Dansen om een Nederlandse stichting

Bijna had de Strategic Steel Stichting, een Nederlandse stichting die vorig jaar haastig werd opgericht, hét overnamefeest van de internationale staalwereld ruw verstoord....

Op 27 januari 2006 worden de voorbereidingen voor het feest in gang gezet. De Indiase staaltycoon Lakshmi Mittal maakt dan bekend dat het zijn Luxemburgse concurrent Arcelor wil overnemen.

Arcelor is niet van die avances gediend en trekt zijn lelijkste jurk aan: de juristen van Arcelor richten op 3 april de Strategic Steel Stichting op in Den Haag en brengen een van de kroonjuwelen, de dochteronderneming Dofasco uit Canada, daarin onder. Arcelor heeft Dofasco kort daarvoor overgenomen voor 4 miljard euro; de hoofdprijs, maar Dofasco is dan ook een van de meest winstgevende staalbedrijven van Noord-Amerika. Vandaar dat ook de Duitse concurrent ThyssenKrupp Dofasco wil hebben, maar die weet Arcelor af te schudden.

In de oprichtingsakte van de stichting leggen de Luxemburgse juristen vast dat Dofasco niet aan ‘een huidige of toekomstige concurrent’ mag worden verkocht. Een listige zet, waarmee Mittal danig in de problemen komt. Want tegelijk met het uitbrengen van het overnamebod op Arcelor, heeft Mittal aan ThyssenKrupp beloofd dat het Dofasco alsnog mag kopen. De Indiërs kunnen de opbrengst goed gebruiken voor de overname van Arcelor en bovendien hebben ze al een paar bedrijven in de VS.

Uiteindelijk blijkt Arcelors gifpil niet krachtig genoeg, want Mittal zet de overnamestrijd door. Het ontkurkt op 25 juni de champagne: voor een overnamebedrag van 40 miljard dollar is het grootste staalbedrijf ter wereld, Mittal Arcelor, een feit. De Strategic Steel stichting blijft gewoon bestaan.

Een tijdje later klopt Thyssen Krupp bij Mittal aan om Dofasco op te eisen. Mittal speelt de vermoorde onschuld, en verwijst de Duitsers door naar de stichting, die nog altijd niet wil verkopen.

Thyssen Krupp stapt in januari van dit jaar boos naar de rechter in Rotterdam. Die vindt dat Mittal zijn best heeft gedaan om de afspraken na te komen, en daarom geen blaam treft. Met andere woorden: Thyssen Krupp ziet Dofasco voor de tweede keer binnen een jaar aan zijn neus voorbij gaan.

De uitspraak van de rechter wordt goed bestudeerd door het Amerikaanse ministerie van Justitie. Dat tekent bezwaar aan tegen de overname: Mittal Arcelor krijgt namelijk 81 procent van de Amerikaanse markt voor tin ‘ten oosten van de Rocky Mountains’ in handen. Met andere woorden: een monopolie. Tin wordt vooral gebruikt voor blikjes soep, fruit en groenten, en voor verpakkingen van verf en scheerschuim, dus consumenten zouden het merken als de monopolist de prijzen besluit hoog te houden.

Vandaar dat de Amerikaanse overheid aan het eind van de zomer beslist dat Mittal Arcelor haar dochter Dofasco, dat niet alleen staal maar ook tin maakt, van de hand moet doen. Maar een half jaar later blijkt Washington het vonnis uit Rotterdam als een voldongen feit te beschouwen: Dofasco zit muurvast in Mittal Arcelor. De staalgigant zal dus een ander offer moeten brengen.

Afgelopen dinsdag maakte Justitie bekend dat Mittal Arcelor negentig dagen de tijd krijgt om Sparrows Point, een dochterbedrijf dat ligt onder de rook van Baltimore, van de hand te doen. ThyssenKrupp laat woensdag weten haar onbetrouwbare danspartner Mittal niet van Sparrows Point af te willen helpen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden