Dat uw boodschappen duurder worden is duidelijk - maar hoe werkt btw eigenlijk?

Waarom wordt er de ene keer 6 procent en de andere keer 21 procent aan btw gerekend?

Omstreden is niet alleen de beoogde verhoging van het lage btw--tarief. Ook de omzetbelasting op zich en het hanteren van twee tarieven behoeven uitleg.

Foto thinkstock

Naast het aquaduct, de riolering, onze kalenderindeling, reclame en fastfood hebben we nog iets aan de Romeinen te danken: de btw. De veldheren in het oude Rome gebruikten een vorm van omzetbelasting om hun legers te financieren. In dat opzicht past de verhoging van het lage btw-tarief van 6 naar 9 procent waartoe VVD, D66, CDA en ChristenUnie in hun regeerakkoord hebben besloten in een lange traditie.

De belasting over de toegevoegde waarde, ook wel omzetbelasting genoemd, is de meest omstreden betaling waartoe de overheid haar burgers verplicht. Ze wordt in principe geheven over elk product of elke dienst die een ondernemer levert of verricht (er zijn zoals altijd in het fiscale universum vanzelfsprekend uitzonderingen). De heffing drukt op de koper, maar het is de verkoper (winkelier, loodgieter, kapper) die haar namens de overheid int. 'De ondernemer is eigenlijk een onbezoldigde belastingambtenaar', grapt Ad van Doesum, hoogleraar kostprijsverhogende belastingen aan de Universiteit van Maastricht.

De btw is omstreden, omdat het voor de burger en ook voor de meeste ondernemers amper is te bevatten waarom de fiscus de ene keer slechts het lage btw-tarief van 6 procent rekent en de andere keer het volle pond van 21 procent.

Om een willekeurig voorbeeld te nemen: los verkochte glijmiddelen vallen onder het hoge tarief. Glijmiddel geleverd bij een of meerdere condooms: 6 procent. En straks dus 9 procent, als het nieuwe kabinet zijn voorstel door het parlement weet te loodsen.

Wie heeft eigenlijk bepaald dat er 6 procent btw wordt gerekend voor ongebrande pinda's en 21 procent voor pindaschaafsel? 'Daar bestaan nogal wat misverstanden over', zegt Van Doesum. Het lijkt een logische aanname dat politiek Den Haag beslist wat het btw-tarief op een dienst of product is, maar dat is niet zo. 'De btw in Europa is geharmoniseerd, maar niet voor de volle honderd procent. In de Europese btw-richtlijn staat een lijst met producten en diensten waarvoor landen een laag tarief mogen rekenen. Ze kunnen daaruit een keuze maken.'

Nultarief

Er zijn landen die geen gebruikmaken van de mogelijkheid een laag btw-tarief te rekenen voor sommige goederen en diensten. Denemarken kent bijvoorbeeld maar één btw-tarief, zegt Van Doesum. Dat ene Deense tarief is ook nog een hoge 25 procent. De Europese regel is dat het lage tarief minimaal 5 procent moet bedragen. Zoals met meer Europese zaken geldt voor bijvoorbeeld het Verenigd Koninkrijk een uitzondering. 'Toen ze in de jaren zeventig tot de Europese Unie toetraden eisten de Britten dat ze hun nultarief op eerste levensbehoeften mochten handhaven.' Daar stemde Brussel mee in: het Britse nultarief bestaat tot op de dag van vandaag.

Door de bank genomen geldt de lage omzetbelasting ook in Europees verband voor zaken die de burger nodig heeft om te overleven. Basisproducten dus, in tegenstelling tot 'luxegoederen' die onder het hoge tarief vallen. Van Doesum: 'Maar het lage tarief wordt ook toegepast voor andere doeleinden. Bijvoorbeeld om de werkgelegenheid in een specifieke, arbeidsintensieve bedrijfstak in stand te houden (bijvoorbeeld de kappersbranche), of om bepaalde diensten, zoals gezondheidszorg, betaalbaar te houden voor mensen met een lager inkomen. Medicijnen vallen onder het 6-procentstarief, net als musea.'

Wie zo weinig mogelijk belasting wil betalen, gaat alleen naar de kapper om zijn haar te laten knippen, wassen, föhnen, verven en permanenten: 6 procent btw. Wie bij de kapper ook een fles shampoo of gel koopt, betaalt over die aankoop een heffing van 21 procent. Dat laatste tarief geldt ook voor haarextensies, pruiken en toupets. Goedkope haarversieringen, zoals strikken, linten, kralen en veertjes daarentegen vallen weer onder het lage tarief. Het trimmen van een poedel: 21 procent.

'Stroomleverancier' krijgt btw terug 

Er is minimaal één rol waarin de burger btw kan terugvragen van de fiscus, net als een ondernemer. Dat is als hij zonnepanelen op zijn dak heeft liggen en de stroom die hij niet zelf gebruikt aan zijn energiebedrijf levert.

De Belastingdienst beschouwt hem dan als een 'stroomleverancier'. Wie de btw terug wil vragen die hij heeft betaald over de aanschaf en de installatie van de zonnepanelen moet zich bij de Belastingdienst aanmelden als 'ondernemer'.

Dat kan door een formulier op de website van de Belastingdienst in te vullen

Gedragsverandering

Hoe effectief is de btw als middel om de burger tot gezonde voeding aan te zetten, of te verleiden een museum te bezoeken? In een studie uit 2014 komt het Centraal Planbureau (CPB) tot de slotsom dat omzetbelasting een veel te grof middel is om gedragsverandering te bevorderen. 'Btw heffen is een vorm van indirecte belasting. Er wordt geen rekening gehouden met persoonlijke omstandigheden', zegt Van Doesum. Een rijkaard betaalt evenveel btw voor een glaasje water als een arme sloeber. 'Bij directe heffingen zoals de loon- en inkomstenbelastingen kijkt de fiscus wel of je betaald werk hebt en of je vermogen bezit.'

Het CPB stelde destijds voor slechts één btw-tarief van rond de 15 procent in te stellen. Dat zou leiden tot een 'aanzienlijke welvaartswinst', vooral voor het midden- en kleinbedrijf en voor lagere inkomens. D66-leider Alexander Pechtold gooide zijn gewicht achter het voorstel, maar dat kreeg geen steun van de meerderheid van de Tweede Kamer.

Nog iets wat eigenlijk niet is veranderd sinds de Romeinse oudheid: in tijden van economische tegenwind en oorlogen grijpt de overheid graag naar het middel van de omzetbelasting, al was het maar omdat de opbrengst van de winstbelasting in zulke omstandigheden drastisch daalt. Van Doesum: 'In de vorige financiële crisis voerden allerlei landen die tot dan toe geen omzetbelasting hieven alsnog een btw in. Landen die al een omzetbelasting hadden verhoogden hun tarieven.' Wereldwijd is er volgens Van Doesum een trend dat overheden steeds meer btw gaan heffen (terwijl de winstbelastingen voor bedrijven juist een neergaande trend vertonen).

Lees hier alles wat u moet weten over Rutte III

'Het is een samengeraapt zootje'
Bij de laatste landelijke verkiezingen ging bijna driekwart van stemmen in Tubbergen naar de vier partijen van het nieuwe kabinet. Toch is er daar weinig vertrouwen in Rutte III. 'Eerlijkheid is er niet meer in de politiek.'

Vertrouwen in de toekomst, maar ook angst voor de kiezer
Er gaat stevig geregeerd worden, is de boodschap die opklinkt uit het regeerakkoord. Maar uit de gedetailleerdheid ervan blijkt ook dat de coalitiepartners elkaar niet helemaal vertrouwen. En dan is er nog de grommende kiezer.

Een kabinet voor werkend Nederland
Gepensioneerden gaan een onzekere tijd tegemoet. Hun pensioen wordt de komende jaren niet of nauwelijks verhoogd, terwijl de inflatie wel oploopt. Werkenden kunnen dat compenseren met looneisen en zullen dat volgens de ramingen ook doen.

Rutte III-filter
Na een historisch lange formatie is het kabinet Rutte III er eindelijk. Hoe wordt het geld verdeeld? Wat hebben de partijen binnengesleept? En op welke punten gaat de coalitie het moeilijk krijgen? Wij gidsen je door het regeerakkoord.

Meer over