Dalende goudprijs ramp voor Mbeki

VIJFENTWINTIG jaar lang heeft Petrus Maponopono in de hitte diep onder Johannesburg naar goud geboord. Het was zwaar werk, niet best betaald, maar hij kon in ieder geval zijn gezin in de arme Transkei onderhouden....

Hans Moleman

Amper een maand is Thabo Mbeki president, en de ene na de andere economische onheilstijding treft de nieuwe regering van Zuid-Afrika. De goudmijnen, de spoorwegen, telefoonbedrijf Telkom, allemaal gaan ze opeens vele duizenden banen schrappen. En dan heeft de regering haar eigen krimpplan voor het overbevolkte overheidsapparaat nog niet eens durven presenteren.

Het was voorspeld: het ambitieuze economische groeiprogramma van het ANC, dat werk belooft voor de vele miljoenen zwarte werklozen in het welvarendste land van Afrika, wordt de zwaarste opgave voor de opvolger van Nelson Mandela. Er is bijna een wonder nodig, aldus de sceptici, wil Zuid-Afrika de bedrijvigheid verwerven die de diepe kloof tussen arm en rijk kan dichten.

De crisis in de goudindustrie komt daarom hard aan. Niet alleen in Zuid-Afrika, maar ook in buurlanden als Mozambique en Zimbabwe, die tienduizenden gastarbeiders in de mijnen rond Johannesburg hebben werken. De afgelopen week daalde de goudprijs, aangejaagd door een grote verkoop van goud door de Britse staat, tot een nieuw dieptepunt.

Voor de grote Zuid-Afrikaanse goudmijnen was het aanleiding om te waarschuwen dat nu snel een derde van de resterende 219 duizend banen in de sector moeten worden geschrapt. Drie jaar geleden werkten er nog 350 duizend arbeiders: dat was voordat de mijnen een rigoureuze reorganisatie begonnen om de produktiekosten omlaag te brengen, teneinde de dalende goudprijs nog te kunnen bijbenen.

Nu is de prijs zo laag dat het einde nabij lijkt voor een bedrijfstak die ooit de trots van het land was. Het probleem is pijnlijk simpel: het meeste goud van Johannesburg zit te diep onder de grond voor een rendabele produktie. De winning van het edelmetaal kost veel meer dan bijvoorbeeld in Brazilië, waar het dichter aan de oppervlakte zit.

Een Zuid-Afrikaanse mijngigant als Anglogold is daarom sinds kort druk aan het investeren in mijnen elders ter wereld. Een ounce goud uit Brazilië kost het bedrijf 122 dollar, een ounce uit het thuisland ruim 300 dollar. Anglogold wil ook niet langer investeren in mijnen die boven de 200 dollar per ounce zitten. Het is het doodvonnis voor de oude mijnindustrie van Zuid-Afrika.

Thabo Mbeki kan het slechts machteloos aanzien. Hij wil zijn nieuwe minister van Mijnbouw weliswaar nog op een wanhoopstour door Europa sturen, om regeringen tot meer terughoudendheid bij grootschalige verkoop van goudvoorraden te bewegen, maar de econoom Mbeki weet dat het vooral een gebaar voor de bühne is.

Ook bij de overheid zelf is de toestand niet hoopgevend. De regering weet dat er fors moet worden gestreept in de bureaucratie, maar talmt tot dusverre met al te concrete plannen. Spoornet, de verliesgevende spoorwegen, heeft nu het spits afgebeten: eenderde van het personeel moet eruit. Dat doet het ergste vrezen voor wat er nog op stapel staat voor andere branches van de onder de apartheid overvet geworden Zuid-Afrikaanse staatsmachinerie.

Tot dusverre heeft het ANC geen aanstalten gemaakt hier het mes in te zetten, omdat het een prachtige sector was om de eigen achterban aan banen te helpen. Maar Mandela waarschuwde vorig jaar al dat de overheid geen werkverschaffingsproject is. Het saneren komt nu op het bord van Mkebi terecht, die op voorhand kan rekenen op groot verzet van de machtige ambtenarenbonden.

Waar de nieuwe banen dan wel vandaan moeten komen? Sommige gestaalde kaders binnen het ANC hopen dat grote investeringsprogramma's in de infrastructuur een economische impuls zullen geven. Maar daar is nooit genoeg geld voor, en daar waar het gebeurt levert het geen bestendige banen op. Als bijvoorbeeld de nieuwe 'transportcorridor' naar Maputo klaar is, kunnen de wegenbouwers weer naar huis.

Dus blijft alleen de private sector over, en ook daar is de situatie niet om over naar huis te schrijven. De afgelopen vijf jaar schrapte het Zuid-Afrikaanse bedrijfsleven al ruim 300 duizend banen, en er zijn te weinig signalen dat die tendens zal keren. Nu de beschermde markt van de apartheid voorbij is en de lokale industrie moet concurreren op de wereldmarkt, blijkt Zuid-Afrika niet het paradijs.

Een recent onderzoek van de internationale management consultantsfirma AT Kearney onder de grote wereldconcerns onderstreept het nog eens. Zuid-Afrika haalt als het om hun voorkeur gaat zelfs de top 25 niet. Het is met een 29ste positie wel het eerste Afrikaanse land op de ranglijst, maar dat is een schrale troost. Het land van Mbeki is in de ogen van de meeste investeerders te duur, te weinig productief, er is te weinig koopkrachtige markt in de regio, en anders zijn het wel de misdaadcijfers die afschrikken.

Zelfs van het toerisme, voorbestemd om de grootste bedrijfstak op aarde te worden, mag Zuid-Afrika geen wonderen verwachten. De sector is nu goed voor 750 duizend banen, maar de groei is minder sterk dan gehoopt. Het zijn ontmoedigende economische gegevens voor Thabo Mbeki.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden