NieuwsFlying-V

Crash bij de landing, maar testvlucht toont: futuristische Flying-V kan vliegen

De Flying-V vliegt, maar er moet nog wel wat worden verbeterd aan de revolutionaire ‘vliegende vleugel’ waaraan de TU Delft sinds drie jaar werkt, wijst een testvlucht in Duitsland uit. Dit opvallende vliegtuig zou veel efficiënter vliegen dan traditionele varianten.

Schaalmodel van de Flying-V, die deze zomer zijn luchtdoop beleefde.Beeld Henri Werij

Het bijzondere aan de vliegende vleugel, die samen met Airbus wordt ontwikkeld, is dat romp en vleugels één geheel vormen, in plaats van losse vleugels waaronder de motoren hangen. De Flying-V verbruikt volgens wiskundige berekeningen 20 procent minder brandstof dan het jongste en zuinigste toestel van Airbus, de A350.

Projectleider Roelof Vos, een van de ingenieurs die de testvlucht uitvoerden, sprak dinsdag van een succes, omdat de proef onontbeerlijke meetgegevens heeft opgeleverd over de aerodynamische eigenschappen van de Flying-V. Met de gegevens die de ene vlucht van vijf minuten heeft opgeleverd, passen de onderzoekers ook de software aan van de simulator waarmee piloten worden getraind die het toestel moeten vliegen.

‘De data van de testvlucht kunnen we nu in onze modellen invoeren om de stabiliteit van het toestel te verbeteren’, aldus Vos. Bij de testvlucht bleek het toestel in de lucht soms te ‘wiebelen’. ‘De piloot moest veel werk verzetten om het vliegtuig recht te houden.’ Het modelvliegtuig van 22 kilo zwaar en een spanwijdte van drie meter werd op afstand bestuurd.

Vanwege de instabiliteit moest de Flying-V landen op zijn neuswiel. Die brak daarbij af. Nieuwe testvluchten zullen mede daarom vermoedelijk pas volgend jaar plaatsvinden. Vos: ‘We moeten het toestel nu eerst repareren.’

In 2050?

Wanneer de Flying-V werkelijk het luchtruim kiest met passagiers of zelfs alleen maar met piloten, kunnen deskundigen niet zeggen. Topman Pieter Elbers van KLM zei vorig jaar uit te gaan van 2050. De Nederlandse luchtvaartmaatschappij besloot vorig jaar het onderzoek in Delft te sponsoren ter gelegenheid van de viering van zijn honderdjarig bestaan. Elbers: ‘Wij willen laten zien dat we niet alleen duurzaamheid prediken maar ook daadwerkelijk stappen zetten.’ 

Volgens Daniel Reckzeh, onderzoeksmanager bij Airbus, is het moeilijk te zeggen wanneer een echte Flying-V zijn luchtdoop zal beleven. ‘Het duurt gemiddeld al zeven jaar voor wij een nieuw type klaar hebben van een conventioneel vliegtuig.’ 

Hoewel er al variaties bestaan op de vliegende vleugels, zoals de Northrop B-2 stealth bommenwerper, is een uitvoering met honderden passagiers nooit vertoond. ‘Wat wij nu doen is alle voorbereidingen treffen die aan die periode van zeven jaar voorafgaan’, aldus Vos. Zo werd de Concorde, het Frans-Britse supersonische vliegtuig, op papier geboren in 1955. De eerste toestellen vlogen veertien jaar later.

Flying-V model bij testvlucht op een Duitse luchtmachtbasis, in juli van dit jaar.Beeld Malcom Brown

Meer vleugel

De Delftse Flying-V borduurt voort op het ontwerp van een vliegende vleugel die de Duitse ingenieur Justus Benad vijf jaar geleden voltooide tijdens een stage bij Airbus. Ook hij voerde met een model een testvlucht uit. ‘Benad wierp zijn vliegtuig de lucht in, waarna het doorvloog op de motor’, legt Vos uit. ‘Wij wilden laten zien dat de Flying-V ook kan opstijgen en landen.’ Ook had Benads testmodel geen meetapparatuur aan boord.

De Flying-V vliegt volgens het huidige ontwerp nog op kerosine, maar het concept biedt volgens Reckzeh de mogelijkheid om andere, duurzamere brandstoffen te gebruiken, zoals waterstof. ‘De huidige toestellen slaan nu kerosine op in de vleugels, maar die zijn dun, dus daar past niet veel in. In de dikkere vleugels van de Flying-V kunnen we meer kwijt.’ Dat is voor belang voor waterstof, dat een veel lagere energiedichtheid heeft dan kerosine en dus grotere tanks vereist.

Lees verder: Vliegende vleugel heeft al een hele toekomst achter zich

De TU Delft en KLM werken samen aan een nieuw type verkeersvliegtuig dat eenvijfde minder kerosine verbruikt dan de meeste huidige toestellen. Hoeveel kans maakt deze vliegende vleugel? Zes vragen over de Flying-V

In 2007 zocht de TU Delft al een nieuwe generatie onderzoekers die een nieuwe generatie vliegtuigen zou gaan ontwerpen: een vliegende vleugel. Het idee ervoor ontstond al in 1910. Toen was het credo al: weg met die romp en die vleugels, aldus redacteur én luchtvaartingenieur Michael Persson.

Flying-V still uit YouTube teaserfilmpje TU Delft.Beeld Edwin Wallet - Studio OSO
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden