Interview

Controle besteding EU-miljarden geeft 'deprimerend beeld'

De Europese Unie kan haar miljarden veel zinvoller en efficiënter besteden, stelt Alex Brenninkmeijer, het Nederlandse lid van de Europese Rekenkamer. Hoe? Door simpel de vraag te stellen: is het doel wel nuttig waaraan het geld wordt besteed? Vandaag zal de Europese Rekenkamer voor het 22ste jaar op rij geen goedkeuring geven aan de besteding van de EU-miljarden.

Het Nederlands lid van de Europese Rekenkamer Prof. dr. Alex Brenninkmeijer. Beeld Mike Roelofs

In krap twee minuten schetst Alex Brenninkmeijer, staande voor een ouderwetse flip-over met papier, de onmacht van de Europese Rekenkamer waarvoor hij werkt. Eerste vierkant: jaarlijks doet de Europese Unie miljoenen betalingen. Tweede vierkant: de Rekenkamer controleert er 1.200. Derde vierkant: het aangetroffen foutenpercentage: 3,8 procent voor 2015. 'Maar dit cijfer zegt helemaal niets', stelt Brenninkmeijer terwijl hij de dop op de groene viltstift schroeft. 'Het vertelt ons niet in welke landen de risico's het grootst zijn, bij welk soort projecten, laat staan dat de lidstaten er iets van leren.'

Vandaag presenteert de Rekenkamer haar jaarverslag over de besteding van het EU-budget 2015 (145,2 miljard euro). En voor het 22ste jaar op rij blijft een goedkeurende verklaring uit over de rechtmatigheid van die uitgaven. 'Een volstrekt deprimerend beeld', beaamt Brenninkmeijer. 'Zeker omdat het Europees Parlement en de lidstaten vervolgens overgaan tot de orde van de dag. Dat voedt het vermoeden dat ze het eigenlijk niets kan schelen.'

Nu wordt het de EU-landen ook wel makkelijk gemaakt om te duiken, erkent het Nederlandse lid van de Europese Rekenkamer. Die steekproef van 1.200 gecontroleerde projecten is namelijk maar een fractie van een fractie van de miljoenen betalingen. 'We kunnen er niet eens een percentage op plakken. De kans dat een bedrijf dat dit jaar wordt berispt, volgend jaar opnieuw in de steekproef zit, is nihil. Het is net vlooienspel, weinig leerzaam.'

EU-budget

145,2 miljard euro. 80 Procent van EU-begroting wordt door de lidstaten uitgegeven. 40procent gaat naar de landbouw, 35procent naar steun voor regio's, ruim 11procent voor groei en banen.

Is er in die 22 jaar niets veranderd?

'Sinds 1994 zijn de financiële rapportages van zowel de Europese Commissie als de lidstaten enorm verbeterd. Datzelfde geldt voor de openbare aanbesteding van projecten met Europees geld, dat verloopt nu veel eerlijker. Verder beschikken we inmiddels over een systeem voor landmeting dat veel fouten bij landbouwsubsidies voorkomt.'

Goedkeurende verklaring

Voor de 22ste keer op rij niet afgegeven, de Rekenkamer hanteert 2 procent fouten als bovengrens.

Waarom zien we die verbeteringen niet terug in het jaarlijkse foutenpercentage?

'Vanwege onze beperkte methodologie. Statistisch is onze steekproef wetenschappelijk verantwoord, maar ze is veel te klein om iets zinnigs te zeggen over de risico's. Je moet de steekproef vergroten naar 10 duizend projecten, maar dat kost honderden miljoenen en dan nog is er niet zo veel meer zekerheid. Of we verkleinen de steekproef en graven dan echt diep naar risicopatronen.'

Waarom gebeurt dat niet?

'Het Europees Verdrag schrijft voor dat wij controleren op basis van de financiële transacties. Dat resulteerde 20 jaar geleden in een complexe methodologie, een heel ingewikkeld bouwwerk waarop de Rekenkamer is ingericht. Het is een tanker, die verandert niet zo maar van koers.'

De Rekenkamer biedt schijnzekerheid met dat foutenpercentage.

'De lidstaten kunnen er niets mee, dat is correct. Het Europees Parlement zegt: 'Ga zo door! Wij vinden dat percentage een fantastische samenvatting van uw bevindingen.' Daar heeft het gelijk in, maar de vervolgvraag is: een samenvatting van wat? Die vraag stelt het Parlement niet. Wat mij fascineert, en beschouw dat gerust als een understatement, is dat de Rekenkamer die 1.200 projecten uit de steekproef allemaal zelf controleert: 1.200 reizen naar lidstaten, met inspecteurs, hotels, vliegreizen. Dat moeten we niet doen. De Rekenkamer moet de financiële gegevens waarover de Commissie beschikt controleren. Dat is goedkoper en effectiever. Dat is mijn hartenwens.'

Foutenpercentage

3,8 procent (circa 5,5 miljard euro). Betreft merendeels onregelmatigheden (onterechte declaraties, geen bonnetjes). Aangetroffen fraude is minimaal. Foutenpercentage schommelt al jaren tussen 3,5 en 4,5 procent.

Het groeiende ongenoegen over de EU spitst zich niet toe op een foutenpercentage maar op de vraag of de EU überhaupt geld moet uitgeven. Waarom richt de Rekenkamer zich niet op het nut van het budget?

'Onze speciale rapporten gaan over de doelmatigheid van EU-subsidies. We onderzochten het gebruik van EU-geld voor de aanleg van wegen en waarom de kilometerprijs in Duitsland veel lager is dan in Polen. Daar kunnen de landen wat mee.'

Meeste fouten

Bij de EU-subsidies voor regio's (5,2 procent); voor banen en groei (4,4 procent); landbouw (2,9 procent).

Is de vraag niet of er sowieso wegen aangelegd moeten worden met EU-geld? Of onverkoopbare melk gesubsidieerd?

'Dat soort vragen moeten inderdaad veel meer gesteld worden. Niet alleen: heeft u bereikt wat u wilde bereiken? Maar: was het doel wel nuttig? Op dat moment belandt de Rekenkamer echter midden in de politieke discussie. Want de lidstaten bepalen waar het geld naartoe gaat.'

Biedt de Brexit geen kans de EU-begroting open te breken? Een grote nettobetaler valt weg, veranderingen zijn onvermijdelijk.

'Het biedt zeker een unieke kans. Dat we niet meer kijken over welke landen en projecten het geld wordt verdeeld maar op basis van welke uitgangspunten. Budgetcommissaris Kristalina Georgieva noemde de Europese meerjarenbegroting onlangs een vredesakkoord, gestold wantrouwen tussen de lidstaten. Het effect is dat er steeds zeven jaar geen zinvolle discussie wordt gevoerd over wat we met het geld doen. De huidige EU-begroting is een begroting van het verleden.'

Lidstaten

Negeren grotendeels de aanbevelingen en waarschuwingen van de Rekenkamer. Gebruik van die informatie zou het foutenpercentage met eenderde terugdringen.

Wat moet er veranderen?

'Een verschuiving van geld zoekt project, naar project zoekt geld. Niet meer driekwart van het budget naar landbouw en minder ontwikkelde regio's maar de plicht met goede projecten te komen.'

Blijven landen niet proberen zo veel mogelijk geld binnen te harken?

'Het is juist deze politiek die de burgers afstoot. Het is positioneel onderhandelen: een land heeft een belang, spijkert die positie zo goed mogelijk dicht en vervolgens gaan de hakken in het zand en begint het touwtrekken. Dynamiek zonder voortgang. Je kunt ook integratief onderhandelen, dan breng je eerst de belangen in kaart en kijk je waar die overlappen. Mijn ervaring met conflictbemiddeling leert dat 60 procent van de belangen gelijkgericht zijn. Met Europese samenwerking kun je een race to the bottom - steeds lagere lonen, steeds meer belasting ontduiken - ombuigen in een race to the top.'

U pleitte vorig jaar voor een Europese 'Bretton Woods', een speciale conferentie van de regeringsleiders om de EU te herijken en te redden. Was de speciale top in Bratislava vorige maand een goede aanzet?

'Nee, iedereen zit nog in de reflex van crisis bezweren. Ik hoop van harte dat de Brexit leidt tot een fundamentele discussie: waar staat de EU voor? Maar de tijdgeest is er een van geslotenheid. Het is niet zo dat als een paar slimme leiders zeggen 'zo gaan we het doen', iedereen daarachter gaat staan. Merkel en Rutte zijn meer bezig met het managen van hun dagelijkse problemen dan met een groter plan. Daar is geen ruimte en energie voor.'

Misschien is het niet een kwestie van tijdgeest maar het einde van een tijdperk: de EU heeft goed gewerkt maar nu is het voorbij.

'Voor het Verenigd Koninkrijk is Europa inderdaad over. Nu moet er een echtscheiding komen. Wat gaat gebeuren is zo complex dat hele horden juristen en accountants bezig gaan met ontvlechten. Ik vraag me af of Londen dat gaat lukken. Europa is zo'n gigantische, fundamentele vervlechting, die valt niet meer uit elkaar te trekken. Je kunt van een omelet geen eieren meer maken.'

Alex Brenninkmeijer (65) is sinds 2014 het Nederlandse lid bij de Europese Rekenkamer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.