kilometers meegaat. Betrouwbaarheid is daarbij vitaal. Als zo’n truck een weekje stilstaat, is de winst van die wagen voor de rest van het jaar verdwenen, zo krap zijn de marges.

Toch wil die nadruk op rentabiliteit niet zeggen dat een chauffeur niets te vertellen heeft over een truck, zegt Rob den Engelsen van DAF. Voor het ontwikkelen van de nieuwe vrachtwagen zijn de ontwerpers naar chauffeurscafés gegaan om de gebruikers aan het woord te laten. ‘We hebben ze gevraagd te laten zien wat ze allemaal bij zich hadden. Dan blijkt dat de gemiddelde chauffeur bijvoorbeeld vijf liter drinken meeneemt en 24 cd’s. Dat hij onder een dekbed slaapt en liefst een bed heeft met dezelfde afmetingen als thuis, zodat zijn hoeslakens eromheen passen. Zo simpel zijn die dingen soms.’

Een goeie auto trekt goeie chauffeurs, zeggen ze bij DAF: ‘Als het ziekteverzuim omlaaggaat doordat chauffeurs zich beter voelen achter het stuur, draagt dat ook bij aan het rendement.’

In tegenstelling tot de economische situatie bij de afnemers, gaat het bij de truckbouwer wel voor de wind. Dagelijks verlaten 156 auto’s de poort in Eindhoven, 45 meer dan eind vorig jaar. Dat maakt het ook mogelijk, zegt het bedrijf, dat er vijf jaar is gedaan over de totaal vernieuwde truck. Kosten? ‘Zoiets als een goeie BMW’, zegt Den Engelsen; tussen de tachtig en de honderdduizend euro.

De consument is zich nauwelijks bewust van de verschillen tussen trucks. De ene heeft het aangezicht van een vage glimlach, de andere heeft een grote mond, ze zijn allemaal hoog, frisgekleurd en voorzien van een hele batterij spiegels. Maar ook zijn het allemaal enorme brandstofzuipende en rookuitbrakende monsters. ‘Van dát beeld word ik altijd zo moe’, zegt woordvoerder Jan van Engelen van marktleider Mercedes-Benz. Onder druk van afnemers die steeds meer rendement per kilometer eisen en onder druk van Europese emissienormen, zijn bedrijfswagens de laatste jaren wonderen van schone en efficiënte brandstoftechniek geworden, zegt Van Gelderen. ‘In 1972 reed een Mercedes-truck op 1 liter brandstof 1,5 kilometer. Nu is dat met 3,8 kilometer op een liter ruim verdubbeld. Daarnaast is bij de nieuwste generatie motoren de uitstoot van vuile stoffen gedecimeerd. ‘We staan altijd in de hoek van de vervuilers, maar op dat terrein zijn de ontwikkelingen gigantisch geweest.’

Moderne trucks moeten voldoen aan de zogeheten Euro 4- of Euro 5-normen; regels op het gebied van uitstoot, die respectievelijk in juli volgend jaar en 2008 verplicht worden. Veel bedrijven slaan de Euro 4-norm maar over en maken hun motoren geschikt voor de volgende norm. Dat scheelt in de ontwikkelingskosten en de economische levensduur van de auto. Om de uitlaatgassen bij die motoren goed te kunnen reinigen moet de chauffeur een tweede vloeistof tanken; Adblue, ofwel ureum, dat wordt ingespoten in het uitlaatsysteem om de roetdeeltjes te verbranden. Van Gelderen: ‘Zeg dus niet dat chauffeurs niets aan het mileu doen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden